Zum Inhalt springen
Dit is een volledig nieuwe website, vond u een bug, stuur ons een email op bestuur@klassiek-centraal.be
Nachrichten

Utopia Ensemble en de muzikale Gouden Eeuw van Antwerpen

W
· 10 Min. Lesezeit
Diesen Artikel teilen
Utopia Ensemble en de muzikale Gouden Eeuw van Antwerpen

Naar aanleiding van de cd Our Lady of Antwerp: A Musical Path to Rubens spraken we met Adriaan De Koster van Utopia Ensemble over zingen zonder dirigent, de samenwerking met Psallentes en de muzikale geschiedenis van de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.

Utopia Ensemble is een vast vocaal kwintet dat bewust zonder dirigent werkt. Iedere zanger draagt daardoor een grote verantwoordelijkheid, zowel tijdens de repetities als op het concertpodium. De visie op interpretatie en repertoire wordt gezamenlijk ontwikkeld en door de vijf zangers gedragen. Die gedeelde verantwoordelijkheid vertaalt zich rechtstreeks in de klank: "We ademen samen en zoeken een homogeniteit door samen de klank en woorden te kleuren, samen te fraseren." Tegelijk blijft elke stem zelfstandig: iedere zanger brengt zijn eigen melodische lijn om vervolgens weer op te gaan in het geheel.

Geen leider, wel consensus

De keuze om zonder dirigent te werken ligt aan de basis van Utopia. Het ensemble ontstond uit de behoefte om zelf polyfonie te zingen zonder dat een leider de interpretatie bepaalt. "Een leider kan uiteraard inspirerend zijn, maar is soms ook remmend, omdat hij of zij de eigenheid en het individueel engagement van de zangers kan uitvlakken," aldus De Koster.

Dat uitgangspunt heeft zelfs gevolgen voor de manier waarop het ensemble met ritme omgaat. De tactus, de innerlijk gevoelde maatslag, tracht Utopia sterk te voelen, maar niet uitwendig te tonen. Daardoor kan de muziek vloeiender bewegen, zonder de ritmische ankerpunten te nadrukkelijk weer te geven, en komen de golvende lijnen van de polyfonie nog sierlijker tot uiting.

Ook artistieke beslissingen worden collectief genomen. Iedereen heeft evenveel recht van spreken en het doel is steeds om tot consensus te komen: "Dit vraagt soms meer tijd, maar heeft dan weer als voordeel dat vaak verschillende interpretatieve opties geprobeerd worden, tot we iets vinden dat door iedereen gedragen is." Door de jarenlange samenwerking zijn er wel natuurlijke accenten ontstaan: de ene zanger zal sneller aandacht vragen voor de tekst, een andere voor intonatie of een ander aspect van de uitvoering. De uiteindelijke beslissing blijft echter collectief.

Die manier van werken biedt volgens Utopia ook specifieke mogelijkheden voor een klein ensemble: "Wanneer vijf stemmen die elkaar goed kennen samen zingen, kan dit ook best groots klinken, maar enkel wanneer de stemmen helemaal klikken." Tegelijk zijn de grenzen duidelijk, want een kwintet kan niet hetzelfde volume produceren als een koor van zestien zangers en kan vanzelfsprekend geen zes- of meerstemmige polyfonie uitvoeren. Binnen die beperkingen zoekt Utopia echter naar een breed spectrum aan dynamiek en sfeer.

Samenwerking met Psallentes

Voor de gregoriaanse gezangen op de cd werkte Utopia samen met Psallentes onder leiding van Hendrik Vanden Abeele. Die samenwerking heeft een lange voorgeschiedenis. Psallentes gaat terug tot het zingen van gregoriaans bij concerten van Capilla Flamenca, waar Lieven Termont destijds bij zong. Ook Adriaan De Koster zong ooit bij Psallentes, toen het ensemble nog voornamelijk uit mannenstemmen bestond.

De keuze voor Psallentes lag dan ook voor de hand. "Hendrik is dé specialist voor het uitvoeren van gregoriaans in België." Bovendien sluit de samenwerking inhoudelijk aan bij het Mariathema van de cd. Het gregoriaans wordt door vrouwenstemmen gezongen, wat volgens Utopia een extra vrouwelijke aanwezigheid aan het programma geeft.

Antwerpen als muzikaal centrum

Our Lady of Antwerp voert de luisteraar door bijna twee eeuwen Antwerpse muziekgeschiedenis, van ongeveer 1400 tot 1620. Het uitgangspunt ligt bij de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekerk en de musici die er actief waren, maar het project vertelt tegelijk een breder verhaal over de stad.

Antwerpen was in de zestiende eeuw een van de grote Europese steden, een centrum van handel, innovatie, boekdrukkunst, beeldende kunst én muziek. Die muzikale dimensie is volgens Utopia vandaag minder sterk aanwezig in het historische beeld van de stad. Het ensemble was al eerder op zoek gegaan naar dat Antwerpse muzikale erfgoed, onder meer met projecten rond Andreas Pevernage en Tielman Susato. Die laatste belichaamt voor Utopia ook de internationale dynamiek van de stad: als migrant kwam Susato naar Antwerpen, waar hij als drukker en componist zijn plaats vond.

Ook de kathedraal beschikte over een belangrijke muzikale traditie en trok gerenommeerde componisten aan. Obrecht, Pevernage en Philips zijn daarbij waarschijnlijk de bekendste namen – al was Philips zelf nooit kapelmeester aan de kathedraal. Andere componisten en kapelmeesters die in de Antwerpse muziektraditie een rol speelden, klinken vandaag veel minder vertrouwd, hoewel hun werk volgens Utopia zeker niet minder van kwaliteit is.

De zoektocht werd bemoeilijkt door het feit dat een groot deel van de muziekbibliotheek van de kerk tijdens de godsdienstoorlogen verloren ging. Toch bleef er voldoende materiaal bewaard om een omvangrijk programma samen te stellen. Vooral voor het gregoriaans was de historische situatie complexer. Over de precieze praktijk in de Antwerpse kathedraal van de zestiende eeuw bestaat niet in alle gevallen zekerheid. Vanden Abeele kon echter repertoire vinden dat voldoende aanknopingspunten bood. Dat een deel daarvan rechtstreeks uit een Antwerpse bron uit de zestiende eeuw afkomstig is, geeft de opname volgens Utopia een extra dimensie.

Ook zanger en onderzoeker Marc Busnel leverde een belangrijke bijdrage. Voor het Agnus Dei uit de Missa Sine Nomine van Matthias Pottier reconstrueerde hij twee verloren stemmen, die vermoedelijk verloren gegaan zijn tijdens de Beeldenstorm.

Van vroege polyfonie naar Philips

Een van de interessantste aspecten van het project was voor Utopia niet één afzonderlijke componist, maar de ontwikkeling van de polyfone taal zelf. De zangers zijn vertrouwd met de rijke polyfonie van de zestiende eeuw, maar het chronologisch bredere programma vroeg als groep om telkens opnieuw van taal en klankwereld te veranderen.

De cd beweegt van vroege polyfonie met veel bicinia naar de meer uitgewerkte vijfstemmige architectuur van de zestiende eeuw en uiteindelijk naar de bijna-vroegbarokke taal van Peter Philips. Daardoor werd het maken van de cd ook voor de uitvoerders zelf een muzikale ontdekkingstocht.

Het programma bestrijkt bijna twee eeuwen. Aanvankelijk betekende dat zoeken naar de juiste verbanden en ordening, maar eenmaal de structuur duidelijk werd, ontstond een gevoel alsof de zangers zelf in versneld tempo de groei en bloei van een muziekgenre meemaakten: "Alsof we in sneltempo de hele groei en bloei van een muziekgenre zelf meemaakten."

Een historische ruimte op cd

Die historische ontwikkeling speelt zich niet alleen af in de tijd, maar ook in de ruimte. Het boekje bij de cd beschrijft hoe muziek in de kathedraal vanuit verschillende plekken kon klinken en hoe kerkgangers zich door de ruimte bewogen. Daardoor veranderde ook voortdurend de luisterervaring.

Een cd kan die historische situatie uiteraard niet letterlijk reconstrueren: "Maar we hebben wel geprobeerd iets van die verschillende perspectieven hoorbaar te maken." De zangeressen van Psallentes kregen in de mix bewust meer akoestische ruimte, waardoor hun gregoriaanse gezangen verder weg lijken te klinken. De polyfonie van Utopia klinkt directer. Zo ontstaat een contrast alsof de muziek vanuit verschillende posities in de ruimte tot de luisteraar komt.

De opname vond plaats in AMUZ. De concertzaal biedt niet alleen een geschikte akoestiek, maar maakt het bij een opname ook mogelijk om externe factoren, zoals buitengeluid, beter onder controle te houden. De kathedraal, midden in het drukke stadscentrum, was daardoor geen vanzelfsprekende opnameplek: "De galm van 'een kathedraal' is nog net iets groter, hoewel de kathedraal van Antwerpen dan weer zo'n grote ruimte is dat er soms misschien wel minder akoestiek zou zijn."

Voor het releaseconcert keert Utopia op 27 september wel terug naar de kathedraal. Het ensemble zingt in het Hoogkoor, waar het ook eerder een video voor de cd opnam. Daar krijgt de muziek bovendien een beeldende context die nauwelijks beter bij het programma had kunnen passen: Rubens' monumentale Maria Tenhemelopneming.

Maria als verbindend motief

Maria is in Antwerpen op veel plaatsen aanwezig: in de kleine beelden aan gevels, in het grote beeld op het stadhuis en natuurlijk in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal. Ook 15 augustus, traditioneel Moederdag in Antwerpen, heeft een duidelijke Mariale betekenis.

Voor Utopia was Maria daarom meer dan alleen een liturgisch uitgangspunt. Het ensemble wilde haar ook benaderen "als symbool van verbondenheid, oermoeder en overvloedige liefde." Dat beïnvloedde de repertoirekeuze. Naast uitgesproken liturgische muziek kwamen ook werken in aanmerking waarin een bredere, minder strikt liturgische Maria-symboliek aanwezig is, zoals De ma dame van Johannes Pullois en Mon coeur se recommande a vous van Van Turnhout.

Die keuze past in de bredere opzet van het project: historische muziek wordt niet geïsoleerd van haar omgeving gebracht, maar verbonden met de stad, haar gebruiken, haar kunstenaars en haar geschiedenis.

Van Peter Philips naar Rubens

Dat wordt het duidelijkst in het slot van de cd, met Peter Philips' Assumpta est Maria. Philips was geen kapelmeester van de Antwerpse kathedraal, al kwam hij er wel geregeld en speelde hij er ook muziek. Zijn werk vormt bovendien muzikaal een overgang naar een nieuwe tijd. Naast polyfone passages bevat het homofone gedeelten en een soort dubbelkorige werking, opmerkelijk voor een werk dat met slechts vijf stemmen wordt uitgevoerd.

Rubens vormt voor Utopia het historische eindpunt van het verhaal. Zijn Tenhemelopneming staat symbool voor het barokke Antwerpen en biedt tegelijk een directe verbinding met het Mariathema van de cd. Philips bevindt zich in dezelfde historische periode en zijn muziek maakt volgens Utopia de brug tussen renaissance en barok.

Zo wordt Assumpta est Maria meer dan het laatste werk van de opname. Het is het punt waarop verschillende lijnen van het project samenkomen: de Antwerpse muziektraditie, Maria, de overgang van renaissance naar barok en uiteindelijk de wereld van Rubens.

Muziek als geschiedenis die opnieuw gaat leven

Daarin ligt ook de bredere ambitie van Utopia. Het ensemble wil vergeten repertoire niet alleen opnieuw uitvoeren, maar het in een context plaatsen: "Geschiedenis is voor ons nog te vaak een verhaal met bordkartonnen figuren of theoretisch interessante bevindingen. Door ontdekkingen, repertoire te linken aan gebeurtenissen, emoties en context, komt de vergeten of verloren muziek écht tot leven, in een verhaal dat aanspreekt, aan een gespecialiseerd, maar evengoed aan een niet-kennerspubliek."

Dat verklaart ook waarom een programma als Our Lady of Antwerp bijna twee eeuwen muziek kan omvatten zonder louter een historische catalogus te worden. De chronologische ontwikkeling van de polyfonie wordt verbonden met een stad, een kerk, een religieuze traditie en uiteindelijk met het barokke Antwerpen van Rubens.

Een cd-release voelt voor de zangers "in zekere zin als een tijdmachine" naar een recent verleden van het ensemble. De opname gebeurde immers vorige zomer, waardoor Utopia intussen met andere projecten bezig is. Toch is het verschijnen van de cd een belangrijk moment: het resultaat van die vroegere ontdekkingstocht wordt nu opnieuw aan het publiek toevertrouwd.

De Antwerpse Gouden Eeuw blijft het ensemble boeien. Er zijn al projecten voor de komende jaren die zich in die richting ontwikkelen, onder meer rond Antwerpse drukkers. Met de cd rond Pevernage vertelde Utopia al het verhaal van Christoffel Plantin, terwijl de productie rond Tielman Susato een tweede belangrijke drukker belichtte. Over een derde grote Antwerpse drukker wil Utopia voorlopig nog niet veel meer kwijt.

De nieuwsgierigheid naar onbekend repertoire blijft daarmee een constante. Voor Utopia is het fascinerend om muziek opnieuw te ontdekken die lange tijd buiten beeld is geraakt, maar minstens even belangrijk is de context waarin die muziek wordt geplaatst.

Zo krijgt de muziek opnieuw een plaats in een verhaal dat niet alleen kenners kan aanspreken, maar evengoed luisteraars die deze Antwerpse muzikale wereld voor het eerst ontdekken.

 

Our Lady of Antwerp: A Musical Path to Rubens is een productie van Utopia Ensemble, met medewerking van Psallentes onder leiding van Hendrik Vanden Abeele. Het releaseconcert vindt plaats op 27 september in het Hoogkoor van de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.

De cd-recensie van Dirk Smits lees je hier: https://klassiek-centraal.be/our-lady-of-antwerp

Details

Utopia Ensemble
Website
Psallentes
Website
Diesen Artikel teilen
DE