Dit gesprek vond plaats naar aanleiding van het Flanders Liedfest, het festival in Mechelen waar internationaal gelauwerd tenor Jan van Elsacker binnenkort het podium betreedt. Hij brengt er niet zomaar repertoire, maar eert er met enkele liederen en verhalen zijn eigen grootvader: componist Gaston Feremans.
Jan, je hebt je grootvader nooit persoonlijk gekend, aangezien hij in februari 1964 op 56-jarige leeftijd overleed en jij in 1965 bent geboren. Hoe heb je hem dan toch zo goed leren kennen?
Jan knikt nadenkend en neemt even de tijd om de herinneringen op te halen. "Dat klopt," begint hij. "Maar als jonge knaap van een jaar of zestien luisterde ik haast dagelijks naar zijn platen en ben ik me stilaan in zijn partituren gaan verdiepen. Tegenwoordig ben ik ook dikke mappen met zijn persoonlijke brieven aan het doorploegen, bewaard in het Letterenhuis. Dan zie je pas in wat voor netwerk hij zat: er is briefwisseling met Willem Elschot, Stijn Streuvels en dichter Karel Vertommen, die heel wat teksten voor hem schreef. Onlangs vond ik in de archiefstukken zelfs nog een bijzonder manuscript met een opdrachtenstempel aan André Rieu Sr., de vader van de bekende violist, die toen dirigent was in Amsterdam! Door die documenten leer ik de man achter de muziek echt kennen."
En die man was een heus muzikaal wonderkind?
"Hij was enorm begaafd, ja. Geboren onder de Mechelse Sint-Romboutstoren, zong hij als kind al aria's uit Die Schöpfung met een prachtige tenorstem en speelde hij op jonge leeftijd al het aartsmoeilijke Eerste Pianoconcert van de Jong. Hij werd erg jong directeur van de academie in Aalst en later ook directeur van het N.I.R., de toenmalige Vlaamse Radio. Maar hij kende helaas ook heel veel tragiek."
Je doelt daarmee op de oorlogsjaren en de zware periode daarna?
Jan zucht even en beaamt dit volmondig. "Omdat hij uitgesproken flamingant was en tijdens de bezetting bij de radio werkte, werd hij in 1945 gearresteerd. Dat gebeurde uitgerekend op de dag dat mijn moeder, Marina, haar eerste communie deed. Na zijn vrijlating werden hem zijn burgerrechten ontnomen. Om zijn grote gezin te onderhouden werkte hij als koster in de Sint-Antoniuskerk in Antwerpen en orkestreerde hij, puur uit geldnood, heel wat werken van zijn collega Jules Van Nuffel voor de radio. Aan hem en aan componist Jef Van Hoof koesterde hij trouwens wel een diep respect. Helaas is mijn grootvader de rest van zijn leven zwaar ziek gebleven."
Na deze harde realiteit valt Jan even wat stiller, maar er verschijnt snel weer een ontroerde blik in zijn ogen. "Maar muziek was voor hem ook in die donkere tijden een echte loutering. In dat ijskoude gevangenenkamp richtte hij het 'Feremanskoor' op, in de volksmond ook wel het 'Klompenkoor' genoemd. Toen ze voor kerstmis zijn speciaal gecomponeerde Missa Recollectionis (Mis van Inkeer) repeteerden, braken de mannen al bij het eerste Kyrie in tranen uit. De muziek gaf hen een glinstering van geluk in een inktzwarte periode.” Of zoals ze het toen zelf citeerden: “Meester Feremans had wekenlang gewerkt aan een driestemmige mis. Het was bitter koud en er was geen vuur in de barakken. Aan de dakrand van de kapelbarak hingen ijskegels van een meter lang. Maar elke namiddag werd er gezongen en gewerkt. Bij de eerste klanken van het Kyrie brak de opgekropte pijn open. Tranen rolden over ieders wangen — tranen van verdriet, maar ook een niet te bepalen glinstering van verinnigd geluk dat voor velen een echte ster werd in die donkere dagen."
Er zat dus veel pijn in zijn leven. Maar ik begrijp dat hij ook een heel spitsvondig, muzikaal talent bezat?
Bij die gedachte begint Jan hartelijk te lachen. "Absoluut! Mijn nonkel Jan, de oudste zoon van Gaston, vroeg me vroeger wel eens of ik kon improviseren op de piano. Hij vertelde me toen dat mijn grootvader eens op een officiële gelegenheid de Brabançonne moest spelen. Wel, als overtuigd Vlaming wist hij daar toen op een uiterst subtiele manier de melodie van De Vlaamse Leeuw doorheen te weven. Dat typeert hem gewoon helemaal. Op het einde van zijn leven werkte hij met diezelfde passie aan een gigantisch droomproject, de Geuzensymfonie, op teksten van Karel Vertommen. Door zijn vroege dood is dat helaas nooit voltooid."
Die oom Jan was trouwens ook heel belangrijk voor de muzikale erfenis, niet?
"Heel zeker," beaamt Jan met veel warmte in zijn stem. "Nonkel Jan was ingenieur, maar zelf ook heel muzikaal begaafd. Hij heeft een enorm groot deel van het oeuvre van zijn vader gedigitaliseerd. In 1997 organiseerde hij nog een groot herdenkingsconcert voor de 90e geboortedag van Gaston. En in 2007 liet de Marnixring “Gaston Feremans” Het Bronzen Hart en Concerto Grosso opnieuw uitvoeren. Mijn nonkel Jan zat er. Tijdens de repetitie zag ik hoe hij meermaals geëmotioneerd raakte. Voor hem waren het niet zomaar composities. Hij had zijn vader deze muziek zien schrijven en had die periode zelf meegemaakt. De combinatie van herinnering, gemis en trots maakte diepe indruk. Dat beeld draag ik vandaag nog altijd mee." Jan voegde er nog aan toe dat Het Bronzen Hart eigenlijk een personificatie is van de Sint-Romboutstoren. Gaston had immers zijn hart verloren aan toren én kathedraal.
Je zingt zelf op internationaal niveau, maar je stond als kind al op de planken. Zat dat muzikale bloed er toen al in?
Jan schiet in de lach. "Dat mag je wel stellen! Weet je dat ik in 1977 als jonge knaap heb meegezongen in Hoe de slakken een huisje kregen, een jeugdcantate gebaseerd op een sprookje van koningin Fabiola? Ik mocht de solo zingen van Yogo, het slakje. Jaren later, toen Fabiola zwaar ziek was, zocht de radio materiaal van haar en toen hebben ze die oude opname met mijn 'slakkensolo' nog eens uit de VRT-archieven opgediept!"
Schitterend! Om even terug te keren naar de muziek van je grootvader: wat zie jij als zanger in zijn werk, en wat raad je mensen aan die hem nog niet kennen?
"Gaston Feremans' werk valt onder de postromantiek en kenmerkt zich door een extreem rijke harmonisatie en orkestratie," legt Jan terug serieus uit. "Zijn absolute meesterwerk is Het Bronzen Hart, een ode aan de Sint-Romboutstoren in Mechelen waarin hij een beiaard — op een thema van Jef Denyn — met een symfonieorkest combineert. Maar voor wie hem wil ontdekken, raad ik echt zijn briljante volksliedbewerkingen aan, zoals 't Sneeuwwit vogeltje of Heer Halewyn. Wat hij daarvan gemaakt heeft, bezorgt je werkelijk kippenvel."
Jan neemt even pauze en vult dan aan: "Voor mij persoonlijk is het altijd zoeken welke werken goed bij mijn stem passen. Ik selecteer dat repertoire uiterst zorgvuldig, want zijn muziek vraagt bij het zingen veel ruimte en openheid. Het is trouwens een mooi toeval dat ik aan het conservatorium nog zang heb gestudeerd bij Liane Jespers. Zij zong en nam, destijds onder leiding van dirigent Staf Nees, enorm veel van zijn werk op en was de absolute lievelingszangeres van mijn grootvader."
Er lijkt momenteel een heuse herontdekking van zijn werk bezig. Waar kunnen we zijn muziek binnenkort opnieuw beluisteren?
"Er beweegt momenteel heel wat!" vertelt hij trots. "Zo werd ik onlangs gecontacteerd vanuit Aalst. Na een moment van stevige ongerustheid kregen we fantastisch nieuws: het originele handschrift van zijn Priester Daenscantate uit 1939, dat door de oorlog nooit was uitgevoerd, lag veilig en wel in de archieven van het Letterenhuis. In Aalst hopen ze dat pas ontdekte werk op 10 november 2027 eindelijk te kunnen laten klinken. Daarnaast is er het Vlaamse Liedfest in Mechelen, gedragen door pianist Aaron Wajnberg en de Marnixring. Daar zijn heel wat mooie initiatieven rond mijn grootvader gepland, waarbij ikzelf het podium op mag om enkele liederen te zingen en te vertellen over zijn leven. Er staat eind januari ook een groter, officieel concert op de planning, waar men onder andere zijn mooiste liedercyclus, De Jaarkrans, zal uitvoeren."
U vraagt zich na het lezen van dit stuk wellicht in godsnaam af waarom de titel van dit interview 'Jubel!' is? Wel, ga dan zeker naar het Flanders Liedfest, want daar zal Jan, met een beetje geluk, u de uitkomst op deze vraag bieden. Waarschijnlijk zal het een emotioneel antwoord worden... net zoals de muziek zelf en het hele vervolg van de dag!
