Naar de inhoud
Dit is een volledig nieuwe website, vond u een bug, stuur ons een email op bestuur@klassiek-centraal.be
Recensie

De rust van Hildegard

Vanaf de eerste tonen baadt deze opname in een weldadige warmte. De ontmoeting tussen de melodieën van Hildegard von Bingen en oosterse klankkleuren schept een wereld waarin tijd, plaats en onrust even verdwijnen.

D
· 4 min lezen
Deel dit artikel
De rust van Hildegard

De muziek van Hildegard von Bingen duikt tegenwoordig op in de meest uiteenlopende contexten: van historisch geïnformeerde uitvoeringen tot producties waarin elektronische beats en new-ageklanken haar visioenen een eigentijds jasje geven. Dat roept onvermijdelijk de vraag op of dit werkelijk de bedoeling was van de benedictijnse abdis uit Bingen. Maar misschien is dat niet eens de juiste vraag. Belangrijker is misschien waarom haar muziek vandaag nog steeds zoveel mensen raakt.

Voor mij blijft Hildegard een uitzonderlijke figuur. Ze was een renaissancevrouw lang voor de renaissance bestond: mystica, componiste, geneeskundige, schrijfster, bestuurder en intellectueel. In een wereld die nauwelijks ruimte bood aan vrouwelijke autoriteit correspondeerde ze met pausen en keizers en ontwikkelde ze een visie op mens, natuur en spiritualiteit die erg actueel blijft. Haar muziek kan onmogelijk los worden gezien van dat bredere wereldbeeld. Ze componeerde geen kunst om de kunst, maar muziek als onderdeel van een spirituele en menselijke zoektocht. Die gedachte vormt ook het vertrekpunt van deze opname.

Met Divan-e Shohud – The Book of Visions kiest het ensemble Illuminans Tenebras voor een gedurfde benadering. Uitgangspunt is de beroemde Dendermondse codex, een van de belangrijkste bronnen voor Hildegards oeuvre, vandaag bewaard in de KU Leuven. De geselecteerde gezangen worden hier niet gepresenteerd als museumstukken, maar geplaatst naast improviseertradities uit de Arabische en Ottomaanse muziekwereld. De combinatie van stemmen, ney-fluiten en oud is geen oppervlakkig exotisme. Het vertrekpunt is de vaststelling dat Hildegards monodische lijnen opvallende raakpunten vertonen met modale tradities uit het Midden-Oosten. Dat is een gedachte die in het cd-boekje uitvoerig wordt toegelicht en die tijdens het luisteren verrassend vanzelfsprekend en overtuigend klinkt.

Dat verklaart ook waarom deze opname zo'n directe indruk op mij nalaat. Tijdens een uitvoering van de Bestion Monteverdi Vespers had Eugénie De Mey mij al volledig overtuigd van haar vermogen om oude muziek een natuurlijke intensiteit mee te geven. Ook Lieselot De Wilde kende ik uit een totaal andere context, onder meer via het Spectra Ensemble, waar hedendaagse muziek vaak centraal staat. Hier ontmoeten beide zangeressen elkaar in een repertoire dat op papier ver van die werelden lijkt te staan, maar waarin dezelfde zoektocht naar klank, kleur en betekenis hoorbaar wordt. De vocaliteit en samenzang van deze dames is zonder meer indrukwekkend en van tijd tot tijd onaards.

Wat vooral opvalt, is de rust die deze cd uitstraalt. Een huisgenoot zonder overdreven veel voorkennis van Hildegard merkte op dat de muziek iets tranceachtigs heeft en tegelijk kalmerend werkt. Beter kan ik het zelf nauwelijks formuleren. Van begin tot einde ontstaat een sfeer die je niet zozeer meesleept als wel geleidelijk omringt. De lange lijnen van de stemmen, de dissonanten, de ademende klank van de ney en de subtiele begeleiding van de oud creëren een etherische ruimte waarin de tijd even minder belangrijk lijkt.

De band met de Arabische muzikale wereld wordt voor mij nergens zo tastbaar als in Cum Processit. Daar lijken de grenzen tussen middeleeuws West-Europa en het Oosten bijna volledig te vervagen. De improvisatorische instrumentale passages sluiten zo organisch aan bij Hildegards melodieën dat je je afvraagt waarom deze verbinding niet veel eerder werd gelegd. Natuurlijk kan men discussiëren over de historische legitimiteit van instrumentale begeleiding bij muziek die vermoedelijk hoofdzakelijk vocaal werd uitgevoerd. Toch merk ik tijdens het luisteren dat die vraag geleidelijk haar belang verliest. De klankwereld die hier ontstaat is zo coherent en zo natuurlijk opgebouwd dat ze haar eigen wereld schept, een wereld die naar mijn aanvoelen nauw aansluit bij de wereld daar en toen in Bingen.

Illuminans Tenebras vermijdt elke vorm van spektakel. De instrumenten overheersen nooit maar fungeren ook niet als decoratie. Ze lijken een extra laag te onthullen die latent aanwezig zit in de melodieën. Daardoor krijgt Hildegards muziek iets tijdloos. En wordt het een ontmoeting tussen tradities die elkaar herkennen.

Ook de opname draagt daartoe bij. De akoestiek van de Begijnhofkerk in Sint-Truiden zorgt voor voldoende ruimte zonder de stemmen in een mist van galm te laten verdwijnen. Details blijven hoorbaar, terwijl de contemplatieve sfeer behouden blijft.

Dat deze muziek afkomstig is uit de Dendermondse codex geeft dit project voor Vlaamse luisteraars nog een extra dimensie. Niet omdat wij daar enige verdienste aan hebben, maar omdat het telkens opnieuw verrassend is hoe een manuscript uit onze contreien na negen eeuwen nog aanleiding kan geven tot zo'n levendige artistieke dialoog.

Deze cd heb ik inmiddels meermaals opgezet en telkens ontdek ik nieuwe accenten. Dat is altijd het mooiste compliment dat je ene opname kan geven. Divan-e Shohud presenteert Hildegard von Bingen als een stem die vandaag nog iets te vertellen heeft. Daardoor zou deze uitgave een belangrijke referentie kunnen worden voor iedereen die haar muziek wil leren kennen.

Besproken cd

Symphonia harmonie caelestium revelationum (The Book of Visions)

Illuminans Tenebras

Label
JPC (novelties)
Verschijningsdatum
11 september 2026
Volledige fiche →
Deel dit artikel
NL