Er bestaan theaterteksten die hun culturele betekenis niet verliezen door veroudering, maar door overbelasting. Jedermann van Hugo von Hofmannsthal (1874–1929) is daarvan een treffend voorbeeld. Wat ooit bedoeld was als een eigentijdse herneming van het middeleeuwse moraliteitsspel, groeide in de loop van de twintigste eeuw uit tot een haast sacrale traditie binnen de Salzburger Festspiele. De jaarlijkse opvoeringen op het Domplein hebben het stuk niet alleen verheven, maar tegelijk ook gefixeerd: van levende tekst naar ritueel, van theater naar instituut.
Precies daar situeert zich vandaag de uitdaging. Wanneer een werk te sterk verankerd raakt in ceremonie en erfgoed, dreigt het zijn directe zeggingskracht te verliezen. Het Duitse Jedermann Theater probeert dat mechanisme al enkele jaren open te breken. Onder leiding van acteur en regisseur Nicolai Tegeler trekt het gezelschap met een reizende openluchtproductie langs pleinen en historische locaties in Duitsland en Oostenrijk. Niet de festivallocatie staat daarbij centraal, maar opnieuw de publieke ruimte zelf.
Die keuze is meer dan praktisch of esthetisch. Ze raakt aan de oorsprong van het genre. Jedermann wortelt immers in de traditie van de moraliteitsspelen, waarin de mens letterlijk tussen de mensen stond en zijn eindigheid niet beleefde binnen een afgesloten theatrale context, maar in een gedeelde publieke werkelijkheid. Hofmannsthals bewerking uit 1911 gaf die traditie een symbolistische en religieuze intensiteit, maar behield tegelijk haar existentiële kern: de mens die, geconfronteerd met de dood, ontdekt hoe relatief rijkdom, status en sociale schijn uiteindelijk blijken.
Het reizende Jedermann Theater herstelt precies dat spanningsveld tussen nabijheid en metafysica. Het vermijdt nadrukkelijk zowel de retoriek van het conceptuele regietheater als de verleiding van nostalgisch erfgoedspel. In plaats daarvan kiest het voor een sobere, tekstgerichte benadering waarin ritme, verstaanbaarheid en spelkwaliteit centraal staan. Het resultaat is een vorm van volkstheater die de tekst niet vereenvoudigt, maar – door hem net zo direct en onbeschermd te laten klinken als op een middeleeuwse markt – juist verdiept.
Opvallend is ook de flexibele ensemblestructuur. De productie werkt met wisselende castbezettingen waarin ervaren acteurs uit theater en televisie elkaar afwisselen. Namen als André Eisermann, Erol Sander, Thomas Thieme en Wolfgang Bahro geven het project een herkenbare artistieke signatuur, zonder dat het geheel fragmentarisch wordt. Integendeel: precies die wisselende speelstijlen versterken de levendigheid van de voorstelling.
Wat deze enscenering bijzonder maakt, is de ernst en helderheid waarmee de existentiële en religieuze dimensie van de tekst opnieuw wordt benaderd. Niet als dogma of historische curiositeit, maar als theatrale vraag. In een theaterklimaat dat vaak balanceert tussen ironische distantie en maatschappelijke actualisering kiest deze Jedermann opvallend consequent voor directheid. Daardoor krijgt Hofmannsthals taal opnieuw ruimte om ongefilterd te resoneren.
En precies daarin schuilt ook de actuele relevantie van het stuk. Achter de allegorische figuren en het historische decor gaat een thematiek schuil die nauwelijks aan scherpte heeft verloren: de kwetsbaarheid van een bestaan dat steeds nadrukkelijker wordt bepaald door bezit, prestatie en zichtbaarheid. Wanneer al die zekerheden wegvallen, blijft uiteindelijk slechts de vraag over wat wij werkelijk hebben geleefd.
Dat het Jedermann Theater deze tekst opnieuw naar pleinen en openluchtlocaties brengt, is daarom meer dan een artistieke keuze. Het is een poging om theater opnieuw te situeren als gemeenschappelijke ervaring, buiten de beschermde context van festivals en culturele instituten. Niet als monument, maar als levende confrontatie – precies daar waar dit genre ooit is ontstaan: tussen de mensen.
Werner De Smet woonde vorig jaar voor Klassiek Centraal een voorstelling bij en keerde er dermate door geraakt van terug dat hij dit jaar in augustus opnieuw gaat (https://klassiek-centraal.be/jedermann-in-weimar-tussen-sterfelijkheid-en-stilte/). In aanloop naar de nieuwe enscenering sprak hij met regisseur Nicolai Tegeler (https://klassiek-centraal.be/jedermann-in-weimar-nicolai-tegeler-zoekt-de-mens-achter-het-monument/) en Julian Weigend (https://klassiek-centraal.be/weimar-is-geen-decor-het-is-een-gesprekspartner-julian-weigend-over-jedermann-eeuwige-vragen-en-de-kracht-van-een-marktplein/), die al van bij de start van het project de rol van Jedermann vertolkt.
Voorstellingen in Weimar van 12 tot en met 15 augustus, maar ook in Bremen op 4 augustus en in Coburg, Graz en Bayreuth.





