Aumann kreeg zijn muzikale opleiding als koorknaap in Wenen, samen met Michael Haydn en Johann Georg Albrechtsberger. in 1753 trad hij in dienst bij de Sint-Florianusabdij, waar hij later meer dan vier decennia de leiding had over de kerkmuziek. Zijn grote Mis in C groot is een echte “Missa solemnis” met een prachtige orkestratie van hobo’s, trompetten en pauken. De instrumentale muziek wordt niet alleen gekenmerkt door virtuoze en sierlijke passages, maar ook door de opname van volksmuziekelementen. Dit is duidelijk merkbaar in de Cassatio “La Pastorella”, die werd uitgevoerd met Kerstmis in 1777.





