Ja, in Nederland spreken we van omroepen, meervoud. Het Nederlandse omroepsysteem is gebaseerd op levensbeschouwingen. Ooit was er een afzonderlijk katholieke omroep (KRO), een protestantse (NCRV), een ‘vrijzinnig protestantse’ (VPRO), een ‘socialistische’ (de VARA), een algemene, niet op een specifieke levensovertuiging gebaseerde (de AVRO). Daarbij voegden zich een oorspronkelijk vooral op vermaak gerichte omroep bij (de TROS; jarenlang was “Vertrossing” een algemeen gebruikte term voor vulgarisering, ‘verplatting’) en vervolgens de EO (Evangelische Omroep) en Omroep MAX (gericht op de veronderstelde belangen van mensen boven de 50), en een aantal kleinere omroepen die niet meedoen op de klassieke zender van de publieke omroep. Daarnaast is er de NTR, fusieproduct uit 2011 van drie niet-ledengebonden omroepen, NPS, Teleac en RVU. De namen doen er nu verder niet toe, de uit die drie omroepen voortkomende taken bestaan uit informatie (buiten het nieuws om), educatie, kunst, cultuur en diversiteit. De NTR heeft ook een belangrijk aandeel in de programmering van NPO Klassiek, onder meer wat betreft live-registraties, zoals het Zondagmiddagconcert en vijf keer per week het Avondconcert, de laatste vaak live, of eerdere registraties, soms ook overgenomen van buitenlandse omroepen, en de eigen, zelfgeproduceerde ZaterdagMatinee live uit het Amsterdamse Concertgebouw, met het Radio Filharmonisch Orkest en/of het Groot Omroepkoor, maar deels ook met gastensembles. Men kan zich voorstellen dat dit model met zich meebrengt dat er heel wat wordt vergaderd her en der. Maar Nederland is ook beroemd om het ‘poldermodel’.
Er zijn nog wat kleinere ledenomroepen, maar die zitten niet op NPO Klassiek.
Verder verzorgt de NOS (Nederlandse Omroep Stichting) op het hele uur de nieuwsbulletins op NPO Klassiek - behalve als er concerten worden uitgezonden en sommige ‘plaatjes met praatjes’-programma’s zijn ook vrijgesteld van het uitzenden van het nieuws, al is het eigenlijk niet duidelijk waarom die niet zouden kunnen worden onderbroken.
Het geheel wordt vaak het ‘zuilensysteem’ genoemd, met voor elke levensbeschouwing een ‘zuil’. Er was een tijd lang ook een Moslimomroep, maar die bestaat niet meer, en er bestaat een wat ik toch maar ultrarechtse zender noem, Ongehoord Nederland, ON, voor de Nederlander die anders niet wordt gehoord; ON gaat mogelijk ook verdwijnen, vanwege mogelijk al te extreme inhoud, maar ON zat ook nooit op NPO Klassiek.
Buiten dit alles zijn er net als in België ook commerciële omroepen, zoals verschillende RTL zenders en de zenders van Talpa (John de Mol, de Rupert Murdoch van Nederland), zoals SBS6, politiek het Fox News van Nederland. Die doen niets aan klassieke muziek en je moet er ook niet aan denken dat ze dat zouden doen.
Fusies en financiën
Spontaan, wegens teruglopende ledenaantallen, en/of op aandrang van het Ministerie van OCW (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) zijn in de loop der jaren verschillende van de ledenomroepen gefuseerd. De overblijvers die deelnemen in NPO Klassiek zijn KRO-NCRV, AVROTROS en BNNVARA (BNN was een relatief jonge, succesvolle ‘populaire’ zender, gericht op jongeren).
Lidmaatschapscontributie van de afzonderlijke omroepverenigingen dragen overigens maar een fractie bij aan de totale begroting van het publieke bestel, circa 1% tot 2%. De totale begroting van NPO wordt voor ruim driekwart gedekt door de Rijksbijdrage (overheidssubsidie via belastinggeld) en voor ongeveer 23% tot 25% door overige inkomsten, zoals reclame. Voor en na de NOS-nieuwsbulletins worden reclames uitgezonden.
De omroepen hebben in recente jaren veel leden verloren. In 2021 waren de meeste ten opzichte van 2014 praktisch gehalveerd. Ontkerkelijking en ook andere vormen van verminderde maatschappelijk binding spelen een rol.
De ledenaantallen dienen vooral als een resterende graadmeter voor de maatschappelijke representatie en de pluriformiteit, of althans de resterende interesse om jaarlijks de moeite te nemen een bedrag van ongeveer10 Euro over te maken.
De grootste omroep is nu BNNVARA. Maar alleen MAX en een aantal kleinere omroepen, die niet op NPO Klassiek uitzenden, waren gegroeid. Ik durf echter te wedden dat er bij de VPRO-leden meer gemotiveerde geïnteresseerden zijn in klassieke muziek dan bij MAX. Terwijl de VPRO tot nu toe twee keer een uur in de week klassieke muziek verzorgt, in Vrije Geluiden (een onderscheidend programma, nu verzorgd door componiste Anne-Maartje Lemereis, dat echter ook wordt opgeheven), terwijl MAX vier dagen per week drie uur met een plaatje-met-een-praatje programma vult, sinds begin dit jaar uitgebreid van twee naar drie uur per dag, ten koste van een wél onderscheidend programma van de NTR, Podium. Wel heeft die verdeling ook veel te maken met de prioriteiten die omroepen hebben. De VPRO was altijd bekend van de vele kwaliteitstelevisie-uitzendingen, zoals Zomergasten, diverse satirische programma’s en goede documentaires. Met de meeste satirische programma’s is men inmiddels gestopt en ook Zomergasten houdt er na de afgelopen zomer mee op. Voor een omroep als MAX is het ook moeilijk onderscheidende televisieprogramma’s, en blijft het bij veel spelletjesprogramma’s met oudere bekende Nederlanders.
Les activités des radiodiffuseurs membres sur NPO Klassiek ne correspondent pas à leur nombre d'adhérents. Proportionnellement, BNNVARA, l'EO et même la VPRO en font peu, bien que cette dernière se soit longtemps distinguée par son engagement culturel. La VPRO a programmé pendant des années sur la chaîne radio classique « Vrije Geluiden », avec de nombreux enregistrements en direct, à l'époque où les « musiques du monde » comptaient encore vraiment ; il y avait De wandelende tak avec le Flamand unique Walter Schlosse, un Flamand bien connu, ainsi que Mundial de Stan Rijven sur la chaîne pop NPO 3FM, et à la télévision Reiziger in Muziek, avec le non moins unique Han Reiziger. Mais ces temps sont révolus. En raison des restrictions budgétaires, la VPRO a aussi abandonné de nombreux autres programmes de qualité à la télévision, comme The Arjen Lubach Show et Plakshot de Roel Maalderink, faisant disparaître la satire qui avait jadis fait la réputation de la VPRO, avec Wim T. Schippers, Koot & Bie, Theo en Thea et Jiskefet ; et maintenant disparaît aussi le dernier programme qui laissait place aux longs entretiens, Zomergasten. Ce qui reste, ce sont les émissions politiques de débat et les documentaires de qualité, sur lesquels on se concentre désormais. L'EO diffuse à la radio, une fois par semaine, le programme Musica Religiosa, avec des CD de musique religieuse, où l'on ne prend pas très au sérieux le qualificatif « évangélique » (donc strictement protestant) ; il y a aussi de la musique catholique, mais pour les textes de la musique classique religieuse d'inspiration protestante, comme une cantate de Bach, on propose une traduction, afin que la portée ecclésiale ne nous échappe pas. À la télévision, l'EO se distingue d'ailleurs par son soutien à des documentaires de qualité et à l'impressionnante série dramatique historique De Joodse Raad.
Le Top 400 et la musique de film
Les radiodiffuseurs membres et la NTR disposent de créneaux fixes sur cette chaîne, et ils collaborent d'ailleurs intensément depuis longtemps sans problème. La répartition fixe des programmes et des présentateurs est par exemple suspendue pendant le Top 400 classique et le Top 400 de la musique de film, élus par les auditeurs. Pour ces émissions, le système se mord d'ailleurs la queue à mon sens. On peut certes débattre avec véhémence de savoir si Joep Beving, Louis van Dijk, Ennio Morricone, Iris Hond, Ludovico Einaudi, Hans Zimmer, Karl Jenkins et Cor Bakker relèvent du domaine de la musique classique. (Je pense que non.) Et d'ailleurs : si la musique de film à consonance symphonique peut bien passer pour du classique, je trouve scandaleux que la musique de Bernard Herrmann pour Vertigo et Psycho d'Hitchcock ne figure pas dans le Top 400 classique général et soit très bas dans le Top 400 de la musique de film, entre le milieu des 300 et les 200. De Franz Waxman, rien n'apparaît dans aucune des deux listes, par exemple pas même sa musique pour Rebecca d'Hitchcock, où Waxman avait devancé Herrmann de 19 ans en citant dans un film d'Hitchcock la musique de la Liebestod de Tristan und Isolde. Et de Korngold non plus, rien dans ce Top 400 de la musique de film !
Outre les émissions radio, NPO Klassiek produit aussi des podcasts, et dispose d'un site web présentant des informations sur les programmes, des contextes et des liens vers des enregistrements antérieurs.
Orchestres et chœur
Le système de radiodiffusion comprend aussi le Radio Filharmonisch Orkest et le Groot Omroepkoor, avec 230 collaborateurs, étroitement associés aux deux grandes séries symphoniques de NPO Klassiek, l'AVROTROS Vrijdagconcert depuis TivoliVredenburg à Utrecht et la NTR ZaterdagMatinee depuis le Concertgebouw d'Amsterdam. La ZaterdagMatinee a débuté en 1961 sous le nom de VARA-Matinee, ou Matinee op de Vrije Zaterdag, mise en place par la VARA « socialiste » comme structure musicale et éducative destinée à la base « ouvrière », à l'époque où la semaine de cinq jours entrait officiellement dans les mœurs aux Pays-Bas. L'AVROTROS Vrijdagconcert a commencé en 1979, à l'ouverture du Muziekcentrum Vredenburg, sous l'égide de l'AVRO, à une époque où la TROS ne faisait pas encore vraiment de musique classique.
Le Radio Filharmonisch Orkest est un orchestre absolument de premier plan qui, sous la direction de sa chef attitrée Karina Canellakis, donne de nombreuses exécutions de qualité des grands opéras de Wagner et des symphonies de Bruckner, mais qui a aussi réalisé une magnifique intégrale Janáček et, avec James Gaffigan, l'un des plus beaux cycles de symphonies de Prokofiev. Le Groot Omroepkoor est lui aussi un ensemble de premier plan. Écoutez-les dans Verdi, Janáček ou Ligeti. Il y eut aussi pendant des années le Radio Symfonie Orkest et le Radio Kamer Orkest ; on n'en finissait pas, mais autant d'orchestres radio dans un petit pays, c'était beaucoup.
Il existe par ailleurs le Metropole Orkest, un ensemble de « big band symphonique » très réputé aussi à l'international, qui pratique également des croisements avec la musique classique, et se prête en outre à des activités commerciales, comme ces derniers temps un rétrospectif du répertoire d'Aretha Franklin au Ziggo Dome d'Amsterdam, et il y a quelque temps un superbe double CD d'arrangements big band du répertoire de Joni Mitchell, cette fois avec la véritable Joni Mitchell.
Au-dessus de l'ensemble de NPO Klassiek se trouve le zendermanager, aujourd'hui Tim Moens, qui répartit le temps d'antenne et les budgets ; une couche de réunions supplémentaire, donc, qui a désormais l'ingrate tâche de répartir entre les radiodiffuseurs les restrictions imposées.
La Concertzender, Classic.nl et la politique
Outre NPO Klassiek, il existe aussi aux Pays-Bas la Concertzender à la radio. Elle ne reçoit aucune subvention structurelle, fonctionne avec des bénévoles et, pour le reste, grâce aux dons d'amateurs. La Concertzender est surtout écoutée par des connaisseurs.
Les radiodiffuseurs commerciaux RTL et Talpa ne font rien avec la musique classique. La chaîne de télévision RTL 4 tente d'ailleurs de se forger une image de qualité, surtout en comparaison avec l'autre grand radiodiffuseur commercial, Talpa de John de Mol.
Il existe aussi une station de radio payante pour la musique classique, Classic.nl, où l'on peut « profiter de la plus belle musique sans publicité pour 2,90 € par mois ». Je ne sais pas si c'est vraiment le cas. Sur le site, on annonce pas mal de concerts de musique néoclassique, par exemple de Joep Beving, donc je crois que cette station n'est pas faite pour moi.
C'est ainsi qu'un système complexe s'est développé. Pourtant, les radiodiffuseurs membres étaient pendant des années des institutions intouchables, et le système fonctionnait. Mais l'ensemble de l'audiovisuel public doit maintenant faire des économies. La « droite » n'a de toute façon plus aucune sympathie depuis des années pour l'audiovisuel public, qu'elle dépeint comme « de gauche ». Dans ces milieux, la NOS et la NTR sont régulièrement désignées avec mépris comme la « radio-télévision d'État ». Il suffit de comparer avec les Britanniques (généralement de droite) qui voudraient restreindre le rôle de la BBC ; Sky de Rupert Murdoch a déjà aiguisé ses couteaux.
Que le dernier discours du Trône, déclaration annuelle de politique prononcée par le Roi, n'ait même pas mentionné la culture est un mauvais signe.
Quatre maisons de radiodiffusion
Si la ministre obtient ce qu'elle veut, à partir de 2029 les onze radiodiffuseurs membres seront regroupés en quatre « maisons de radiodiffusion », valables pour l'ensemble du système, et non seulement pour la chaîne classique.
Les nouvelles alliances ne sont pas encore fixées, mais KRO-NCRV, Omroep Max et WNL ont indiqué vouloir collaborer, tout comme EO, VPRO et Human, AVROTROS et Powned (un radiodiffuseur issu d'une chaîne YouTube plutôt délurée, qui ne fait certainement pas de musique classique jusqu'à présent), et BNNVARA et l'aspirant Omroep Zwart ont également exprimé cette intention, si Omroep Zwart obtient l'accès au système. Ces plans signifient aussi qu'il n'y aura plus de place pour de nouveaux radiodiffuseurs. Jusqu'ici, il suffisait de recueillir 50 000 signatures pour y entrer, mais ce ne sera plus possible à partir de 2029, afin d'éviter une nouvelle fragmentation. Le Conseil de la culture évaluera alors si suffisamment de voix variées se font entendre sur les chaînes.
La NOS et la NTR, dites chaînes de mission, qui n'ont pas de membres, continueront ensemble sous le nom de NOS.
L'avenir des programmes typiques de la NTR
Le monde de la musique classique s'inquiète actuellement des programmes produits par la NTR. La ministre juge la NTR trop petite pour s'occuper seule de la Matinée et pour assurer la moitié de la charge du chœur et de l'orchestre. Mais qui se sentira alors responsable de la Matinée, du concert du dimanche après-midi et des Avondconcerten ? Un représentant du ministère indique que la NTR devrait alors confier les rédactions concernées à l'une des maisons de radiodiffusion.
« Elles ont l'obligation de proposer une offre artistique. Cela est indépendant des membres. Cela est évalué en amont et en aval par le Conseil de la culture. Le système devient totalement différent et ne part pas de la mission des radiodiffuseurs, mais de la mission de service public. »
En 2023, Kees Vlaardingerbroek a quitté son poste de programmateur de la Matinée. Lui aussi estimait, et ce depuis longtemps, que la NTR ne pouvait pas porter seule la Matinée. Mais il dit surtout être parti à cause des restrictions budgétaires drastiques sur le budget de programmation. « Oui, les coûts augmentent, mais la direction de la NTR a commis une erreur en répercutant automatiquement ces coûts supplémentaires sur le budget de programmation. » « Dès 2017, il était apparu que la NTR ne pouvait pas porter seule la Matinée. Je savais, comme beaucoup d'autres, que la Matinée était devenue beaucoup trop vulnérable à cause de l'Alleingang de la NTR (la dénonciation de la collaboration avec l'AVROTROS). » « La NTR n'est pas un radiodiffuseur membre, mais une chaîne de mission. Une fusion avec la NOS s'impose donc. Je ne comprends pas pourquoi la culture ne pourrait pas suivre vers la NOS. » « Ma proposition d'examiner ensemble, avec la direction de la NTR, des solutions alternatives qui ne se feraient pas au détriment du budget de programmation a été rejetée par la direction de la NTR. C'est pourquoi j'ai décidé, en signe de protestation, de quitter mon poste de directeur artistique de la Matinée au 1er avril 2023. » Extrait d'un article de Vlaardingerbroek publié en 2025 sur le site OpusKlassiek : « La Matinée du samedi est trop grande et trop importante pour être portée par un seul radiodiffuseur. D'abord, il est apparu que la VARA n'était pas en mesure de maintenir la Matinée à son niveau à long terme ; plus tard, la même chose s'est produite avec la NTR. La Matinée du samedi doit être portée par l'ensemble de l'audiovisuel public, comme un joyau de sa couronne. Deuxièmement : à Hilversum, les radiodiffuseurs s'inscrivent sur une tranche horaire déterminée à laquelle est attaché un budget, fixé par la Radiotélévision publique néerlandaise (NPO). L'avenir de la Matinée du samedi ne dépend donc pas de la survie de la NTR, mais de la volonté et de la vision de ceux qui ont le pouvoir au sein de la NPO, et c'est en grande partie le responsable des chaînes, ou celui qui exerce une grande influence sur lui. »
À quel radiodiffuseur la Matinée convient-elle, ou plutôt, quel radiodiffuseur convient à la Matinée ?
Peut-être la composante NTR de la NOS sous sa future forme ? Mais apparemment le ministère n'y est pas enclin.
La question est alors de savoir lequel des radiodiffuseurs membres, intégré à laquelle des futures maisons de radiodiffusion, a la plus grande affinité, la plus grande expertise et les moyens financiers espérés pour (co)adopter la Matinée.
La Matinée venait autrefois de la VARA. BNNVARA est aujourd'hui le plus grand radiodiffuseur membre, mais fait presque rien sur NPO Klassiek (à part une émission du dimanche de moins de deux heures, Café Foyer, au format « un peu de tout avec images et discussions », issue d'un programme appelé Keihard Klassiek, consacré exclusivement à la musique « néoclassique »), et le radiodiffuseur ne dispose plus d'aucune expertise en matière de musique classique.
Quant à Omroep MAX, le deuxième radiodiffuseur par nombre de membres, on ne peut pas s'attendre à ce qu'il attende, au nom de ses 50 000 membres et plus, la musique « pour connaisseurs » de la Matinée.
Dan suit KRO-NCRV. Dans le programme quotidien du soir en semaine Passagio Late Night et dans l'émission quotidienne De Ochtend, ce diffuseur fait preuve d'un esprit d'aventure suffisant, notamment grâce à d'excellents compilateurs musicaux, Carel den Hertog et Teun Faber, ainsi qu'à la présentatrice Anne-Maartje Lemereis.
L'AVROTROS organise déjà le concert plus populaire du vendredi soir au TivoliVredenburg à Utrecht, mais on peut se demander si l'on voudrait et pourrait assumer en plus des séries de concerts très différentes. Kees Vlaardingerbroek se pose lui aussi la question.
L'EO, avec l'heure hebdomadaire Musica Religiosa, ne dispose pratiquement d'aucune expertise organisationnelle en interne.
La Matinée aurait autrefois parfaitement pu trouver sa place à la VPRO, mais ce diffuseur met justement fin, à partir de janvier prochain, à l'émission Vrije Geluiden, qui reste pourtant aventureuse.
Vu l'incertitude qui règne actuellement, il existe le risque que les plus hautes instances au sein des diffuseurs élaborent des plans tout autres. Il y aura par exemple certainement des parties au sein et en dehors des diffuseurs qui convoitent les budgets du Radio Filharmonisch Orkest et du Groot Omroepkoor.
L'émission télévisée Podium Klassiek de la NTR continue d'exister. Du moins, « en 2026, rien ne change encore. Nous sommes en discussion au sujet de l'horaire à partir de 2027 », selon un porte-parole.
Les conséquences actuelles des économies
L'AVROTROS indique également qu'elle va faire des économies. Le programme de concerts en direct Spiegelzaal, de deux heures, diffusé depuis le Concertgebouw d'Amsterdam le dimanche matin, avait déjà disparu en décembre 2023. À sa place est venu le Zondagochtend Concert, d'une heure, une série également très réussie en termes de fréquentation, diffusée depuis le Concertgebouw. L'autre heure est allée au programme religieux Tussen Hemel en Aarde de KRO-NCRV, qui a reçu une heure supplémentaire. Mais à partir de décembre de cette année, le Zondagochtend Concert disparaît également. En outre, l'AVROTROS supprime aussi Opium, un programme d'une heure en soirée en semaine consacré à la littérature ou au cinéma.
Cependant, dans De Klassieken, De Muziekfabriek et Jets Vrijdagshow, de jeunes musiciens sont régulièrement invités à se produire en direct en studio. Ceux-ci sont bien sûr moins coûteux, mais ils obtiennent une scène, et l'AVROTROS envoie aux membres des CD de ces prestations invitées, une bonne initiative assurément.
Entre-temps, NPO Klassiek accorde une place croissante à des programmes interchangeables de type « disque-avec-un-bavardage », avec de plus en plus de musique indifférente du genre « un peu de tout », allant de la musique des films Harry Potter jusqu'au Concerto pour piano en ré mineur de Mozart, en passant par pas mal d'Arvo Pärt, dont la musique est aujourd'hui aussi programmée comme easy listening. Les différences restantes semblent parfois résider surtout dans les noms des présentateurs, comme pour Muziekfabriek, Jets Vrijdagshow, De Klassieken (tous trois AVROTROS), Muziek Foyer (BNNVARA) et Maatwerk (MAX). L'EO propose le samedi une variante un peu plus protestante de Tussen Hemel en Aarde de KRO-NCRV, d'une heure, Musica Religiosa.
C'est pourquoi De Ochtend (KRO-NCRV) se démarque soudainement, un programme dont la formule musicale n'est en fait pas très différente, mais qui met l'accent sur l'actualité du jour et fait davantage appel à l'intellect de l'auditeur, avec aussi des choix musicaux régulièrement surprenants, grâce notamment aux présentateurs et rédacteurs bien rodés. Ce présentateur distinctif est également présent dans l'émission de fin d'après-midi Podium (NTR) lorsque Hans Haffmans présente, avec des choix musicaux bien motivés, un retour sur la ZaterdagMatinee, des critiques et l'actualité du monde musical. Mais ce programme a été raccourci d'une heure en semaine, au profit de davantage de disques-avec-bavardage de Maatwerk de MAX.
Et l'on remarque que pour ce genre d'émissions, la formule devient trop mince et trop étirée. Comparez avec ce qui vient de se passer sur Klara le matin : le programme qui, depuis l'été, a remplacé Ampersand souffre du même défaut ; trois heures sans concept fixe, c'est trop long. (Je viens justement d'allumer Klara, et comme si le diable s'en mêlait, il m'arrive comme cela m'était arrivé un jour à De Muziekfabriek : on passe le Premier Concerto pour violon de Bruch avec l'anecdote selon laquelle Bruch était lui-même agacé que l'on veuille toujours jouer son premier concerto pour violon et jamais son deuxième ou troisième ; aïe, pense-t-on alors, passez donc ce deuxième ou troisième, au lieu de toujours ressasser cette anecdote usée ! Passez aussi le deuxième Concerto pour piano de Tchaïkovski, ou le troisième, reconstitué, les débuts de Youri Egorov à la (alors encore VARA-)Matinée en 1974, ou au moins le premier ou le quatrième Concerto pour piano de Rachmaninov, et davantage de Bartók, Prokofiev, Enescu, Janáček, Langgaard, Lekeu, etc.)
Le Concours Eurovision de la chanson, lui, semble possible
Ce qui, à la NOS en collaboration avec la NTR, semble effectivement possible, c'est le Concours Eurovision de la chanson. L'AVROTROS a refusé l'année dernière d'y participer et a récemment décidé de se retirer définitivement. La NOS et la NTR ont alors sauté dans la brèche pour diffuser l'événement malgré tout, sans participation néerlandaise. Pour la prochaine édition, la NPO assure la participation néerlandaise, tandis que les diffusions des émissions sont assurées par la NOS, qui peut donc apparemment s'attribuer une mission « culturelle ». Je suis d'ailleurs curieux de savoir quels artistes néerlandais voudront se brûler les doigts au Concours cette année.