Richard Wagner im Kino van Sabine Sonntag

Richard Wagner im Kino van Sabine Sonntag

Musicolonia is de naam van een reeks studies van de richtingen/Fachbereiche Musikpädagogik en Musikwissenschaft aan de Hochschule für Musik und Tanz in Keulen.  Die worden sedert 2007 als boek uitgegeven door de prestigieuze Duitse muziekuitgeverij Dohr. Ondertussen zijn tien delen verschenen en gaat  het achtste deel  over “Richard Wagner in de filmgeschiedenis”. Wagner in de cinema dus. Heel, heel bijzonder en van een intellectueel niveau om minstens u tegen te zeggen.

Musicolonia is de naam van een reeks studies van de richtingen/Fachbereiche Musikpädagogik en Musikwissenschaft aan de Hochschule für Musik und Tanz in Keulen.  Die worden sedert 2007 als boek uitgegeven door de prestigieuze Duitse muziekuitgeverij Dohr. Ondertussen zijn tien delen verschenen en gaat  het achtste deel  over “Richard Wagner in de filmgeschiedenis”. Wagner in de cinema dus. Heel, heel bijzonder en van een intellectueel niveau om minstens u tegen te zeggen.

Omwille van zijn idee om muziek als een onafhankelijke, vaak contrapuntische duiding en omkadering  van  de handeling te begrijpen, geldt Richard Wagner voor velen als de uitvinder van de filmmuziek. Het gebruik van zijn muziek in de film werd herhaaldelijk onderzocht, maar  zijn optreden zelf  niet.

Dit boek thematiseert voor het eerst Wagners aanwezigheid op het witte doek. Van het tijdperk van de stille film (1913) tot vandaag. De belangrijkste biografische films met Giuseppe Becce, Alan Badel, Richard Burton en Otto Sander (de Kapitänleutnant in “Das Boot”) in de hoofdrol, worden in dit boek onderworpen aan onderzoek alsook Wagners verschijning als 'bijrol' in films over Koning Ludwig II. van Beieren en Franz Liszt. In totaal gaat het over negentien films  waarin Wagner te zien is als persoon. In dit boek wordt zowel de muziek van Wagner geanalyseerd als de verfilming van zijn ideeën en wordt de moraal van het tijdperk waarin de respectievelijke Wagner films werden gemaakt, grondig geanalyseerd.

Methodologische inleiding

Het eerste deel „Richard Wagner im Film“ is bedoeld als methodologische inleiding waarin de auteur filmtheoretische modellen schetst van Henry M.Taylor en Christian von Zimmerman. Ze beschrijft hoe ver het onderzoek gevorderd is, overloopt Richard Wagners “Auftreten im Spielfilm” en  situeert de Wagner Films in de context van componistenfilms en biografische films of biopics (samentrekking van biographical en picture). In welke mate zijn ze historisch correct en zijn ze fictie of metafictie? Ze besluit met een tekst over de “Wagnerfilms im Kontext der Modelle” van de Amerikaanse muziekfilosoof Peter Kivy (°1934), de auteur van o.a. “Music, Language, and Cognition” (moet U absoluut lezen!) en van de Berlijnse film- en literatuurwetenschapper Thomas Koebner (°1941), een telg uit de denkstal van de germanist Walter Müller-Seidel, de kunsthistoricus Hans Sedlmayr en de analytisch filosoof Wolfgang Stegmüller. Het indrukwekkend oeuvre sedert 1965 (eerst over Hermann Broch nota bene) van Koebner houdt U niet voor mogelijk. Hij onderscheidt in een kunstenaarsleven acht modellen waaronder “Het Richard Wagner model”. Kwintessens van zijn betoog over het excentriek genie is dat men de kunstenaar Wagner ook in alle andere zeven  modellen terugvindt. Had ik het niet gedacht. Boeiend.

Historisch en systematisch verloop

In het tweede deel „Vom Stummfilmhelden zum Cameo” overloopt Sabine Sonntag eerst historisch en systematisch, de biografische  films over Wagner: “Richard Wagner” (1913), “Magic Fire” (1955), “Die Barrikade” (1970), “La Mort du Titan” (1975), “Wagner” (1983) en “Wahnfried” (1987) van Peter Patzak (°1945).

Vervolgens doet ze dat ook met de films over Ludwig II. : “Das Schweigen am Starnberger See” (1919), “Ludwig der Zweite” (1929), “Ludwig II” (1955), „Ludwig – Requiem für einen jungfräulichen König“ (1972), „Ludwig“ (1972) en „Ludwig und Richard“ (1995).

Dan volgen  de biografische films over Liszt: “Ungarische Rhapsodie” (1954), “Song Without End” (1960), de onvergetelijke “Lisztomania” (1975) van Ken Russell en “Franz Liszt” (1981). Als slot van het  tweede deel besteedt ze aandacht aan de bijrol “Wagner” (“Die Wagner-Cameos”) in bepaalde films: in “Remontons les Champs-Elysées” van Sacha Guitry (1938), “Gayarré” (1959, over de Spaanse tenor Sebastián Julián Gayarre Garjón  (1844-1890) met Alfredo Kraus in de titelrol) en “Romanza final” (1986, over diezelfde tenor maar dan met José Carreras in de titelrol en Montserrat Caballé) en in  “Bruckners Entscheidung” (1995).  Dan overloopt ze de Wagner documentaires “Richard Wagner und die Frauen” van Andreas Moerell en “Das Familientheater der Wagners” van Oliver Becker, beide uit 2005.

Vergelijken

In het derde deel heeft ze het eerst over de muziekdramaturgie en de handelingsdramaturgie en vergelijkt ze de verschillende films met elkaar op het gebied van dramaturgie en gebruik van zijn muziek. Dan is het de beurt aan een methodische vergelijking van het filmisch “Wagner-Bild” met zijn terugkerende handelingen. Tabellen maken die “Handlungselementen” statistisch aanschouwelijk en vervolgens gaat ze na welke films bepaalde elementen accentueren of uitvergroten. Doen ze dat met Wagners Kindheit und Jugend, Bakoenin en Meyerbeer, de revolutionair of de schrijver, Wagners  “Liebesbeziehungen”, Ludwig II of Liszt, zijn vernieuwende dramatisch werk („Das Opernschaffen“),   de Festspiele,  Wagner als componist of als dirigent, of zijn  dood?

Magic Fire

Als Aanhangsel volgen recensies en het archief van de film „Magic Fire“ (1955). Het scenario van deze film was gebaseerd op de novelle “Magic Fire: The Story of Wagner's Life and Music” uit 1954 van Bertita Harding (1902-1971) en de muziek was muziek van Wagner, gearrangeerd door Erich Wolfgang Korngold. Peter Cushing speelde in die film de rol van Otto Wesendonck. Verder gaat het over de nalatenschap van de belangrijke acteur en regisseur William Dieterle (1893-1972) en krijgen we  heel interessante interviews te lezen met Oswald Georg Bauer die regisseur Tony Palmer adviseerde bij het maken van zijn legendarische film “Wagner” (met Richard Burton in de hoofdrol) en zich daarbij baseerde op de Wagner biografie van Martin Gregor-Dellin.

Ook  de acteur Tilo Prückner en de actrice Carmen Fuggiss komen aan het woord, de integrale Filmografie is opgenomen,  haar indrukwekkend bronnenmateriaal wordt vermeld, artikels in kranten en tijdschriften en enkele andere films worden besproken en ten slotte krijgen we een impressionante Literaturverzeichnis en een Nachwort als dank aan  de velen die dit  indrukwekkend boek mogelijk hebben  gemaakt. Helaas ontbreekt een register maar voor de rest is dit een meesterlijk,  origineel en essentieel  boek om tot meer en beter begrip te komen van het fenomeen “Richard Wagner”. Warm aanbevolen.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: