De nieuwe intendant van de Koninklijke Muntschouwburg Christina Scheppelmann heeft haar start in de Koninklijke Muntschouwburg niet gemist! De dame heeft al een heel parcours afgelegd in de operawereld, ook internationaal. Benvenuto Cellini van Hector Berlioz, de eerste productie waarmee ze zich presenteert na de periode van Peter de Caluwe, is op zijn minst een sterke binnenkomer.
Het werk is een zeldzaamheid op de operapodia en dus des te interessanter er kennis mee te maken. De meest dichtbije productie die ervan te zien was, is waarschijnlijk die van mei 2015 in de Nationale Opera Amsterdam in regie van Terry Gilliam. Benvenuto Cellini is een wat bestofte Franse opera uit de eerste helft van de negentiende eeuw met een pseudo-historisch onderwerp over een gefrustreerde artiest. Via de versie van een opéra comique werkt Berlioz zijn opera tenslotte uit tot een Grand Opéra met groot aandeel van het koor en met gezongen recitatieven.
Berlioz en Benvenuto Cellini
Hector Berlioz krijgt in 1830 de Prix de Rome. Tijdens zijn verblijf in Italië ziet hij in Firenze Cellini’s beeldhouwwerk dat Perseus voorstelt met het hoofd van Medusa. Hij verdiept zich in de biografie van de Renaissancekunstenaar en herkent in hem een lotgenoot en geestverwant op artistiek en persoonlijk vlak: een levenslustig, zelfverzekerd man die zijn omgeving kan bespelen om zijn doel te bereiken en die als kunstenaar gesteld is op absolute vrijheid. Zijn Perseusbeeld moest het bewijs leveren van het meesterschap van Cellini. Het gieten van het beeld – de climax van de opera – is het ultieme gevecht tegen onbegrip en afwijzing. Het verhaal over Cellini’s Perseus is tegelijk een metafoor van Berlioz’ eigen gevecht tegen artistiek onbegrip.
Met zijn librettisten Léon de Wally en Auguste Barbier ontwerpt Berlioz zijn eigen versie van de Renaissancemens en rebelse outcast Cellini. Er komt wel een liefdesgeschiedenis bij en daarin zijn de kunstenaars Fieramosca en Cellini dubbele rivalen van elkaar, in de kunst en in de liefde. Teresa is de dochter van Balducci, de schatmeester van de paus.
Een carnavalscène, een samenzwering, ontvoering en moord zorgen voor de andere elementen van het verhaal. Als op het einde Cellini het Perseusbeeld giet is ten overstaan van zo’n kunstwerk zelfs de rivaal Fieramosca verzoend en de paus geeft zijn zegen.
Artistieke waanzin en kerkelijke hypocrisie
In het programmaboek zegt regisseur Thaddeus Strassberger dat Benvenuto Cellini gaat over de waanzin van het creatieve proces. Zijn enscenering is daar een superlatieve bevestiging van. Zijn inspiratie lijkt grenzeloos, maar blijft wel in het kader van de tijd en verhaallijn van de opera. 19 gebeeldhouwde Perseuskopjes boorden de scène af, het scènedoek is als een levendig schilderij uit de Renaissance. Mythologische figuren uit schilderijen laat Strassberger de revue passeren door een ingenieuze projectie van de koepel van de zaal van de Munt over de scène inclusief de rijkelijke luster. Doorheen de hele productie is Rome en de wereld van de beeldhouwer aanwezig. Delen van het Forum Romanum, de Trojaanse zuil, het Capitool, tot en met een terrasje van een trattoria. De exuberante beelden die continu het decor vullen, geven het passionele verhaal van de kunstenaar die zijn ideaal nastreeft ook een relativerende en satirische ondertoon. Een vrome madonna die een kapel versiert, blijkt de andere zijde van een hemelbed. De geïdealiseerde figuranten die heel de voorstelling door als creatieve maar gekunstelde personages over de scène dwarrelen, zijn erotiserende muzen. Ze vervelen nooit en trekken steeds de aandacht door hun sierlijkheid. De hele productie ademt een sfeer van satire en aanklacht van kerkelijke hypocrisie. Dat aspect is ten top gedreven in de carnavalscène, waarin de paus niet alleen als onthoofde zijn hoofd op een schotel meedraagt maar bovendien getooid is met een overgrote penis met siersteen versierd. Het Aalsters carnaval kan inspiratie putten uit de bizarre wezens, als varkensachtigen en vrouwen met zes laagjes borsten om maar enkele voorbeelden te noemen. Maar ook de andere scènes zijn stuk voor stuk visueel krachtig weergegeven met als climax uiteraard het smelten van het metaal voor het uiteindelijke beeld. Een verbluffende finale scène. Het slot met de verzoening met de paus en met zijn rivaal Fieramosca, de kwijtschelding van de beschuldiging van Cellini als moordenaar van Pompeo en het huwelijk “in het wit” contrasteert bijna als burgerlijke zwakke slotscène.
Muzikaal briljant
In de videogesprekjes die de Munt op de site zet met dirigent Alain Altinoglu, verbergt hij zijn enthousiasme voor de samenwerking met deze hyperactieve regisseur geenszins. Hun parallel denken is dan ook te horen in de voorstelling en hij sleept zijn orkest mee in zijn dynamisme. Reeds in de ouverture, wordt het levendige carnavalsthema spits en melodieus uitgespeeld. Het orkest houdt met de vele verrassende klankkleuren gelijke tred met de theatrale effecten. Maar ook de intieme passages zijn onweerstaanbaar. Zo wordt bij voorbeeld de tête-à-tête tussen Teresa en Cellini in het tweede tafereel van het tweede bedrijf, waarin het koppel vreest dat hun relatie ten dode opgeschreven is, heerlijk ondersteund met veel nuance en emotie. John Osborn is een zanger met het geschikte timbre en lichtheid voor deze Franse partij en hij vertolkt zijn rol met volle overgave. (hij was trouwens ook Cellini in Amsterdam). Ruth Iniesta was een flamboyante Teresa met veel vocaal stijlgevoel en gecontroleerde coloraturen, een talent dat ze zeker nog meebrengt van haar belcanto-periode. Een opmerkelijke vertolking was beslist Tijl Faveyts als Balducci. Zijn sonore basstem ging gepaard met zijn soepel acteurstalent, waarbij de cheek-in-tongue overdrijving schitterend gedoseerd was. Ook de andere partijen waren perfect bezet.
Zo werd deze Benevenuto Cellini in de Munt een voorstelling die getuigt van een grenzeloze inspiratie. Ze brengt de tragiek van operadrama op een ambigue manier tot uiting: je kan er mee meeleven tot op zekere hoogte maar ook afstandelijk mee lachen, waarschijnlijk de ideale manier (als het kunstig gedaan is) om zo’n – toch wel – draak van een verhaal in de huidige tijd weer te geven. Dat is misschien een van de redenen waarom Christina Scheppelmann net dit werk uitkoos om haar mandaat als nieuwe artistiek en algemeen directeur van de Munt mee te openen. Bovendien ligt de centrale thematiek van Benvenuto Cellini, met name de ambitie en positie van de kunstenaar in het maatschappelijk weefsel, haar na aan het hart.


















