Unsere Website wurde erneuert, gib selbst deine Veranstaltungen ein. Hast du einen Fehler gesehen? Schreib uns!

Klassik Zentral

Beethoven naast Poulenc, het kan wel

Je hebt lef nodig om als liefhebbers, weliswaar met de steun van enkele professionelen, het grote repertoire te programmeren. Ludwig Van Beethovens 5de Symfonie is een alles opeisende kanjer en het té weinig uitgevoerde Stabat Mater van Francis Poulenc is zo groots en tegelijk fragiel en intiem dat het misschien nog meer eist dan de Vijfde.

Al dat hooi van deze ware meesterwerken werd op de vorken genomen van het Vlaams-Brabants Symfonisch Orkest, het Gemengd Koor Omnia Cantica en het koor Salvocalee, de sopraan Noa Vanden Broucke, onder de leiding van de dirigenten Rik Ghesquière en Wouter Versavel. Persoonlijk heb ik het er wat moeilijk mee dat liefhebbers, hoe gedreven ze ook mogen zijn, zo’n zware stukken voor zich nemen. De risico’s zijn zeer hoog, zelfs voor doorwinterde professionelen dat het meer dan gedurfd is om zelfs niet één, maar twee werken van en voor de eeuwigheid uit te voeren. En toch…

Het concert opende wat voorzichtig met een breed uitgesponnen ‘Introduzione’ uit Beethovens ‘Christus am Ölberge’. Schiet niet op de pianist, maar geef hem wel raad: met twee kanjers op het programma, hoeft een kortere inleiding eigenlijk niet. Maar goed, het werk klonk in die grote, hoge kathedraal redelijk, toch wel wollig. Wat zou dat dan geven met dé Vijfde der vijfde symfonieën? De Mechelse kathedraal leent zich eigenlijk niet voor dit repertoire. Eender welk orkest er symfonisch werk brengt, speelt met veel moeite hopend om toch voldoende articulering te krijgen. Dirigenten en solisten sloven zich soms echt uit en het resultaat blijft, zeker vanaf het midden tot achteraan de kerk teveel een woelig spel van niet geheel tot hun recht komende klanken, alles vermengd zich tot een onduidelijke brei. Mechelen mist een echte klassieke concertzaal.

Het bleek nog maar eens, zoals dat al 250 en meer jaren blijkt dat de kathedraal wél zeer geschikt is voor koormuziek en kleiner muzikaal ensemble, maar niet voor een groot romantisch orkest. Jammer voor een stad die één van de vijf kunststeden in Vlaanderen is om over geen zaal te beschikken. Een uitvoering beoordelen op haar kwaliteit is en blijft moeilijk, en zo was het deze keer niet anders met Beethoven V. Dit was wel mogelijk met het breekbare Stabat Mater van Poulenc. Een zeer mooi, intiem, tranen verwekkend werk dat de Lijdende Moeder, dat het nu deze van Jezus is die haar Zoon aan het kruis ziet creperen, dat het nu eender welke moeder waar ter wereld ook is, die een kind, klein of zelfs volwassen, moet afgeven. De pijn is er altijd en ze is altijd anders bij een moeder die het kind het leven schonk. Poulenc weet het te toonzetten, diepgaand tot en met. Het orkest, nu in een kleinere bezetting wat beter tot zijn recht kwam en de koren presteerden naar gezonde middelmaat wat voor amateurs al bijna een maximum is. Een spijtige tegenvaller was de sopraan Noa Vanden Broucke die haar stem echt ontoereikend is voor dit veeleisende werk waarvoor je een volle, ervaren operastem nodig hebt. Ken je plaats in de muziekwereld en breng wat passend is naar je instrument, in dit geval de stem. Er is zoveel mogelijk…

Een dubbel gevoel was het resultaat: zeer veel respect voor de prestatie van de liefhebbers die het toch maar deden, zonde van de concertplaats waar teveel details verdwenen in de hoge gewelven. Mechelen, je weet wat doen: zorg voor die echte concertzaal…

Detalhes:

Título:

  • Beethoven naast Poulenc, het kan wel

Künstler:

  • Vlaams-Brabants Symfonisch Orkest, Gemengd Koor Omnia Cantica, Salvocalee, sopraan Noa Vanden Broucke, dirigenten Rik Ghesquière en Wouter Versavel

Ort:

  • Sint-Romboutskathedraal, Mechelen

Datum:

  • 28 maart 2026

Fotografie:

  • LVM / KC, Marina Mariën
nlNLdeDEenENfrFR