Onze website is vernieuwd, geef zelf je evenementen in. Heb je een fout gezien. Mail ons!

Klassiek Centraal

  • Uit de schaduw van de opera: Gullì heron...

Uit de schaduw van de opera: Gullì herontdekt

onze nieuwsbrief

Elke donderdag houden we je de hoogte van het laatste nieuws, wedstrijden en concert tips. Schrijf je dus snel in op d enieuwsbrief en mis niets van Klassiek Centraal.

 

Er zijn componisten die niet vergeten worden omdat hun muziek zwak was, maar omdat de geschiedenis nu eenmaal andere verhalen prefereert. Wie denkt aan negentiende-eeuwse Italiaanse muziek, denkt onvermijdelijk aan de opera: aan Verdi, aan het bel canto, aan het Risorgimento dat zich zo dankbaar liet begeleiden door melodrama. Dat is echter een beeld dat de muziekhistoriografie de voorbije decennia grondig heeft genuanceerd. Naast de theaterzalen bloeide een rijke instrumentale cultuur die zich in Rome, Napels, Bologna, Milaan, Turijn en Firenze telkens anders manifesteerde, gedragen door conservatoria, concertverenigingen en een steeds hechter Europees netwerk. Giovanni Sgambati en Giuseppe Martucci blijven daarbij de vaste ankerpunten, met Busoni als de figuur die de Italiaanse pianocultuur nadien nog verder de wereld introk. Maar rond hen bewoog zich een veel dichter sterrenbeeld dan de handboeken lang hebben willen erkennen.

Luigi Gaetano Gullì (1859 – gestorven op zee, 1918) behoort onmiskenbaar tot dat gezelschap. Als jongste van negen kinderen studeerde hij aan het Conservatorio di San Pietro a Majella in Napels, bij Beniamino Cesi voor piano en Lauro Rossi voor compositie, om vervolgens via Parijs in Rome terecht te komen, in de kring van Tosti, Sgambati en Mancinelli. Opvallend in de getuigenissen over hem is niet de bravoure, maar juist het ontbreken ervan. Gabriele D’Annunzio, die hem in 1888 hoorde in een programma met Bach, Mozart en Reinecke, prees precies die weigering om het applaus te zoeken via gratuit effectbejag en liet hem later zelfs terugkeren als figurant in Il piacere. Een pianist die de romanschrijver zijn Romeinse klankdecor levert: het zegt iets over het aanzien dat Gullì destijds genoot. Zijn latere leven – het Quintetto Gullì, de vriendschap met Grieg, het directeurschap in Texas en Chicago, en uiteindelijk die aangrijpende terugreis naar Italië die hij niet meer zou voltooien – heeft iets van een roman, maar uiteindelijk moet de muziek zelf overtuigen.

En dat doet ze op deze cd, verrassend en met overgave. De vier Klavierstücke, in 1894 verschenen bij Breitkopf & Härtel in Leipzig, tonen een componist die zich meer aangetrokken voelt tot concentratie dan tot retoriek. Grote gebaren blijven achterwege; wat rest is een precieze, soms bijna ingehouden zeggingskracht waarin de Italiaanse cantabile-traditie zich moeiteloos verbindt met een Midden-Europese vormdiscipline. A te! – Valzer da concerto (Chicago, 1915) sluit aan bij de traditie van de concertwals, maar overstijgt moeiteloos de vrijblijvendheid van het salonsentiment dankzij een glanzende pianistische schrijfwijze waarin virtuositeit steeds ten dienste blijft staan van de melodie. Het meest betoverende moment van de opname is voor mij echter Sfumature – fogli d’album. Hier behandelt Gullì de vleugel als een instrument van subtiele schakeringen: kleuren verschuiven haast onmerkbaar, frasen lijken organisch uit elkaar voort te groeien en de muziek ademt een poëtische intimiteit die lang blijft nazinderen.

Giosuè De Vincenti, die zijn doctoraatsonderzoek in Évora aan precies deze componist wijdde, speelt met het gezag van iemand die zijn materie door en door kent, maar nooit met de afstandelijkheid van de wetenschapper. Zijn aanslag is helder, zijn frasering natuurlijk en zijn toucher opmerkelijk verfijnd. In Sfumature bewaart hij de broze intimiteit zonder sentimenteel te worden; in A te! laat hij de virtuositeit fonkelen zonder ooit de muzikale lijn prijs te geven. Die balans – technische beheersing volledig in dienst van stijl en expressie – sluit wonderwel aan bij de esthetiek van Gullì zelf. De Vincenti is dan ook veel meer dan een uitvoerder: hij is de ideale pleitbezorger voor deze muziek en laat haar spreken met een vanzelfsprekendheid alsof zij nooit uit het repertoire is verdwenen.

Deze opname werpt een verrassend verfrissende blik op de pianomuziek van de Italiaanse negentiende eeuw. Dit is melodierijke muziek, met een vanzelfsprekende elegantie vertolkt door Giosuè De Vincenti, die zich ontpopt als een overtuigende gids door Gullì’s verfijnde pianowereld. Wie meent dat er na Martucci en Sgambati weinig meer te ontdekken valt, wordt hier niet alleen vriendelijk, maar vooral overtuigend tegengesproken. Men kan zich hoogstens afvragen waarom deze muziek zo lang op een vertolking van dit niveau heeft moeten wachten.

 

 

Deze CD is te koop via jpc. Klik op de knop hierboven om deze aan te kopen en de artiest te steunen. Soms plaatsen we affiliate links op Klassiek Centraal, door via deze links te kopen steunt u ook Klassiek Centraal zonder dat het u extra kost. Maar u steunt wel onze werking.

Details:

Uitgevoerde werken:

Luigi Gaetano Gullì

4 Klavierstücke; Valzer da concerto “A te!”; Fogli d’Album “Sfumature”

Label / Uitgever:

Referentie:

  • C01188

Barcode:

  • 746160920306

Datum opnames:

  • December 2025

Opname locatie:

  • Elios registrazione audiovisive, Castellammare di Stabia, Italië

Blijf op de hoogte

Elke donderdag sturen we een nieuwbrief met de meest recente berichten op onze website

– Advertentie –

nlNLdeDEenENfrFR