Zum Inhalt springen
Dit is een volledig nieuwe website, vond u een bug, stuur ons een email op bestuur@klassiek-centraal.be
Rezensionen

Voorbij de walsenkoning

W
· 7 Min. Lesezeit
Diesen Artikel teilen
Voorbij de walsenkoning

Wie Johann Strauss jr. (1825-1899) zegt, denkt haast automatisch aan de Weense nieuwjaarsconcerten, de Donauwalzer en een wereld van elegantie, lichtheid en Weense charme. Dat beeld is zo sterk geworden dat het gemakkelijk de componist zelf overschaduwt. Achter de walsenkoning schuilt immers een componist met een uitgesproken gevoel voor orkestrale kleur, ritmische precisie en theatrale timing. De nieuwe cd van BR-KLASSIK, met het Münchner Rundfunkorchester onder leiding van Patrick Hahn, kiest bewust voor minder vertrouwd repertoire. Zo ontstaat een breder beeld van Strauss dan het repertoire van de jaarlijkse nieuwjaarsconcerten doorgaans laat zien.

Meer dan Weense gezelligheid

Al in Perpetuum mobile op. 257 kiest Hahn voor een lichte, beweeglijke aanpak, zonder Strauss tot vrijblijvend amusement te reduceren. Het korte stuk uit 1861 is opgebouwd rond een eenvoudig motief dat telkens terugkeert en daarbij van instrumentale kleur verandert. Hahn houdt de verschillende instrumentale invallen goed hoorbaar. Zo blijft het stuk levendig zonder te ontaarden in een louter mechanisch kunststukje.

Die aanpak werkt ook in de Revolutions-Marsch op. 54. Dit vroege werk uit 1848 laat een andere kant van Strauss horen. In tegenstelling tot zijn vader sympathiseerde de jonge Strauss met de revolutionaire bewegingen van 1848, al nam hij zelf niet actief deel aan de opstanden. Na de mislukking van de revoluties nam hij afstand van die vroegere sympathieën en probeerde hij ook de mars uit de publieke herinnering te laten verdwijnen. Hahn presenteert de muziek zonder haar te beladen met historische betekenis. De mars klinkt direct en energiek, met scherpe ritmische accenten die de muziek een opvallende felheid geven.

Daartussen weerklinkt Nordseebilder op. 390, een wals uit 1879 die ontstond tijdens verblijven van Strauss en zijn tweede vrouw Angelika op het eiland Föhr. Bij Hahn wordt de zee geen louter schilderachtig decor. De brede orkestrale beweging krijgt ruimte, terwijl ook iets van de dreiging van de zee voelbaar blijft. Tegelijk komt Strauss' gevoel voor kleur helder naar voren en blijft de uitvoering ver verwijderd van zoete nostalgie.

Een tweede leven

Ook het muziektheater neemt in het programma een belangrijke plaats in. De Csárdás uit Ritter Pásmán toont hoe Strauss materiaal uit een minder succesvol theaterwerk opnieuw tot leven wist te brengen. Zijn enige opera ging in 1892 aan de Weense Hofoper in première, maar verdween na enkele voorstellingen alweer van het toneel. Verschillende onderdelen, waaronder deze Csárdás, bleven als zelfstandige concertstukken bestaan. Hahn maakt er geen exotisch effectstuk van. Hij houdt de muzikale lijn strak en laat de solopartij helder uitkomen, terwijl strijkers, houtblazers en slagwerk voor een levendige orkestrale omlijsting zorgen. De Hongaarse kleur blijft daarbij mooi gedoseerd: ritmische scherpte en duidelijke accenten geven de muziek vaart en karakter.

Het Intermezzo uit Tausend und eine Nacht heeft een heel ander karakter. De oorspronkelijke operette Indigo und die 40 Räuber uit 1871 kende geen blijvend succes en ook de latere versie onder de titel Tausend und eine Nacht wist het stuk niet opnieuw op het toneel te vestigen. Het Intermezzo overleefde wel als zelfstandig concertstuk. Hier komt een meer ingetogen Strauss naar voren. De uitvoering begint plechtig, maar Hahn vermijdt vervolgens elke overdreven sentimentaliteit. Daardoor kan de melodie zich rustig ontvouwen. Juist die terughoudendheid werkt hier overtuigend.

Ook Vom Donaustrande en Carnevalsbilder zijn gebaseerd op materiaal uit Der Carneval in Rom, de operette uit 1873 die Strauss tijdens een reis naar Italië inspireerde. Vom Donaustrande kreeg later de vorm van een polka en wordt hier met veel zwier gebracht, terwijl Carnevalsbilder als fantasie op thema's uit de operette een meer episodisch karakter heeft. Hahn en het Münchner Rundfunkorchester behandelen beide stukken niet als curiosa. Er is hoorbaar plezier in het musiceren, met een soepele ritmiek en aandacht voor de wisselende orkestrale kleuren. Vooral in Carnevalsbilder werkt de afwisseling tussen de verschillende episodes goed, terwijl Vom Donaustrande opnieuw de dansante kant van Strauss naar voren brengt.

De ouverture van Der Zigeunerbaron klinkt eerder op de cd. Die is veel bekender, maar ook hier vermijdt Hahn het gevaar om er een verplicht feestnummer van te maken. De uitvoering blijft vrij van overdrijving en de orkestrale details blijven goed hoorbaar. Zo past ook deze ouverture binnen het theaterportret dat de cd van Strauss schetst.

De late Strauss

Het meest intrigerende werk van de cd is het slotstuk Klänge aus der Raimundzeit op. 479 uit 1898. Strauss schreef het naar aanleiding van een monument voor Ferdinand Raimund en verwerkte daarin ouder materiaal, onder meer van zijn vader en Joseph Lanner, maar ook melodieën uit toneelmuziek die hij al uit zijn jeugd kende. Het werk krijgt zo het karakter van een muzikale terugblik op een wereld die voor Strauss zelf tot het verleden behoorde.

Dat hoor je in de uitvoering. De sprankeling van een polka en de dansbeweging van een wals maken plaats voor een bredere, meer beschouwende sfeer. Melodieën lijken uit het verleden op te duiken en weer weg te ebben, waardoor naast de vertrouwde elegantie ook een vleug melancholie hoorbaar wordt. Het hoogste opusnummer van Strauss en het slot met twee melodieën waarin afscheid centraal staat, geven het werk een bijzondere plaats binnen dit programma. Hahn voelt die ondertoon goed aan. Hij maakt er geen zwaar aangezet muzikaal testament van, maar laat de muziek zelf spreken.

Een grap na de grap

De cd eindigt met een opmerkelijke bonus: een tweede versie van Perpetuum mobile, ditmaal met rap. Patrick Hahn maakte het arrangement op een tekst van Herms Fritz, wiedaamol ualaub, met Johannes Silberschneider als voordrager. Het is een geestige knipoog naar het oorspronkelijke werk, waarin het muzikale perpetuum mobile zelf al een grap met de luisteraar uithaalt. De gesproken tekst maakt die humor nog explicieter.

Als toegift werkt dit uitstekend, juist door die speelse omkering van het oorspronkelijke concept. Voor de eigenlijke waarde van de uitgave is het echter niet essentieel. Die ligt in de instrumentale werken en in de manier waarop Hahn Strauss uit het vertrouwde kader van nieuwjaarsconcerten en Weense nostalgie haalt.

Tussen precisie en spontaniteit

Het Münchner Rundfunkorchester is daarbij een overtuigende partner. De brede ervaring van het orkest, van opera en operette tot filmmuziek en cross-over, sluit goed aan bij Strauss' mengeling van theatrale flair, gevoel voor kleur en ritmische beweeglijkheid. De musici spelen trefzeker en houden tegelijk de energie van de muziek vast. Patrick Hahn combineert zijn werk als dirigent met activiteiten als pianist en componist en heeft bovendien een achtergrond in de jazz. Sinds 2021 is hij eerste gastdirigent van het Münchner Rundfunkorchester. Vooral zijn gevoel voor ritme en voor de theatrale kant van Strauss komt in deze opname goed tot zijn recht.

Toch blijft er een kleine reserve. Hahn en het orkest werken soms wel erg mooi en gepolijst. De typische Weense Schmäh, die iets ondeugends, lichts of onverwachts aan de muziek kan geven, blijft daardoor af en toe op afstand. Een vleugje meer ongedwongenheid had de uitvoeringen nog wat extra karakter kunnen geven. Tegelijk blijft er voldoende speelplezier en levendigheid om het programma van begin tot eind te dragen.

Geen van de werken op deze cd is een vergeten meesterwerk, maar het minder bekende theaterrepertoire en vooral Klänge aus der Raimundzeit laten wel een Strauss horen die verder reikt dan het vertrouwde beeld van de walsenkoning: een late, beschouwelijke Strauss, ver verwijderd van de Weense nieuwjaarssfeer.

Besprochene CD

Johann Strauss - Perpetuum mobile

Münchner Rundfunkorchester, Patrick Hahn

Label
BRKlassik · 900353
Erscheinungsdatum
18 September 2026
Anhören Apple Music
Vollständige Angaben →
Diesen Artikel teilen
DE