Festival en Marathon
Van 6 tot 12 februari vond in BOZAR het Bártok Festival plaats. Drie concerten in de zaal Henry Le Bœuf en op zondag 8 februari doorlopend van 11 tot 15 u. een Bártok Marathon in vier andere zalen in BOZAR. Te gast was de Nederlandse violiste Simone Lamsma, die met het NOB op 6 februari de Eerste Rapsodie voor viool en orkest en op 8 februari Bártoks Tweede vioolconcert speelde.
Tijdens de marathon waren maar liefst 23 kleinere ensembles geprogrammeerd in vier kleinere zalen in BOZAR. Strijkkwartetten, blaasensembles, een pianokwintet, duo’s etc. Allerlei bewerkingen voor blazers, ik luisterde naar het Effel saxofoonkwartet en hoe anders een strijkkwartet van Bártok kan klinken op saxofoons. Niet alleen professionele musici, ook studenten van het Brusselse conservatorium of amateurs zoals het orkest van de academie van Bornem.
Zoals bekend was Béla Bártok niet alleen de grootste Hongaarse componist van de twintigste eeuw, hij was ook gefascineerd door de volksmuziek van de hele Balkan. Als componist en etnomusicoloog voelde Bártok hoe de Hongaarse volksmuziek en identiteit onder druk stond. “In summiere en simpele volksmelodieën hoor je vaak hoe een muzikaal idee perfect uitgedrukt kan worden”, wist hij. Die schat aan liederen wou hij exploreren voor die ten onder ging. Hij verwerkte Hongaarse, Roemeense, Transylvaanse en vele andere liederen en dansen in zijn oeuvre, ook in grote orkestwerken. Daarop lag de klemtoon in dit festival. Behalve het Tweede Vioolconcert geen grote werken uit zijn laatste periode zoals het beroemde Concerto voor orkest uit 1945.
Bártok en Brussel
Béla Bartók (1881-1945) had trouwens een bijzondere band met Brussel. In de jaren dertig kwam hij vaak naar Brussel en ontmoette hij hier de Antwerpse musicoloog Denijs Dille, die zijn hele leven zou wijden aan Bártoks nalatenschap en zijn reusachtig archief naliet aan de Koninklijke Bibliotheek. De band met Brussel wordt trouwens belichaamd in het standbeeld van Bártok op het Spanjeplein vlakbij het Centraal Station, verscholen achter het Ibishotel. Het ingetogen beeld van de Hongaarse beeldhouwer Imre Varga werd in 1995 door de stad Budapest geschonken, vijftig jaar na Bártoks overlijden.
Het is door de volksmuziek dat Bartok zijn heel eigen muziektaal kan ontwikkelen, na invloeden van de Franse impressionisten en Richard Strauss. In de Twee Beelden op. 10 die op 8 februari op het programma stonden, was die invloed nog duidelijk te horen.
Daarna stond De wonderbaarlijke mandarijn op het programma. Oorspronkelijk een pantomime, is het Bártoks eerste grote meesterwerk waarin rauwe felle orkestklanken afwisselen met intieme dromerige passages. Bedoeld als balletmuziek wordt het vandaag meestal als orkestsuite gespeeld. In de zaal Henri Le Bœuf klinkt het NOB op zijn best. Dirigent Antony Hermus heeft een ietwat grappige pas, alsof hij uit een stomme film is weggelopen, maar wat een grandioze, wonderlijke klank haalt hij uit dit orkest.
Wolvin
De Nederlandse violiste Simone Lamsma, geboren in 1985, behoort nog niet tot de grote sterren in de vioolwereld, maar is aardig op weg. Ik hoorde ze op Radio Klara tijdens de week voorafgaand aan het Bártok Festival. Soms hoor je enkele tonen van een violist, dan wil je die live horen. Op haar achttiende won ze het Oscar Back vioolconcours in Nederland, sindsdien stond ze met de grootste orkesten in de hele wereld op het podium. Al in de eerste minuten van Bártoks Tweede vioolconcert is het duidelijk hoe Lamsma Bártoks taal beheerst. Er zijn zelfs accenten, typische accenten zoals ze ook in het gesproken Hongaars voorkomen, die ze nog duidelijker speelt dan anderen.
Haar “Aurore” Stradivarius uit 1703 klinkt als een zilveren draad boven het orkest
Een solist laat zich soms kennen aan de toegift. En daarin in Lamsma gul. Soms speelt ze een hele solosonate van Ysaӱe of Hindemith. Na het applaus komt ze terug en gebaart nog iets te zullen spelen. Bártok, hoe kan het ook anders. Samen met concertmeester Misako Akama speelt ze de laatste van de 44 duo’s voor twee violen, een Transylvaanse dans, helemaal in de sfeer van dit festival. Simone Lamsma is een schitterende violiste die een grote toekomst voor zich heeft. Onthoudt de naam. Maar vergis u niet, Lamsma speelt als een wolvin.



