#TAZ22 ‘Ziejemij’ – een zee van cultuur

Theater aan Zee nodigt uit voor cultuurparticipatie en biedt een heerlijk pittige cocktail van vakantie en podiumkunsten. Dit met een gevarieerd aanbod voor groot en klein: indoor of outdoor – je hebt het voor het kiezen: puur ontspannend of mag het best wat inspanning vergen? De keuze is aan de bezoeker. De unieke formule van TAZ is inmiddels uitgegroeid tot een begrip en vierde een zilveren jubileum met een wervelend feestprogramma onder de noemer ‘Ziejemij’. ‘Zorg’ was deze editie het centrale thema. Zorg voor elkaar, voor het milieu, voor een sector in moeilijkheden, voor een inclusieve en solidaire samenleving. Het werd de drukst bezochte editie tot nog toe.

Evolutie

Een straattheaterfestival dat zicht ontpopte tot een multidisciplinair festival met honderden voorstellingen. Hier geldt duidelijk l’embarras du choix. Wie had 25 jaar geleden van dergelijke transformatie durven dromen! Door de immense groei kan een organisatie verstrikt geraken in zijn eigen ambities, maar dat geldt zeker niet voor TAZ. Het blijft zijn eigenheid en charme bewaren. Deze editie was eens te meer avontuurlijk. Het publiek kreeg de kans om gemiste voorstellingen toch nog mee te pikken of op ontdekkingsreis te gaan. In een verwevenheid en vanuit hun artistieke vrijheid presenteren de kunstenaars hun werk.

TAZ liet gedurende ruim een week de straten, pleinen en zalen in Oostende weer vibreren met theater, dans, muziek en cross-overs in een sfeer van vreugde en delen. Luc Muylaert, al die tijd de bezielende kracht en motor van TAZ, gaf de fakkel door aan Jozefien Mombaerts, bijgestaan door Cindy Godefroi en Lies Deschitere. De vele vrijwilligers (zo’n 450), al jaar en dag dé bondgenoten van TAZ, die tactvol en discreet zorgen dat alles in goede banen wordt geleid werden als medespelers ingeschakeld en mochten hun voorkeur uitspreken. In co-creatie slaagde men erin met speelsheid, emotionele intelligentie en ook een portie experimenteerdrift  en losjes aan elkaar gelinkte verhalen, een straffe programmatie te maken, die alle richtingen uitwaaierde. In dit spectrum komen grenzen, identiteit en verscheidenheid aan bod in een zee van cultuur. Een verslag van de voorstellingen die ik zag.

‘MISE EN PLACE’ van hetpaleis/cie Barbarie/Theater Stap/BRONKS/Kopergieterij

In deze productie worden de mogelijkheden van mensen met een beperking in de kijker gezet. De scène is leeg op één deur en één poort na. De verbeelding kreeg de vrije teugel. We zoeken allemaal onze plaats in de wereld. Wie ben ik? Is de mens een lichaam zonder hoofd, zes benen zonder torso, één gigantisch been? De deur en poort waar velen zonder problemen door kunnen blijft gesloten voor anderen. Deze absurde voorstelling laat zich goed lezen tot het moment dat de panelen rond de poort en deur worden afgebroken. Daar ontspoort het een beetje. Het scènebeeld wordt chaotisch. De overgave van de spelers van Theater Stap en Barbarie is hartverwarmend.

© Franky Verdickt

Theatraal Concert ‘Ik Ben De Walvis’ Wim Opbrouck, tournee i.s.m. Te Gek!?

Een openluchtvoorstelling aan de kaaien die start om 21u wanneer de schemering langzaam overgaat in duisternis en de maan begint aan haar langzame traject. De setting op een scheepswerf te midden van oud verroest materiaal, schepen, in de verte een vuurtoren heeft iets surrealistisch. 

Kunstenaars voelen feilloos aan wat er onderhuids broeit. Met de pandemie en oorlog in Oekraïne leeft er in de samenleving heel wat angst en onrust. Met kordate doortastendheid doorprikt Wim Opbrouck de waan van de dag, want ook hijzelf is niet vrij van donkere gedachten, melancholie. Opbrouck laat in ‘Ik Ben De Walvis’ in zijn ziel en hart kijken. Een voorstelling met een emotionele lading. Het is evenwel geen narcistisch pronkproject. Het staat ook dwars op een antropocentrisch denkpatroon. De walvis is geen vis maar een zoogdier, net zoals de mens. Een groot log dier, maar toch sierlijk en elegant. Wim Opbroeck is de incorporatie van de bultrug. Hij is gefascineerd door het leven in zee. Dit blijkt uit de hybride stijl: een fusie van wetenschappelijk onderzoek en zijn vrije creatieve geest. Hij heeft zich verdiept in de materie en glijdt met zijn beeldrijke, expressievolle en gestroomlijnde zegging, lichaamstaal en zang doorheen de materie. De walvis krijgt menselijke trekjes, worstelt ook met eenzaamheid, duistere gedachten, maar de overlevingsdrang redt het op fatalisme en jeugdige overmoed. Opbroeck zingt een paar oude Engelse ballads. Ballads vertellen verhalen van hartzeer en verlies, van volharding en passie. Hij geeft een prachtige interpretatie van het lied ‘Send in the clowns’ geschreven door Stephen Sondheim voor de musical ‘A little night music’ uit 1973. Opbrouck  omschrijft de walvis als de monarch der zeeën. Wel, Opbrouck is de monarch van het podium. Hij realiseert deze positie met de vier hoekstenen van zijn kunstenaarschap: ademen, spelen, zingen, dansen. Indrukwekkend! Hij wordt bijgestaan door twee instrumentalisten. Euphonium: Niels Van Heertum en percussie/samples: Ron Reuman. Met drie stomen ze op volle kracht. Hun hersenen hebben dezelfde bedrading. In elk individu schuilt een echokamer van duistere gedachten, droefgeestig pessimisme, de verborgen inner circle. Er is evenwel geen sprake van een emotionele kortsluiting. Wim Opbrouck gaat in zijn overpeinzingen dwars over alle vluchtheuvels heen. Giet de gevoelens in woorden, samen met de twee instrumentalisten geeft hij ze kleur. Een oerkreet die barst van de levenskust en energie. In de soundscape is de scheepsbel en misthoorn verwerkt. Heel mooi, van een etherische schoonheid, is het blokfluittrio. Aan zijn zijde twee stersolisten die samen met Opbrouck de melodieën de intensiteit geven die ze nodig hebben. Hun lichamen vibreren op dezelfde frequentie. Synergiën groeien immers uit inhoudelijke verwantschap. Je kunt niet anders dan onder de indruk zijn van zoveel verbositeit, muzikaliteit en natuurlijke klasse. Drie briljante en creatieve mannen zorgen voor een beklijvende avond. Op het einde ruist de zee.

Muziektheater ‘Pied de Poule’ Studio Orka

© Phile Deprez

Het is doodjammer dat Studio Orka stopt, de boeken toe doet. ‘Pied de Poule’ is eens te meer een van die deugddoende voorstellingen. Gechargeerd, maar beheerst gechargeerd. Die losse sfeer om levensproblemen en -vraagstukken aan te kaarten is een van de krachten van dit theatercollectief. Het decor is subliem. Een verstelatelier ‘Retouche Wilfried’ met vensters op de wereld. Wanneer de protagonisten hun furie buiten botvieren kan het publiek meegenieten van de verbouwereerde reactie van de passanten. Buiten raast de stad en draait de wereld door. Op een druk plein, palend aan een drukke straat gebeurt er van alles. De acteurs spelen daar gretig op in. Het is niet allemaal lol en fun. Enkele hete hangijzers in de samenleving worden gefileerd. Een alleenstaande vader (weduwnaar) heeft het moeilijk met zijn tienerdochter die aan anorexia lijdt, niettegenstaande zijn eigen miserie is hij ook nog de rots in de branding voor enkele mensen die hun plek niet vinden in de maatschappij, hunkeren naar stabiliteit en veiligheid. Een rollercoaster van begin tot eind die het publiek meezuigt in een draaikolk van voorspoed en tegenspoed. Ze balanceren allemaal op een dun koord. De subtiele bedrieglijke combinatie van humor en ernst, hilarisch in beeld gebracht tot Superman toe, met als hechtmiddel kameraadschap.

Met als bespiegeling: we kunnen niet zonder de ander. Titus De Voogdt is een acteur met een ontembare, atletische energie. Als geen ander weet deze cast: Steven Beersman, Ephraim Cielen, Greet Jacobs, Naomie van der Horst, Martine Decroos en Philippe Van de Velde in een drieste speeldrift wat werkt en wat niet werkt. Ten gepaste tijde wordt er ook gezongen, en hoe! ‘Pied de Poule’ is alles wat je van Orka verwacht: vindingrijk, dwars, grappig, ontroerend. Een voorstelling die knettert en vonkt van begin tot eind.

Drie monologen

De drie monologen passen perfect in het leidmotief anno 2022 van TAZ ‘Ziejemij’. De mens in al zijn noden, trauma’s en verzuchtingen komt in beeld. Maar de veelheid van monologen legt ook een manco bloot.

Theater is in de eerste plaats  teamwork, gesamtkunst met protagonisten en antagonisten. Door de ontbinding van grote gezelschappen en vaak ‘ons kent ons’ worden jonge spelers in het creatief ondernemerschap geduwd. Krijgen ze geen werk, dan creëren ze zelf wel een voorstelling.

‘De Bastaard’ het Zuidelijk Toneel

© Anna van Kooij

Rashif El Kaoui start met de confronterende woorden: “Ik ben een bastaard, een halfbloed, een vuilnisbakkenras.” Hij kaart het polariserend thema identiteit aan en schetst zijn geschiedenis, zijn omstreden plek in de maatschappij, een leven vol weerhaken. Als kind van een Vlaamse moeder en Marokkaanse vader worstelt hij met wie hij is. Niettegenstaande hij hier geboren is, school liep en werkt, wordt hij door veel Belgen als een vreemdeling, een buitenstaander beschouwd en in Marokko is hij dat al evenzeer. Hij wil de ogen van de toeschouwer openen voor taboes, vooringenomenheid, racisme. Zijn vader kwam uit een onooglijk dorpje hoog in de bergen, het mulle Atlaszand van Marokko.

Ontheemd, kreeg het drank- en drugsduiveltje hem in zijn greep. Het liep mis tussen vader en zoon. Zijn grootmoeder langs moeders kant was Rashifs beste maatje. Die in Marokko had hij nog nooit gezien tot zijn dertigste wanneer hij op zoek gaat naar zijn roots. Hij kent de taal niet en de ontvangst is eerder koel. Er is interactie met het publiek. In deze voorstelling laat hij zich summier bijstaan door een percussioniste/zangeres en cineast. Beelden van de reis worden geprojecteerd. Het publiek beleeft alles door zijn ogen. Met een scherpte die raakt aan het gesukkel van de mens met zichzelf en de ander in een schakering van verdriet en veerkracht. Dit verhaal over  de eigen roots doorgronden blijft aan de ribben plakken.

‘Holy  Shit’ De Nwe Tijd Suzanne Grotenhuis

© Alexander Daems

Burn-out behoort tot de zeitgeist.  Theatermaakster Suzanne Grotenhuis durft zich fragiel op te stellen, door zich zo te tonen aan het publiek is deze voorstelling ook empowerment voor anderen die door diepe dalen gaan. Ze schetst haar emotionele en cognitieve ontregeling tijdens het grootste theaterfestival ter wereld: het Edinburgh Fringe Festival waar ze de pedalen kwijtraakte. Een frêle verschijning op het podium die het publiek ruim een uur weet te boeien. Zit je in de shit, moet je even alles loslaten om terug op je positieven te komen en dat vergt tijd. Dan is daar de vraag: “Ja maar, wie gaat dat allemaal betalen?”

Muziektheater ‘Serenade’ Louis Janssens

Louis Janssens gebruikt het leven en de muziek van Franz Schubert om zich te uiten als queer artiest en zijn dromen en liefde voor muziek te delen met het publiek. Hij doet dat op een onconventionele manier: in pyjama vanop een matras met een laptop in handbereik. Hij etaleert al zijn talenten: spreekt Engels, Duits, Frans naast zijn moedertaal. Hij laat klassieke liederen en aria’s vertolken door niet de minste sterren uit het operarepertoire: Barbara Hendrickx, Jessy Norman in composities van Charles Gounod, Purcell en becommentarieert ze. Daarnaast komen ook zijn idolen Liesbeth List, Patti Smith en Celine Dion aan bod. Op een spectaculaire manier lipt hij de aria voor coloratuursopraan ‘Queen of the Night’, uit Mozarts Die Zauberflöte.  Met een lome nonchalance gooit hij zich schaamteloos en flirt met het publiek. Deze monoloog eindigt met het lied ‘Der Doppelgänger’, zang met enkele donkere unheimische piano aanslagen, slechts vier akkoorden.

De cirkel is rond. De voorstelling begon met werk van Schubert  en eindigt met Schubert.

Theater ‘Regent en Regentes’ Compagnie Cecila

Foto website compagnie Cecilia

Op 28 november 2010 overleed onverwachts theaterschrijver en regisseur Eric De Volder, oprichter en artistiek leider van Toneelgroep Ceremonia. De anciens van het gezelschap hernamen uitzonderlijk de klassieker ‘Regent en Regentes’, ruim 20 jaar oud. Gebaseerd op een authentieke briefwisseling, is dit een oorlogsverhaal over een vrouw die moet kiezen tussen twee vrienden. Het beeldende is heel kenmerkend voor zijn werk. Je wordt verrast door de groteske stijl en relevantie van de regie die nog niets aan daadkracht heeft ingeboet. De muziekkeuze, prachtig koorwerk, zuigt je in de voorstelling. Met nagenoeg dezelfde cast: Tom Vermeir, Ineke Nijssens, Johan Knuts, en Hendrik Van Doorn  werd, als eerbetoon, de voorstelling tijdens TAZ vijf maal gespeeld.

De mooie zomer is nog niet voorbij. TAZ#22 wel, het is nu weer uitkijken naar de volgende editie.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: