“Beeld met muziek nooit af wat je op het scherm ziet”

Je helden ontmoeten, zoiets overkomt je niet elke dag. Gelukkig beschikt ons landje over een filmfestival, het grootste van België, dat reeds decennialang de schijnwerpers uitzonderlijk op filmmuziek richt. Dit jaar lag de focus van Film Fest Gent op de bloeiende Zuid-Koreaanse cinema, en was er dus ook bijzondere aandacht voor de filmmuziek die daar onlosmakelijk mee verbonden is. Zo werd in De Bijloke de crème de la crème van de Koreaanse filmmuziek in de kijker gezet tijdens het concert Korean Composers. Maar eerst was er dus die ontmoeting…

In Zuid-Korea is hij absoluut een bekend figuur, zo verzekerde mij de tolk van dienst na afloop van het gesprek. Iemand die op straat in Seoel makkelijk herkend en aangeklampt zou worden. Ook de jonge Zuid-Koreaanse, woonachtig te Gent, vond het een unieke gelegenheid om de man eens in levenden lijve te ontmoeten. Zoals dat met die Aziatische namen weleens vaker gaat, is het voor de onkundige westerling geen sinecure om tot een correcte schrijfwijze of uitspraak te komen. Ook hier hielp de vriendelijke vertaalster een handje… Young-wuk Jo (1 januari °1962) – de achternaam spreek je uit als “Cho”, en wordt daarom ook vaak zo (weliswaar foutief) geschreven – is ondertussen al vele jaren de vaste componist van zijn landgenoot Chan-wook Park, regisseur van veelgeprezen films als Oldboy (2003), deel van de zogenoemde Vengeance-trilogie, en The Handmaiden (2016). De intense samenwerking tussen beide heren kan intussen gerust vergeleken worden met die tussen Alfred Hitchcock en Bernard Herrmann – een componist die Jo hoog heeft zitten – of Federico Fellini en Nino Rota. De meest recente film van Park, Decision to Leave (2022), speelt op dit moment in de zalen en opnieuw is Jo zijn muzikale steun en toeverlaat. Op het filmfestival van Cannes werd de prent eerder dit jaar bekroond met de prijs voor beste regisseur (prix de la mise en scène). Park siert op die manier hetzelfde lijstje als onder anderen Mike Leigh, David Lynch, Michael Haneke en onze broers Dardenne.

Ook het palmares van Young-wuk Jo is al goed gevuld, al beperkten de accolades zich hoofdzakelijk tot het eigen vaderland. Een gevolg van het feit dat hij nog nooit met een Europese regisseur heeft samengewerkt? Het doet hoegenaamd niets af aan zijn verdiensten, die zeker voor een autodidact bijzonder opmerkelijk zijn. Toch zal een goedlachse Jo tijdens ons interview meermaals benadrukken dat wat hij doet eigenlijk teamwork is. Naast hem kan de componist nog op vier andere krachten rekenen, zo vertelt hij, en afgaande op de jongen die tijdens ons gesprek afwisselend meeluistert en op zijn gsm tokkelt, zitten daar zeer jonge kerels bij. “Volgende keer zijn jullie misschien wel hier voor hem”, zo klinkt het als een soort vaderfiguur. Wat hoe dan ook zeker is: een betere leerschool voor de aspirant-filmcomponist kan men zich moeilijk voorstellen. Jo vertoefde de laatste tijd wel vaker in België, en dan meer bepaald in de Galaxy Studios, de plek in Mol waar de postproductie plaatsvond van zijn laatste score voor de film Hunt van Jung-jae Lee. Hij werd daarin bijgestaan door maestro Dirk Brossé, de dirigent die vanavond opnieuw de bok zal beklimmen tijdens het Korean Composers concert in De Bijloke. “Een hele eer en iets waar ik met veel enthousiasme naar uitkijk”, zo zegt de componist daarover. Want wat blijkt: in een Zuid-Koreaanse concertzaal is ’s mans muziek nog nooit ofte nimmer uitgevoerd. Het is nauwelijks te geloven, net als de verklaring die Jo hiervoor geeft en die de buitengewone Aziatische werkijver eens temeer bevestigd. Door de hectiek van het vele werk is het er blijkbaar nog nooit van gekomen.

Obsessioneel

De zestigjarige Young-wuk Jo blinkt naar eigen zeggen op geen enkel instrument uit, maar toch schreef hij al tientallen filmscores. Wat beschouwt hij zelf, alle lof en awards terzijde, als zijn meest succesvolle muziek? De tolk doet vlijtig haar werk, waarna de man al lachend de beide handen in de lucht gooit, als ware het een onmogelijke vraag. Vanzelfsprekend noemt hij zijn meest recente productie voor Decision to Leave. “Want wanneer ik op mijn voorbije films terugkijk, stoot ik altijd op kleine foutjes. Maar bij de muziek voor Decision to Leave heb ik nog niet de tijd gehad om mijn eigen werk kritisch onder de loep te nemen”, zo klinkt het met een kwinkslag. Jo kijkt naar eigen zeggen op naar de westerse muziek – als tiener dweepte hij vooral met rock. Het is iets waar hij in Zuid-Korea mee opgegroeid is en dat bijna obsessioneel deel uitmaakt van zijn persoonlijkheid. Als voorbeeld verwijst Jo naar The House of the Rising Sun, een monsterhit van The Animals uit het midden van de jaren ’60. Vandaag is hij fan van het Collegium Vocale Gent en lang niet de enige op het schiereiland met een belangstelling voor klassieke muziek. Mede door de dictatuur in eigen land na afloop van de Tweede Wereldoorlog en vervolgens de Koreaoorlog (1950-1953), werd de eigen traditie uitgevaagd en datgene wat uit Europa en de Verenigde Staten kwam voor lange tijd als moderner en dus ‘beter’ beschouwd. Dat gold ook voor de muziek. “De traditionele Koreaanse muziek is ook niet zo geschikt voor de films die er in eigen land worden gemaakt. Met klassieke muziek kan je daarentegen veel meer emoties uitdrukken.”

Jo is een heel groot liefhebber van de houtblazers, iets wat bijvoorbeeld prachtig tot uiting komt in “Fatality”, een nummer op de originele soundtrack van Sympathy for Lady Vengeance (2005) met een eenvoudige maar o zo fraai uitgesponnen solo voor hobo. Hoe zette hij deze en andere muziek zoals “The Last Waltz” – de aangrijpende eindgeneriek van Oldboy – op papier? “Oldboy is een film met flink wat brutale actiescènes. De trage, dansante muziek is bedoeld als een aangenaam contrast en om die verschillende momenten met elkaar te verbinden. Vandaar dat er in de score veel walsen opduiken.” Het is een aanpak die naadloos aansluit bij het motto van de filmcomponist: “Beeld met muziek nooit af wat je op het scherm ziet.” Koppel het visuele en het auditieve dus van elkaar los. Het lijkt contra-intuïtief, maar dan moet u weten dat de muziek voor Oldboy er al was nog voor er één beeld van de film was ingeblikt. “Fatality” is daarentegen blijkbaar een nummer dat bij zijn auteur in eerste instantie niet meteen een belletje doet rinkelen. Gelukkig staat het op mijn gsm, en we luisteren samen naar het begin. “Voor Lady Vengeance wou ik het tegenovergestelde van Oldboy: iets emotioneler, met invloeden uit de barokmuziek, maar ook uit de traditionele Koreaanse muziek.” De opbouw van de muziek gebeurt steeds in laagjes, waarbij elke groep instrumenten één voor één wordt ingebracht. Op dit moment wordt er zo de laatste hand gelegd aan de soundtrack voor The Sympathizer, een HBO-miniserie met alweer Park als regisseur en Robert Downey jr. in de hoofdrol.

Koreaans galaconcert

Diezelfde avond maken Dirk Brossé en Brussels Philharmonic hun opwachting in de concertzaal van De Bijloke voor het galaconcert Korean Composers, een ode aan Jo en enkele van zijn componerende landgenoten. Het programmaboekje toont aan wat hij eerder op de dag nog beklemtoonde. Zonder uitzondering wordt bij elk van zijn zes stukken immers een tweede componist met naam en toenaam vermeld. Voor het meeslepende “My Tamako, My Sookee” uit The Handmaiden is dat bijvoorbeeld Dae-sung Hong (°1982), en opnieuw wordt het thema eerst door een combinatie van houtblazers gepresenteerd. Met “Cries and Whispers” uit Oldboy, geschreven samen met Ji-soo Lee, krijgen we als laatste nummer één van de andere walsen uit die score te horen: eerst enkel op piano, daarna door een voltallig orkest. Tegen die tijd was er ook al muziek uit Decicion to Leave (“Seorae”), A Taxi Driver (“Beyond the Darkness”, 2017) en Thirst (“Under the Light”, 2009) gepasseerd, terwijl het portret startte met het spannende thema uit de Netflix serie Narco-Saints (2022). Of preciezer nog met een kort gesprek met een enigszins geëmotioneerde en overweldigde Young-wuk. Het volledige opzet van dit concert toonde mooi aan hoe gevarieerd de Zuid-Koreaanse filmmuziek wel is: van het klassiek symfonische “The Belt of Faith” van Jae-il Jung, een werk uit het tragikomische prijsbeest Parasite (2019) dat met enkele fijne dialogen tussen een aantal aanvoerders uit het orkest werd verlevendigd, over het bedwelmende geluid van de daegeum, een traditionele bamboe dwarsfluit, tijdens “Beyond the Years” uit Sopyonje (1993) tot de prikkelende gitaarmuziek van Byeong-woo Lee, de andere aanwezige eregast die ook als uitvoerder het podium betrad. Lee viel niet alleen op met zijn speciale brilmontuur en een puntige, akoestische gitaar waar ene James Hetfield van Metallica gegarandeerd jaloers op zou zijn, maar ook met zijn fijnzinnige getokkel in nummers als Dance en Lullaby. Het publiek, in groten getale op de afspraak, liet het zich allemaal met plezier welgevallen.

WAT: interview met de Zuid-Koreaanse filmcomponist Young-wuk Jo n.a.v. het concert Korean Composers

WAAR: Cultuurcentrum De Bijloke

WANNEER: donderdag 20 oktober 2022

MUZIEK: Jae-il Jung, Young-wuk Jo, Byeong-woo Lee, Hye-seung Nam, Soo-chul Kim, Mowg

UITVOERDERS: Brussels Philharmonic o.l.v. Dirk Brossé

ORGANISATIE: Film Fest Gent