Notre site a été renouvelé, publie toi-même tes événements tu as repéré une erreur. Écris-nous!

Classique Central

Waar steen herinnert en klank verrijst: “30 Minuten Orgelmusik” onder de koepel van de St.-Thomas-Kirche

De St.-Thomas-Kirche in Berlijn staat zelden op het gebruikelijke lijstje van de haastige citytripper. Wie zich echter de moeite getroost om de toeristische assen te verlaten en via Kreuzberg langs het Engelbecken en Bethanien af te zakken, ontdekt een plek waar geschiedenis en klank elkaar met een bijna tastbare intensiteit kruisen.

Opgetrokken aan het einde van de negentiende eeuw voor wat toen de grootste evangelische gemeente ter wereld was – met plaats voor zowat drieduizend zielen – draagt deze kerk haar verleden als een litteken én als een belofte. De verwoesting tijdens de Tweede Wereldoorlog en de latere ligging vlak bij de Berlijnse Muur resoneren nog altijd in de ruimte. De wederopbouw gaf het gebouw niet alleen zijn vorm terug, maar ook een nieuwe functie als levende muziekplek. Met de plaatsing van het Beckerath-orgel kreeg de kerk opnieuw een stem.

Het orgel, gebouwd in 1970 door Rudolf von Beckerath, lijkt op maat van deze ruimte gemaakt: het kan fluisteren zonder te verdwijnen, maar ook uitwaaieren tot een klank die bijna lichamelijk wordt ervaren. Het is een instrument dat niet overdondert, maar geleidelijk een spanningsveld opbouwt waarin de luisteraar wordt meegezogen.

Wie op woensdagmiddag om twaalf uur de kerk binnenstapt voor de concertreeks “30 Minuten Orgelmusik”, komt niet alleen luisteren, maar ondergaat. Onder de koepel ontvouwt de orgelklank zich als een ademende massa die de ruimte vult en tegelijk lijkt te modelleren.

Op woensdag 15 april verzorgde Johannes Weber het recital. Hij opende met het Allegro moderato uit de Eerste Sonate, op. 65 van Felix Mendelssohn-Bartholdy (1809–1847). Als openingswerk bleek dit een bijzonder doeltreffende keuze. Mendelssohn verankert dit deel op het koraal “Was mein Gott will, das g’scheh allzeit”, dat als een onderhuidse leidraad door het weefsel loopt. Weber liet deze melodie niet zozeer expliciet uitkomen, maar liet ze organisch groeien binnen een heldere registratie die de structuur van het werk zichtbaar maakte.

Daarna volgde een triptiek van improvisaties op evangelische paashymnes: “Christ ist erstanden”, “Erschienen ist der herrliche Tag” en “Wir wollen alle fröhlich sein”. Weber toonde zich hier een verteller pur sang. Hij presenteerde telkens eerst de hymne in haar herkenbare vorm, om die vervolgens open te breken in variaties die evenzeer jubelden als aarzelden. De registraties waren trefzeker gekozen: van transparante fluiten tot volle, haast orkestrale tutti’s; je hoorde zelfs even doedelzakken opduiken in het klankbeeld, alsof het paasfeest ook een archaïsche, volks-rituele onderstroom meekreeg. Opmerkelijk was hoe hij, midden in de paaseuforie, ruimte liet voor twijfel. Dissonanten wrongen zich tussen de harmonieën, als vragen die zich niet zomaar laten wegzingen. Alsof hij wilde suggereren dat ook het paasverhaal niet vrij is van frictie – en misschien net daarin zijn betekenis vindt.

Het slot kwam opnieuw van Mendelssohn, met het Allegro maestoso e vivace uit de Tweede Sonate, op. 65. Hier klonk het orgel in volle glorie: monumentaal zonder log te worden, levendig zonder aan precisie in te boeten. Weber hield de spanningsboog strak, met een ritmische scherpte die de ruimte deed pulseren.

Dat deze kerk buiten de platgetreden paden ligt, blijkt uiteindelijk een troef. Wie hier binnenstapt, treft geen museum, maar een levende klankruimte. De ervaring roept associaties op met orgelrecitals in de St Paul’s Cathedral in Londen, maar blijft hier in Kreuzberg rauwer en directer – en precies daardoor bijzonder indringend.

Détails :

Titre :

  • Waar steen herinnert en klank verrijst: “30 Minuten Orgelmusik” onder de koepel van de St.-Thomas-Kirche

Qui :

  • Johannes Weber, organist

Où :

  • St Thomas Kirche, Berlijn

Quand :

  • 15 april 2026

Crédits photos :

  • ELAB, Archiv der Versöhnungsgemeinde
nlNLdeDEenENfrFR