Hoe leer je een concertganger beter luisteren?

Beleef klassieke muziek anders met 34 originele antwoorden op deze vraag. Dit keer schreef Yves Knockaert geen biografie. Hij doctoreerde tenslotte over Wolfgang Rihm. Na zijn portret van Mozart gebaseerd op diens brieven en dat van Schubert gebaseerd op wat zijn vrienden over hem schreven, zou je van deze specialist van de nieuwe muziek misschien iets over een hedendaags componist verwachten. Maar Knockaert kiest niet voor een componist, wél voor de andere kant, voor de kant waar ‘de luisteraar’ zit. Dat is dan ook de titel van zijn nieuwe boek. Hoe pakt de auteur nu die luisteraar vast?

Om in hoofd, hart en leden van die luisteraar te kruipen, plaatst Knockaert een vraagteken achter een heleboel courante opvattingen, beweringen, begrippen, vanzelfsprekendheden. Kan het zonder dirigent? Is elk geluid muziek? Is muziek wiskunde? Is opera oubollig? En een van de leukste vraagtekens: op welke leeftijd schrijven componisten hun beste werk?

Op 34 van die vraagtekens vind je in dit boek een veelheid van antwoorden. Ook al vindt Knockaert het moeilijk om over of rond muziek te schrijven en te spreken, toch is elk hoofdstukje doordrongen van een eigen mening of die van anderen. Het is natuurlijk ook het resultaat van zelfonderzoek. Hij doet dat met een minimum aan theorie en een maximum aan ervaring. En die ervaring, zijn ervaring, wil hij delen met de lezer. Maar, zo voegt ie er onmiddellijk aan toe: “geen enkele uitspraak is echt sluitend of gaat altijd op.”

Eentje kan hij nochtans niet relativeren: “Ga voor het live-concert!” en zo zijn er nog een paar: Authenticiteit een strijdpunt? Bach en Scarlatti op piano? Màg! “Het is aan de luisteraar om zijn klankbeeld te kiezen, aan de uitvoerder om het overtuigend te brengen.” Overigens moet ik hier oppassen wat ik schrijf, want hij vraagt zich ook af of perskritiek geloofwaardig is…

Ideaal leer- en leesboek

In de negentiende eeuw kon de muziekpers een componist maken of kraken, maar die tijd is voorbij: “de functie van de muziekrecensent is verschoven van kritisch luisteren, ophemelen of neersabelen naar verstrekken van informatie, voorzichtig en neutraal.” De luisteraar vraagt zich ook soms af waar een componist zijn inspiratie vandaan haalt. Knockaert schrijft dat dit begrip een zeer brede waaier dekt: “van anekdotiek in het autobiografische tot in universele filosofische ideeën.” Dat kan eigenlijk ook over de auteur gezegd worden.

We hebben te maken met iemand met een scherpe muzikale eruditie, daar kan niet aan getwijfeld worden in dit ontspannende boek. Hij dartelt associatief van de ene gedachte naar de andere ervaring, herinnering, anekdote. Je bent geneigd om elk van zijn beweringen onmiddellijk te toetsen aan elk werkstuk waarover hij het heeft, en dat kan want hij verwijst aan het eind van de hoofdstukjes telkens met naam en toenaam naar componist en compositie. Alles is ook nog eens opgenomen in een namenregister en je kan een uitgebreid termenregister raadplegen, wat soms nodig is.

Als leek zal je hier en daar in dat muzikale begrippenkader moeten duiken om helemaal mee te zijn. Misschien niet een boek om in één ruk uit te lezen, maar eerder perfecte vakantielectuur om af en toe een brokje uit te lezen en te luisteren. Echt een boek voor een luisteraar die meer wil horen. Nog handiger zou het zijn om Knockaert op de piano bij de hand te hebben, ter illustratie van wat hij ons allemaal wil toevoegen aan onze luisterervaring.

Je kan het boek lezen als ontspanning, maar evengoed kan je wat er geschreven staat bestuderen om van jezelf een betere luisteraar te maken. Je kan ook achteloos luisteren natuurlijk, maar hier leer je ook hoe bedachtzaam componisten hun partituren uitschrijven. Componeren is geen sinecure en het blijkt gebonden aan regels, die ten gepasten tijde overtreden kunnen worden. Maar muzikale vormen kennen of herkennen, moet geen probleem zijn voor de luisteraar: hij moet alleen maar luisteren, het is zijn eindoordeel dat telt.

Ergens schrijft de auteur “dat muziekstukken zijn als geslepen diamanten in hun beknoptheid, bestudeerd tot in de perfectie.” Met niet al te veel overdrijving zou je hetzelfde kunnen zeggen over de 34 stukjes die Knockaert schreef. Een ideaal leer- en leesboek voor de muziekliefhebber die bij concerten dreigt weg te dromen in plaats van te luisteren.


  • WAT: De luisteraar. Klassieke muziek anders beleven
  • WIE: Yves Knockaert
  • UITGAVE: Uitgeverij Pelckmans, Kalmthout, 2021, 226 blz.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: