Het fantastische Laus Polyphoniae in het al even fantastische Antwerpen opende met een affiche om u tegen te zeggen: Tenebrae onder leiding van Nigel Short bracht delen uit Tenebrae Responsories van Tomás Luis de Victoria, gevolgd door diens zesstemmige Missa pro Defunctis, het requiem dat hij componeerde naar aanleiding van het overlijden van Maria van Spanje in 1603, zijn beschermvrouwe. Wie Victoria kent én het koor Tenebrae, weet dat dit op papier al een match made in heaven is.
Het concert werd live uitgezonden op Klara. Het ruim opgekomen publiek, zo’n 700 aanwezigen, wachtte geduldig tot het nieuws van 20 uur voorbij was en de presentatrice haar inleiding had afgerond. Daarna weerklonken de eerste noten van Versa est in luctum. Meteen ging de klank diep. Al in de eerste seconden ontstonden de eerste rillingen. Het klonk etherisch, maar nooit steriel of gepolijst. Vooral bas en tenor hadden af en toe iets uitgesproken Spaans in hun timbre, bijna een grain de la voix. Zou dat de voorbode zijn van de rest van de avond?
Het eerste deel bestond uit muziek uit de Tenebrae Responsories. Ik weet het: het wordt wat verwarrend wanneer ensemble en compositie dezelfde naam dragen. Daar is overigens een goede reden voor, die geïnteresseerden gerust eens kunnen opzoeken. Deze muziek voor de Goede Week beschrijft het lijden, de kruisiging en de graflegging van Christus op een bijzonder indringende manier. Victoria vertrekt vaak vanuit relatief eenvoudige harmonieën, maar weet die te transformeren tot meesterlijke momenten van retoriek en expressie.
De inzet van Amicus meus was vinnig en energiek, een karaktertrek die doorheen de uitvoering bleef terugkeren. Tegelijk was er die prachtige tederheid in de sopraanpartijen bij passages als ponentes milites en volventes lapidem, het wegrollen van de steen voor het graf. Ook het open einde werd bijzonder mooi vormgegeven. De dictie van het koor was indrukwekkend, al kwam die in de akoestiek van de Handelsbeurs niet overal even duidelijk tot haar recht.
Het requiem begon vervolgens met een beheerste kracht. Tenebrae liet de muziek voor zichzelf spreken. Zelfs wie geen woord Latijn begrijpt, voelde waarover deze muziek gaat.
Het gregoriaans, dat Victoria veelvuldig verweeft in deze compositie, werd voorbeeldig gebracht door de dames van het ensemble, telkens zorgvuldig afgewisseld tussen intonatio en respons. De stevige aanzet van het werk contrasteerde mooi met de lange muzikale lijnen in passages zoals het aanroepen van Jerusalem. Wat gedurende de hele uitvoering opviel, was hoe goed het ensemble wist welke passages muzikaal of tekstueel het zwaartepunt vormden. Niets leek toevallig.
Het bijzonder geconcentreerde publiek kon dat alleen maar smaken.
Victoria verschilt van zijn grote tijdgenoot Palestrina door regelmatig kleine dissonanten in zijn muziek te verwerken. Tenebrae bracht die precies zoals het hoort: subtiel, maar onmiskenbaar aanwezig. Net voldoende aangezet om ze te laten spreken, zonder ooit effect na te jagen.
Van tijd tot tijd waren er ook die uiterst zachte inzetten van de sopraan. Risicovol, haast gewichtloos, maar daardoor des te indrukwekkend.
Een absoluut interpretatief hoogtepunt was het Offertorium Domine Jesu Christe. Ik kan me voorstellen dat voor de gemiddelde, en zelfs voor de geoefende concertganger, een uur ononderbroken polyfonie niet vanzelfsprekend is. Dit deel vormde echter een natuurlijke cesuur. De verklanking van de straffen van de hel en de donkere afgronden had iets haast filmisch. En dan heb ik het nog niet over Libera eas de ore leonis gehad: verlos hen uit de leeuwenmuil. Victoria en Nigel Short op hun best.
Over Nigel Short gesproken: hij blijft een bijzonder aimabele dirigent met een uiterst heldere en vocale dirigeerstijl. Dat verbaast niet. Hij zong jarenlang bij The King’s Singers en ademt vocale muziek. Dat hoor en zie je ook in zijn directie. Hij geeft de muziek ruimte. Tactus waar het moet, brede bogen waar het hoort. Een genot om naar te kijken en, vermoed ik, ook om onder te zingen.
En zo bewoog de Missa pro Defunctis verder richting haar einde. Het leek soms alsof Victoria zelf bewust voor meer diversiteit in de compositie koos. Het responsorium wisselt voortdurend af tussen gregoriaans en koor, met talrijke vocale en tekstuele hoogtepunten. Eén voorbeeld volstaat: quando movendi sunt caeli et terrae.
Met het laatste Kyrie eindigde het concert in gedragen stilte. Pas vele seconden later liet Nigel Short zijn armen zakken, waarna een daverend applaus losbarstte.
Mijn conclusie is eenvoudig: dit was een concert van uitzonderlijk niveau en een ideale opening van Laus Polyphoniae. Victoria blijft voor mij dé componist die als geen ander de Romeinse ernst met Spaanse passie weet te verbinden. Misschien verklaart dat ook waarom zijn muziek zo goed blijft scoren bij een Noord-Europees publiek.
Tenebrae bleek opnieuw een uitstekende pleitbezorger van dat repertoire. De technische beheersing is ronduit indrukwekkend: de intonatie, de balans, de dictie en de controle over de grote spanningsbogen waren van het hoogste niveau. Tegelijk laat Nigel Short zijn zangers zingen. Zijn directie is nooit dwingend, maar steeds ondersteunend.
Als ik dan toch een kleine kanttekening mag maken, dan heeft die te maken met mijn persoonlijke smaak. Tenebrae vertegenwoordigt het allerbeste van de Britse koorcultuur: verfijning, discipline en perfectie. Heel af en toe verlang ik in Victoria naar een beetje meer ruwe randjes, een beetje meer patine of risico. Niet omdat er iets ontbrak, maar omdat de muziek het misschien ook kan verdragen.

En dan is er nog de locatie. De Handelsbeurs blijft natuurlijk een schitterende concertzaal en een logische keuze voor een festival als Laus Polyphoniae. Toch betrap ik mezelf er telkens op dat ik bij deze liturgische muziek even droom van een kerkgewelf en een meer sacrale akoestiek. Maar misschien zijn dat inderdaad spijkers op laag water.
Wat uiteindelijk telt, is dat ruim 700 mensen zichtbaar genoten van een openingsconcert dat nog lang zal bijblijven. Meer moet dat niet zijn om vol verwachting uit te kijken naar de rest van het festival.
Wordt vervolgd.
foto header: Sim Canetty-Clarke




