Trisha Brown Dance Company in deSingel

Het theaterseizoen loopt stilaan op zijn einde maar deSingel blijft uitpakken met ronkende namen. De legendarische Amerikaanse choreografe Trisha Brown was voor het eerst te gast in deSingel op 20 mei 1986. Met deze elfde – postume – passage is dit icoon van de postmoderne dans gedurende drie dagen terug met maar liefst drie sleutelwerken uit haar omvangrijke oeuvre om te ontdekken of herontdekken.

Ze was één van de voortrekkers van de broeiende interdisciplinaire creativiteit in New York van de jaren zestig en is één van de belangrijkste figuren in de ontwikkeling van de moderne dans wiens invloed niet kan worden onderschat. Ze schrapte de traditionele narratieve verwijzingen en concentreerde zich op de beweging. Onophoudelijk streefde ze naar een originele en experimentele bewegingstaal, waarin ook alledaagse bewegingen zoals stappen, lopen, springen en improvisatie een plaats kregen. Met haar experimenteel danscollectief, de Trisha Brown Company, eigende ze zich de status toe van vernieuwer in de danswereld én als kunstenaar van mondiale betekenis. Haar werk doorliep verschillende fases. Zo werkte ze in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw nauw samen met plastische kunstenaars zoals Donald Judd en Robert Rauschenberg en begon ze halverwege de jaren negentig aan een muziekcyclus. Later ontwikkelde ze zich tot operaregisseur. Trisha Brown overleed in 2017 op tachtigjarige leeftijd. Haar artistieke nalatenschap blijft echter springlevend.

IN PLANE SITE

Stond aanvankelijk als uitsmijter geprogrammeerd. Gebruik makend van het prachtige zomerweer werden de plannen omgegooid. IN PLANE SITE werd als eerst act opgevoerd outdoor in de patio palend aan de artiestenfoyer. De toeschouwers mochten in het gras op de helling plaatsnemen. Alle stoelen van de bar werden door het publiek rond het speelvlak geplaatst: 2 houten vierkanten waarop een man en een vrouw plaatsnemen. Spiegelend bewegen ze met armen en handen. Stilaan worden er bewegingen aan toegevoegd. Als een riedel begint het bewegingspatroon steeds van voor af aan met telkens een schakel erbij. De bewegingen sluiten perfect aan op het ritme van de muziek. Er volgt nog een huzarenstukje met lange stokken door 4 mannen, vervolgens met 2 en een aaneenschakeling van bewegingen door een danser en danseres zonder muzikale ondersteuning. Ze noemde het zelf gememoriseerde improvisatie. Nadien wordt het publiek naar de Rode Zaal geloodst.

WATERMOTOR

Is een solo voor een man uit 1978. Dans heeft voor Trisha Brown niet noodzakelijk muziek nodig. Zij incorporeert de zeggingskracht van de stilte. Om met je lichaam te communiceren is een open focus nodig. Ze creëerde een complexe solo waarin ze een mentale en fysieke virtuositeit demonstreert, zelden gezien in de danswereld. Deze korte solo uit 1978 werd iconisch in de filmversie van Babette Mangolte.

GLACIAL DECOY

Aanvankelijk werkte Brown in de publieke ruimte en op aparte locaties tot zelfs vlotten op het water. GLACIAL DECOY uit 1979 is haar allereerste voorstelling die ze maakte voor de klassieke theaterscène. Het markeert ook haar samenwerking met beeldend kunstenaar Robert Rauschenberg die ze begin jaren zestig bij het Judson Dance Theatre in New York had leren kennen. Hij verzorgt voor veel van haar werken decors en kostuums. Samen verlegden ze de grenzen van vorm en beweging.

In de fond staan 4 grote rechthoekige panelen naast elkaar opgesteld waarop foto’s in zwart/wit verschijnen. Foto’s met oog voor details, verval, natuur, landschappen. Twee danseressen in een luchtig doorschijnend wit gewaad komen côté cour en jardin uit de coulissen. Verdwijnen weer in een vloeibaarheid van de bewegingen en timing. Sterkte en breekbaarheid spreekt uit de bewegingstaal. Ze verschuiven hun dans naar het midden van de scène. Links of rechts sluit een danseres aan. De bewegingen verlopen synchroon. Een van de danseressen stapt even uit het patroon, maar voegt even later weer in. GLACIAL DECOY – conceptueel maar licht en swingend.

ASTRAL CONVERTED

Weer een beetje verder in de tijd, in 1991, creëerde ze de geometrisch verfijnde choreografie ASTRAL CONVERTED, haar eerste avondvullende stuk in een creatieve alliantie met John Cage voor de muziek en een visueel ontwerp van Robert Rauschenberg. In opdracht van de National Gallery werd de dans vertoond in combinatie met de tentoonstelling Rauschenberg Overseas Culture Interchange van het museum en sloot het 20-jarig jubileum van de Trisha Brown Company af.

Op de scène staan enkele kleine aluminium stellages. De dansers dragen een zilverachtige maillot waarop de spots weerkaatsen net zoals op de stellages. Bij de danseressen zit tussen de benen een vlies. Ze lijken op kosmische wezens die zich in de ruimte bewegen. Er is veel vloerwerk te zien. De zilveren silhouetten lichten op in de duistere scène. De dans is tegelijk sereen en fysiek. Een man en een vrouw betreden de scène met grote bezems en trekken lijnen en cirkels terwijl ze vegen. De bezems raken zachtjes de voeten, hoofden en billen van twee andere dansers. De verrassende verbindingen en uitwisselingen van impulsen tussen borstel en lichaamsdelen is bijzonder inventief uitgewerkt. Ze schuwt een vleugje humor niet. Dansers leunen opzij als de toren van Pisa maar worden opgevangen of zwaaien als een metronoomstaaf tussen twee kompanen heen en weer. De vele overgangen in beweging zijn ontelbaar en indrukwekkend. De dansers die niet optreden staan in de coulissen en betreden de speelruimte de passen van anderen spiegelend. Ze vormen een trio, een kwartet, of een duet wordt een solo. Alle mogelijke configuraties worden aangeboord. De structuur van de dans is als eb en vloed. Deze choreografie van meer dan twintig jaar oud is zonder meer indrukwekkend.

De dansers wisten het publiek van deSingel te begeesteren.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: