Aan het begin van de 17e eeuw trok het Brusselse hof enkele van de grootste componisten en organisten van die tijd aan, waaronder Peter Philips, Peeter Cornet, John Bull en, iets later, Abraham van den Kerckhoven, die allemaal nieuwe wegen insloegen in het laten klinken van orgels. Vlaamse en Waalse orgelbouwers in heel Europa, vooral in Spanje en Frankrijk, bouwden in deze tijd instrumenten die een grote invloed zouden hebben op de orgelbouw in deze landen.





