‘tauberbach’

Alain Platel Muenchner Kammerspiele und les ballets C de la B tauberbach

‘tauberbach’ is de symbiose van een paar elementen. Ooit eens een productie doen met Alain Platel stond al lang op het verlanglijstje van NTGent actrice Elsie de Brauw. Platel en de Brauw volgen elkaars werk met belangstelling en empathie. 

‘tauberbach’ is de symbiose van een paar elementen. Ooit eens een productie doen met Alain Platel stond al lang op het verlanglijstje van NTGent actrice Elsie de Brauw. Platel en de Brauw volgen elkaars werk met belangstelling en empathie. 

Het uitgangspunt van de voorstelling was de documentaire ‘Estamira’ van Marcos Prado over een schizofrene vrouw die in Brazilië op een vuilnisbelt leeft en een unieke manier van communiceren met haar omgeving heeft ontwikkeld. Estamira is zwaar gehavend door het leven. De dansers zijn haar medebewoners in deze apocalyptische actualiteit. Wezens die zich van geen kwaad bewust zijn, dicht bij de wrede natuur, ergens tussen amoeben, huisdieren en kinderen. Een ander element en vertrekpunt voor de voorstelling is ‘Tauber Bach’ van Artur Zmijewski (muziek van Bach, gezongen door doven). Dit uitzonderlijke geluidsmateriaal had Platel al lang in een lade liggen. Dit was de uitgelezen gelegenheid om het te gebruiken. Verder koralen van Bach en een aria van Mozart die live door de performers gezongen  worden.

Geknakte schoonheid en chaos

Een allegaartje op het eerste gezicht, maar Alain Platel smeedt het op zijn geëigende manier om tot een klomp goud. Op sommige plaatsen ruw en weerbarstig, op andere momenten gepolijst tot een intense schittering. Verbijsterend en fascinerend tegelijk. Een samengaan van geknakte schoonheid en chaos. Elsie de Brauw en de dansers Bérengère Bodin, Elie Rass, Lisi Estaras, Romeu Runa en Ross McCormack geven gestalte aan de personages met een uitermate beheerste energie en geloofwaardigheid.

De vuilnisbelt waarop Estamira leeft, leverde het (basis)idee voor het decor. Het scènebeeld lijkt op een kledingopslagplaats die ontploft is. Een immense speeltuin voor de dansers die zich verkleden, er in graven, zich in wentelen, verstoppen. Als achtergrondgeluid is er het immer gonzen van vervelende vliegen.

Alain Platel vertrekt vanuit de premisse: “Steeds maar herhalen wat je goed kunt, is saai!” Of zoals de performer-kunstenares Marina Abramovic het nog krachtiger omschrijft: “If you do things you like, you just do the same shit.”

Naar een voorstelling van Alain Platel gaan kijken is meegaan in een andere dimensie.  Uit zijn opleiding als orthopedagoog, die zich richt op de behandeling van mensen met een mentale of fysieke handicap, distilleerde hij een aparte lichaamstaal. Hij nam de cast van ‘tauberbach’ mee naar een centrum voor zwaar gehandicapte kinderen in Bachte-Maria-Leerne. De dansers tonen nauwkeurig geobserveerde houdingen, tics, spasmen tot in de kleinste details. Platel dwingt om anders te kijken en te luisteren. Wie geen respect heeft voor anderen, heeft geen respect voor de mensheid. Aaibaar is zijn werk geenszins, maar hij slaagt erin ‘het andere, het afwijkende’: spasmen, krampen, convulsies, door de niet aflatende nadruk te aanvaarden.

Flitsen van genialiteit

Je wordt gedwongen om te kijken en na enige tijd kantelt je blik. Een kramp wordt een speciale, golvende lijn. Je wordt geraakt. In deze voorstelling wordt hij ook gediend door een stel fenomenale en veelzijdige dansers. Het publiek wordt getrakteerd op flitsen van genialiteit. Een danser neemt op een gegeven moment het brabbeltaalje van Estamira over, de klanken volgen elkaar sneller en sneller op en monden uit in het radde taaltje van een veilingmeester. Een luidspreker neemt over, gaat nog sneller, vertraagt, spoelt de tekst terug, dan weer vooruit en vice versa. De danser kronkelt zich in alle mogelijke bochten.

Fantasie en vaardigheden gaan hier hand in hand in een flitsend ritme dat, terecht, met een open doekje beloond werd. De speelsheid en naïviteit van de personages zorgt ook voor hilarische momenten. Het is niet alles kommer en kwel. ‘tauberbach’ is een ontgroening van de dansers door de logos van de taal en de totaal andere concentratie die ‘samen zingen’ vraagt. Het is de initiatie van actrice Elsie de Brauw in de beweeglijke wereld van de dansers die zich smijten in lange improvisaties. Een doop in ongekende wateren voor iedereen: eigenzinnig, intens, fel, gedragen door een pleiade oorstrelende uittreksels uit het oeuvre van Bach. Deze meeslepende voorstelling dooft stilletjes uit in close harmony. De schoonheid ervan liet het publiek even verweesd achter.

 ‘tauberbach’ kreeg een verdiende minutenlange staande ovatie.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: