In aanloop naar de cd Our Lady of Antwerp: A Musical Path to Rubens spraken we met Adriaan De Koster van Utopia Ensemble over zingen zonder dirigent, de samenwerking met Psallentes en de muzikale geschiedenis van de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.
Utopia Ensemble is een vast vocaal kwintet dat bewust zonder dirigent werkt. Iedere zanger draagt daardoor een grote verantwoordelijkheid, zowel tijdens de repetities als op het concertpodium. De visie op interpretatie en repertoire wordt gezamenlijk ontwikkeld en door de vijf zangers gedragen. Die gedeelde verantwoordelijkheid vertaalt zich rechtstreeks in de klank: "We ademen samen en zoeken een homogeniteit door samen de klank en woorden te kleuren, samen te fraseren." Tegelijk blijft elke stem zelfstandig: iedere zanger brengt zijn eigen melodische lijn om vervolgens weer op te gaan in het geheel.
Geen leider, wel consensus
De keuze om zonder dirigent te werken ligt aan de basis van Utopia. Het ensemble ontstond uit de behoefte om zelf polyfonie te zingen zonder dat een leider de interpretatie bepaalt. "Een leider kan uiteraard inspirerend zijn, maar is soms ook remmend, omdat hij of zij de eigenheid en het individueel engagement van de zangers kan uitvlakken," aldus De Koster.
Dat uitgangspunt heeft zelfs gevolgen voor de manier waarop het ensemble met ritme omgaat. De tactus, de innerlijk gevoelde maatslag, tracht Utopia sterk te voelen, maar niet uitwendig te tonen. Daardoor kan de muziek vloeiender bewegen, zonder de ritmische ankerpunten te nadrukkelijk weer te geven, en komen de golvende lijnen van de polyfonie nog sierlijker tot uiting.
Ook artistieke beslissingen worden collectief genomen. Iedereen heeft evenveel recht van spreken en het doel is steeds om tot consensus te komen: "Dit vraagt soms meer tijd, maar heeft dan weer als voordeel dat vaak verschillende interpretatieve opties geprobeerd worden, tot we iets vinden dat door iedereen gedragen is." Door de jarenlange samenwerking zijn er wel natuurlijke accenten ontstaan: de ene zanger zal sneller aandacht vragen voor de tekst, een andere voor intonatie of een ander aspect van de uitvoering. De uiteindelijke beslissing blijft echter collectief.
Die manier van werken biedt volgens Utopia ook specifieke mogelijkheden voor een klein ensemble: "Wanneer vijf stemmen die elkaar goed kennen samen zingen, kan dit ook best groots klinken, maar enkel wanneer de stemmen helemaal klikken." Tegelijk zijn de grenzen duidelijk, want een kwintet kan niet hetzelfde volume produceren als een koor van zestien zangers en kan vanzelfsprekend geen zes- of meerstemmige polyfonie uitvoeren. Binnen die beperkingen zoekt Utopia echter naar een breed spectrum aan dynamiek en sfeer.
Samenwerking met Psallentes
Voor de gregoriaanse gezangen op de cd werkte Utopia samen met Psallentes onder leiding van Hendrik Vanden Abeele. Die samenwerking heeft een lange voorgeschiedenis. Psallentes gaat terug tot het zingen van gregoriaans bij concerten van Capilla Flamenca, waar Lieven Termont destijds bij zong. Ook Adriaan De Koster zong ooit bij Psallentes, toen het ensemble nog voornamelijk uit mannenstemmen bestond.
De keuze voor Psallentes lag dan ook voor de hand. "Hendrik is dé specialist voor het uitvoeren van gregoriaans in België." Bovendien sluit de samenwerking inhoudelijk aan bij het Mariathema van de cd. Het gregoriaans wordt door vrouwenstemmen gezongen, wat volgens Utopia een extra vrouwelijke aanwezigheid aan het programma geeft.
Antwerpen als muzikaal centrum
Our Lady of Antwerp voert de luisteraar door bijna twee eeuwen Antwerpse muziekgeschiedenis, van ongeveer 1400 tot 1620. Het uitgangspunt ligt bij de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekerk en de musici die er actief waren, maar het project vertelt tegelijk een breder verhaal over de stad.
Antwerpen was in de zestiende eeuw een van de grote Europese steden, een centrum van handel, innovatie, boekdrukkunst, beeldende kunst én muziek. Die muzikale dimensie is volgens Utopia vandaag minder sterk aanwezig in het historische beeld van de stad. Het ensemble was al eerder op zoek gegaan naar dat Antwerpse muzikale erfgoed, onder meer met projecten rond Andreas Pevernage en Tielman Susato. Die laatste belichaamt voor Utopia ook de internationale dynamiek van de stad: als migrant kwam Susato naar Antwerpen, waar hij als drukker en componist zijn plaats vond.
Ook de kathedraal beschikte over een belangrijke muzikale traditie en trok gerenommeerde componisten aan. Obrecht, Pevernage en Philips zijn daarbij waarschijnlijk de bekendste namen – al was Philips zelf nooit kapelmeester aan de kathedraal. Andere componisten en kapelmeesters die in de Antwerpse muziektraditie een rol speelden, klinken vandaag veel minder vertrouwd, hoewel hun werk volgens Utopia zeker niet minder van kwaliteit is.
De zoektocht werd bemoeilijkt door het feit dat een groot deel van de muziekbibliotheek van de kerk tijdens de godsdienstoorlogen verloren ging. Toch bleef er voldoende materiaal bewaard om een omvangrijk programma samen te stellen. Vooral voor het gregoriaans was de historische situatie complexer. Over de precieze praktijk in de Antwerpse kathedraal van de zestiende eeuw bestaat niet in alle gevallen zekerheid. Vanden Abeele kon echter repertoire vinden dat voldoende aanknopingspunten bood. Dat een deel daarvan rechtstreeks uit een Antwerpse bron uit de zestiende eeuw afkomstig is, geeft de opname volgens Utopia een extra dimensie.
Ook zanger en onderzoeker Marc Busnel leverde een belangrijke bijdrage. Voor het Agnus Dei uit de Missa Sine Nomine van Matthias Pottier reconstrueerde hij twee verloren stemmen, die vermoedelijk verloren gegaan zijn tijdens de Beeldenstorm.
Van vroege polyfonie naar Philips
Een van de interessantste aspecten van het project was voor Utopia niet één afzonderlijke componist, maar de ontwikkeling van de polyfone taal zelf. De zangers zijn vertrouwd met de rijke polyfonie van de zestiende eeuw, maar het chronologisch bredere programma vroeg als groep om telkens opnieuw van taal en klankwereld te veranderen.
De cd beweegt van vroege polyfonie met veel bicinia naar de meer uitgewerkte vijfstemmige architectuur van de zestiende eeuw en uiteindelijk naar de bijna-vroegbarokke taal van Peter Philips. Daardoor werd het maken van de cd ook voor de uitvoerders zelf een muzikale ontdekkingstocht.
Het programma bestrijkt bijna twee eeuwen. Aanvankelijk betekende dat zoeken naar de juiste verbanden en ordening, maar eenmaal de structuur duidelijk werd, ontstond een gevoel alsof de zangers zelf in versneld tempo de groei en bloei van een muziekgenre meemaakten: « Comme si nous vivions nous-mêmes, à vitesse accélérée, toute la croissance et l'épanouissement d'un genre musical. »
Een historische ruimte op cd
Die historische ontwikkeling speelt zich niet alleen af in de tijd, maar ook in de ruimte. Het boekje bij de cd beschrijft hoe muziek in de kathedraal vanuit verschillende plekken kon klinken en hoe kerkgangers zich door de ruimte bewogen. Daardoor veranderde ook voortdurend de luisterervaring.
Een cd kan die historische situatie uiteraard niet letterlijk reconstrueren: « Mais nous avons néanmoins essayé de rendre audibles quelques-unes de ces différentes perspectives. » De zangeressen van Psallentes kregen in de mix bewust meer akoestische ruimte, waardoor hun gregoriaanse gezangen verder weg lijken te klinken. De polyfonie van Utopia klinkt directer. Zo ontstaat een contrast alsof de muziek vanuit verschillende posities in de ruimte tot de luisteraar komt.
De opname vond plaats in AMUZ. De concertzaal biedt niet alleen een geschikte akoestiek, maar maakt het bij een opname ook mogelijk om externe factoren, zoals buitengeluid, beter onder controle te houden. De kathedraal, midden in het drukke stadscentrum, was daardoor geen vanzelfsprekende opnameplek : « L'écho d'« une cathédrale » est encore un peu plus grand, bien que la cathédrale d'Anvers soit un espace si vaste qu'il y aurait parfois moins d'acoustique. »
Voor het releaseconcert keert Utopia op 27 september wel terug naar de kathedraal. Het ensemble zingt in het Hoogkoor, waar het ook eerder een video voor de cd opnam. Daar krijgt de muziek bovendien een beeldende context die nauwelijks beter bij het programma had kunnen passen: Rubens' monumentale Maria Tenhemelopneming.
Maria als verbindend motief
Maria is in Antwerpen op veel plaatsen aanwezig: in de kleine beelden aan gevels, in het grote beeld op het stadhuis en natuurlijk in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal. Ook 15 augustus, traditioneel Moederdag in Antwerpen, heeft een duidelijke Mariale betekenis.
Voor Utopia was Maria daarom meer dan alleen een liturgisch uitgangspunt. Het ensemble wilde haar ook benaderen « comme symbole de lien, de mère originelle et d'amour abondant ». Dat beïnvloedde de repertoirekeuze. Naast uitgesproken liturgische muziek kwamen ook werken in aanmerking waarin een bredere, minder strikt liturgische Maria-symboliek aanwezig is, zoals De ma dame van Johannes Pullois en Mon coeur se recommande a vous van Van Turnhout.
Die keuze past in de bredere opzet van het project: historische muziek wordt niet geïsoleerd van haar omgeving gebracht, maar verbonden met de stad, haar gebruiken, haar kunstenaars en haar geschiedenis.
Van Peter Philips naar Rubens
Dat wordt het duidelijkst in het slot van de cd, met Peter Philips' Assumpta est Maria. Philips was geen kapelmeester van de Antwerpse kathedraal, al kwam hij er wel geregeld en speelde hij er ook muziek. Zijn werk vormt bovendien muzikaal een overgang naar een nieuwe tijd. Naast polyfone passages bevat het homofone gedeelten en een soort dubbelkorige werking, opmerkelijk voor een werk dat met slechts vijf stemmen wordt uitgevoerd.
Rubens vormt voor Utopia het historische eindpunt van het verhaal. Zijn Tenhemelopneming staat symbool voor het barokke Antwerpen en biedt tegelijk een directe verbinding met het Mariathema van de cd. Philips bevindt zich in dezelfde historische periode en zijn muziek maakt volgens Utopia de brug tussen renaissance en barok.
Zo wordt Assumpta est Maria meer dan het laatste werk van de opname. Het is het punt waarop verschillende lijnen van het project samenkomen: de Antwerpse muziektraditie, Maria, de overgang van renaissance naar barok en uiteindelijk de wereld van Rubens.
Muziek als geschiedenis die opnieuw gaat leven
Daarin ligt ook de bredere ambitie van Utopia. Het ensemble wil vergeten repertoire niet alleen opnieuw uitvoeren, maar het in een context plaatsen : « L'histoire est trop souvent pour nous une histoire de figures en carton ou de découvertes théoriquement intéressantes. En reliant les découvertes et le répertoire à des événements, des émotions et un contexte, la musique oubliée ou perdue prend réellement vie, dans un récit qui touche aussi bien un public spécialisé qu'un public non initié. »
C'est aussi pour cela qu'un programme comme Our Lady of Antwerp peut embrasser près de deux siècles de musique sans devenir un simple catalogue historique. L'évolution chronologique de la polyphonie est reliée à une ville, à une église, à une tradition religieuse et, finalement, à l'Anvers baroque de Rubens.
Une sortie de CD fait ressentir aux chanteurs « en quelque sorte une machine à remonter le temps » vers un passé récent de l'ensemble. L'enregistrement a en effet eu lieu l'été dernier, si bien que Utopia travaille désormais à d'autres projets. Pourtant, la parution du disque est un moment important : le résultat de cette expédition d'hier est à nouveau confié au public.
Le Siècle d'or anversois continue de passionner l'ensemble. Des projets pour les années à venir s'orientent déjà dans cette direction, notamment autour des imprimeurs anversois. Avec le CD consacré à Pevernage, Utopia a déjà raconté l'histoire de Christophe Plantin, tandis que la production autour de Tielman Susato a mis en lumière un deuxième grand imprimeur. Au sujet d'un troisième grand imprimeur anversois, Utopia ne souhaite pas encore en dire beaucoup plus.
La curiosité pour le répertoire inconnu reste ainsi une constante. Pour Utopia, redécouvrir une musique longtemps tombée dans l'oubli est fascinant, mais tout aussi important est le contexte dans lequel cette musique est placée.
Ainsi, la musique retrouve une place dans un récit qui peut toucher non seulement les connaisseurs, mais aussi les auditeurs qui découvrent ce monde musical anversois pour la première fois.
Our Lady of Antwerp: A Musical Path to Rubens est une production de Utopia Ensemble, avec la collaboration de Psallentes sous la direction de Hendrik Vanden Abeele. Le concert de présentation du disque aura lieu le 27 septembre dans le Hoogkoor de la cathédrale Notre-Dame d'Anvers.
La critique du CD par Dirk Smits est à lire ici : https://klassiek-centraal.be/our-lady-of-antwerp