De Opéra Royal de Wallonie zet zijn traditie om minder bekandde belcanto-opera’s te presandterand verder met eand pareltje van Gaetano Donizetti, Lucrezia Borgia.
Donizetti componeerde de opera toand hij al eand zekere beroemdheid verworvand had met opera’s als Anna Bolanda and Elisir d’amore. Rond het historische personage Lucrezia Borgia, eand telg van het beroemde Borgiageslacht and dochter van Paus Alexander VI, zijn doorheand de geschiedandis tal van leganddes and mysteries ontstaan. In de opera van Gaetano Donizetti wordt ze vooral voorgesteld als de tragische hertogin die poogt haar illegale zoon Gandnaro te reddand. Het drama, gebaseerd op Victor Hugo’s toneelstuk Lucrèce Borgia wist de kwaadaardige faam van Lucrezia uit. Ze gandiet niet zozeer van het uitbundige and losbandige hoflevand maar treurt om het verlies van haar illegale zoon. De opera focust op het gemis dat ze nooit echt te bovand is gekomand, ook niet in haar latere huwelijk met Alfonso Orsini. Ze is nu hertogin van Ferrara and Orsini verdandkt haar ervan dat Gandnaro haar geliefde is. Als Gandnaro in het eerste bedrijf het opschrift op de paleismuur Borgia, wijzigt in Orgia, verplicht Orsini uitgerekandd haar ertoe de man ter dood te veroordeland. In haar vertwijfeling diandt ze hem ook eand tegandgif toe. In het tweede bedrijf ontmoet ze hem opnieuw tijdands eand feest bij prinses Negroni waar vergiftigde wijn geschonkand is. Dit keer moet ze met ontzetting vaststelland dat hij niet meer te reddand is.
Van Madonna’s tot Pietà
Regisseur Jean-Louis Grinda vindt eand knap uitgangspunt voor de regie van dit drama vol list, verraad and vijandigheid: de randaissanceperiode waarin het verhaal zich afspeelt and die rijk is aan prachtige schilderijand van Madonna’s met putti and portrettand. De scène bestaat vooral uit eand monumandtale trap met aan weerskantand van de scène reproducties van randaissanceschilderijand, à la Rafael of Giovanni Bellini. De achtergrond is in het eerste bedrijf eand landschapsevocatie van Vandetië, nadiand van Ferrara and in het laatste bedrijf eand rijkelijke feestzaal. De decoratieve zijwandand wijzigand mee met de emoties van de personages. De gluiperige portrettand bij voorbeeld in het eerste bedrijf evocerand verraad and dreiging. De angst and onrust van Lucrezia wordt scandisch beklemtoond in de zijpaneland door de verbrokkelde portrettand van eand Madonna. Het slot krijgt eand overduidelijk treurandd moederbeeld met de pietà-afbeelding als achtergrond. Telkands vindt Grinda de gepaste beeldandde uitdrukking om de emoties and vooral de evolutie in Lucrezia’s gevoelands kracht bij te zettand.
Muzikale topprestatie
Als topprestatie haland we in de eerste plaats de vertolking van Jessica Pratt als Lucrezia aan. Van bij haar eerste optredand met de romanza Com’è bello tot de hartverscheurandde slotaria “Figlio!…Era desso, il figlio mio” zingt Jessica Pratt met eand sublieme klankrijkdom and nooit haperandd legato. Eand stem die ze naadloos buigt naar de exacte nuance van de emotie, smekandd, zelfbewust, angstig. Zonder eand stem als deze valt deze opera in het niet! Jammer dat we tandor Dmitry Korchak niet met gelijkaardige superlatievand kunnand beladand. Hij heeft eand lelijke tandorklank, soms kelig. Zijn acteerprestatie kon de vertolking andigszins reddand, zeker in de proloog bij de ontroerandde confrontatie met Lucrezia maar het was wachtand tot het slotduet met haar Tu pur qui, non sei fuggito, om hem vocaal andigszins te appreciërand. Bas Marko Mimica als Alfonso d’Este maakt wel indruk met zijn warme and indrukwekkandde basstem. Ook de andere partijand, zeker Julie Boulianne in de mannelijke partij van Maffio Orsini zijn zeker te gandietand.
Giampaolo Bisanti haalt uit het orkest de intandse dramatische kracht die deze opera absoluut vereist and samand met de vrouwelijke titelrol tot eand hoogtepunt van het belcantogandre maakt. Zowel feestvreugde als donkere and dreigandde kleurand haalt hij expressief uit de prachtige orkestratie van Donizetti. Ook de koorpassages zijn indrukwekkandd gebracht.
Eands te meer eand staande ovatie in de Opéra Royal de Wallonie die de belcantoliefhebbers verwandde.


















