Rossiniaans genot in Il Turco in Italia

Sensatiegevuld, zo kan de opera van de Italiaanse componist Gioachino Rossini wel genoemd worden. De Opéra Royal de Wallonie-Liège creëerde samen met regisseur Fabrice Murgia een reflectie op de hedendaagse beeldcultuur – met de bijbehorende uitvergrote drama. En laat dat nu puur Rossini zijn: drama, genot en spektakel. Rossini staat voor entertainment en plezier in het operarepertoire!

Turkije versus Italië

Er moet wel gezegd worden dat de compositie van Rossini, net als die van zijn tijdgenoten, niet vrijgesteld is van enig exotisme. Het verhaal is letterlijk een strijd tussen de Italiaanse en Turkse geneugten. Turken kopen en schaken (andermans) vrouwen, Italianen vechten het uit, om nog maar te zwijgen van de temperamentvolle reputatie van de Italiaanse vrouwen – hier vertaald in het personage van Fiorilla (sopraan Elena Galitskaya), de vrouw van de belogen en bedrogen Don Geronio (baritone Bruno de Simone). Eigen aan de tijdgeest van Rossini, maar een moeilijke kwestie tegenwoordig. 

Hoe voer je dan dit soort opera’s nog op? Het antwoord, in het geval van de Opéra Royal de Wallonie-Liège, is als een spannende soapserie: alles wordt uitvergroot onder de camera. Het bedrog, de complotten, de magie van de liefde… eigenlijk is Rossini’s werk vaak het luchtige, amusante tegenover de meer muzikaal zwaarwichtige opvolgers, zoals Guiseppe Verdi. Hou het luchtig en leuk, en dan krijg je Rossini’s Il Turco in Italia. Er is geen eenduidig antwoord op de problematiek van exotisme in het operarepertoire, maar de Opéra Royal de Wallonie-Liège heeft er alvast een degelijk twist aan kunnen geven, en zo een gedegen productie op het podium gebracht.

Vocale sensatie

Het verhaal – de liefdesperikelen en -spanningen tussen Zaida (mezzosopraan Julie Bailly), Selim (basbariton Guido Loconsolo), Fiorilla, Don Geronio en Don Narciso (tenor Mert Süngü) – komt recht uit een operasoap. De wispelturige Fiorilla is getrouwd met Don Geronio, maar heeft als minaar Don Narciso… die zich afgewezen voelt voor de Turkse verheerlijking die Selim is. Daarnaast is Selim, een Turkse sultan, ook nog eens verliefd geweest op Zaida, die nog altijd verliefd is op hem! Wie mag het aanschouwen? De dichter Prosdocimo (bariton Biagio Pizzuti), die er ook nog eens een toneelstuk hierover schrijft (zie je nu de link met de soapserieachtige productie?). Het is heerlijk en dolkomisch, en met de nodige complimenten voor het toegepaste camerawerk. De dramatische en komische close-ups gaven de uitvoering dat extra beetje meer pit. Want tv- en filmproducties zijn all about the close-up (om het zo even uit te drukken). Het is in deze productie uitvergrote drama in beeld en klank.

Want over de klank kan natuurlijk ook genoeg gezegd worden. In deze cast is iedereen aan elkaar gewaagd. En laten we eerlijk zijn, Rossiniaans gezang – snelle coloratuurpassages met de nodige patter song (snelle spraak) eraan verbonden – is niet voor iedere zanger weggelegd. Een leuk voorbeeld van dit, en van Rossini’s inhoudelijk stijl, is het duet “D’un bell uso di Turchia”. Dis is het duet waarbij Selim probeert Don Geronio over te halen zijn vrouw te verkopen aan hem. De komische inhoud, alhoewel niet het beste voorbeeld van de oude stereotypen over Turkse gebruiken, werd met enig gelach in de zaal onthaald. Toegegeven, het is een operaproductie waar ik als recensent regelmatig mensen hoorde lachen. Dit is hoe ik mij inbeeld dat het ten tijde van Rossini was: plezier, gelach en entertainment. We vergeten als publiek soms vaak dat het hele plechtige stilzwijgen en klappen een midden-negentiende-eeuws product is eigenlijk. Voor het duet kan ik alleen maar bravo zeggen aan De Simone en Loconsolo, maar bij de vrouwelijke cast was de vertolking van Fiorilla door Galitskaya een genot om naar te kijken. Het was heel karikaturaal, maar dat is het personage ook. Ze is een kokette, stiekeme vrouw die minnaars over heel de plaats heeft – en daar nog trots op is. Dit moet in de tijd van Rossini wel enig tumult gegeven hebben. Maar de kwaliteit van haar (Galitskaya) zangstem – de dynamische en snelle accenten kwamen er wonderbaarlijk vlot uit – mag geprezen worden. Haar uitvoering was in dit geval de kers op de taart – helder en verfrissend.

Laat ik iedereen die zin heeft in een avond Rossiniaans plezier zeker aanraden te gaan kijken – molto divertente, veel plezier!

WAT: Gioacchino Rossini – Il Turco in Italia

WAAR: Opéra Royal de Wallonie Luik

WIE: Giuseppe Finzi [dirigent], Fabrice Murgia [regie] 
STEMMEN: Elena Galitskaya, Bruno de Simone, Guido Loconsolo, Julie Bailly, Mert Süngü, Biagio Pizzuti, Alexander Marev

WANNEER: zondag 23 oktober 2022 – matinee
(nog voorstellingen donderdag 27, zaterdag 29 oktober)

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: