Deze voorstelling van La donna del lago, een niet zo vaak gespeelde opera seria van Gioacchino Rossini, bulkt van creativiteit, zowel scenisch als muzikaal. Regisseur Damiano Michieletto draagt de opvoering op aan de nagedachtenis van Maestro Alberto Zedda. De hommage is een waardig eerbetoon aan de Rossini-expert.

Zoals Michieletto wel meer doet, begint hij de voorstelling met een vooruitblik op later. We zien tijdens de ouverture Elena en Malcolm als een bejaard koppel, mijmerend over de koning, die hun liefde gered heeft en van wie er een foto op het salontafeltje staat. De tijd is voorbijgegaan, maar de genegenheid tussen de twee oudjes is nog steeds voelbaar. De twee acteurs, Giusi Merli en Alessandro Baldinotti spelen dat perfect. Het is een aangrijpende uiting van emotie als start voor de fijnzinnige romantiek van deze opera. De scène speelt zich af voor een kamerwand waarachter ondertussen het sfeervolle openingskoor van herders/herderinnen en jagers weerklinkt.

Rossini maakte een bewerking van het verhaal van Walter Scott, The lady of the lake. We zijn in het  zestiende-eeuwse Schotland ten tijde van koning James VI (Giacomo in de opera). Elena (sopraan) is door haar vader Douglas (bas) beloofd aan Rodrigo (tenor), een leider van de rebellen die tegen de koning in opstand komen. Maar Elena is heimelijk verliefd op Malcolm (mezzo). De koning (tenor) verblijft incognito in het Schotse hoogland en ontmoet bij toeval Elena, die hem gastvrijheid biedt in haar eenvoudige woning aan het meer. Hij wordt op haar verliefd en stelt zich voor als Uberto. Als Elena in het tweede bedrijf Uberto duidelijk maakt dat ze van iemand anders houdt, reageert hij loyaal, door haar een ring te schenken, waarmee ze bij gevaar de hulp van de koning kan inroepen. Rodrigo verstoort hun samenzijn en daagt Uberto uit voor een duel. Rodrigo wordt gedood. De opera eindigt met een happy-end waarbij Elena ontdekt dat Uberto de vermomde koning is. De koning verleent gratie aan Douglas en de rebellen en verbindt Elena in het huwelijk met haar geliefde Malcolm.

Irreële toets

Na de ouverture komen we terecht in de half-vervallen woning waar Elena verblijft aan het meer. De verf is van de muren afgebladderd, alles is er chaos. Een houten trap leidt naar een verdieping, vanwaar meestal de personages opkomen en weggaan. Alles staat in relatie tot Elena. Zij is bijna continu op de scène. Zij is de centrale figuur van alle peripetieën in het verhaal. De kamer is ook eenheidsdecor voor de twee bedrijven van de opera, op de laatste scène na, die het gegeven naar de open vlakte verplaatst. De hoge grassen worden prachtig belicht. Het is alsof de natuur zijn aandeel heeft in de goede afloop van het verhaal. Een romantische gedachte die Michieletto in zijn enscenering dankbaar betekenis geeft. De twee acteurs die in de ouverture het oude koppel spelen, spelen ook voortdurend een schaduwrol. Vaak geeft hun rol een extra accent aan de spanning of de tragiek. Ze geven aan dat de afloop van het verhaal hoe dan ook al voorspeld is, wat er ook gebeurt. Af en toe is hun rol ook storend, bijvoorbeeld bij de dood van Rodrigo. Hoe dan ook geeft hun spel een dubbele laag aan het verhaal. Ze zorgen voor een irreëel aspect bij de romantiek van het ongeloofwaardige verhaal. Voor een hedendaags publiek wordt het op die manier aanvaardbaarder. Michieletto dient daarmee zeker de theatrale kracht van Rossini, van wie het verhaal op zich uiteindelijk enkel een banale liefdeshistorie is: een bodem waarop melodische rijkdom en fascinerende belcantozang gebouwd wordt.

Die krijgen we zeker te horen in deze voorstelling. Van bij haar eerste aria Oh mattutini albori, waarin ze niet alleen haar verlangen naar haar geliefde uitdrukt, maar ook de natuur bezingt, presenteert Salome Jicia zich als een volbloed-belcantiste. De stem is glashelder, kleurrijk en speelt zonder moeite met de rijke versieringen die Rossini in deze opera voorzien heeft. Hij is tenslotte geschreven in zijn Napolitaanse periode voor zijn sterzangeres en geliefde Isabella Colbran. Hoogtepunt is natuurlijk haar prachtige slotrondo, Tanti affetti, het bravourestuk van de titelheldin, waarin Salome Jicia zowel kunstig als met oprechte emotie in de overvloedige versieringen uiting geeft aan haar geluk. La donna del lago heeft twee belangrijke tenorpartijen, waarvan die van Uberto zeer moeilijk is door de extreem hoge tessituur, waarmee Rossini hem onderscheidde van Rodrigo. Geen punt voor Maxim Mironov, die zich met open heldere stem in zijn rol van incognito koning inleeft en vooral in de paar heerlijke duetten met Elena overtuigt als oprechte en serene minnaar. Een stemklank die wel eens aan Juan Diego Florez doet denken. Is er een mooier compliment denkbaar? De derde ster van de voorstelling was de echte geliefde van Elena, Marianna Pizzolato die de travestierol van Malcolm vertolkte. Ze bevestigt haar reputatie als monument van een Rossini-mezzo vooral met haar kleurrijke aria in het eerste bedrijf, Mura felici met de aangrijpende cabaletta O quante lacrime. Sergey Romanovsky onderscheidde zich in de partij van Rodrigo waardig als tenor-rivaal. De Spaanse bas-bariton Simón Orfila zong een autoritaire vaderpartij. Ten slotte toch ook een pluim voor de twee acteurs: Giusi Merli en Alessandro Baldinotti.

Veel sfeer

Bij de zangers, waarvan de meeste gepokt en gemazeld zijn op het Rossini-festival van Pesaro en nog gecoacht zijn door Maestro Zedda himself, is er dan ook de jonge Italiaanse dirigent, Michele Mariotti. Hij is afgestudeerd aan het Conservatorium Rossini van Pesaro en ondertussen chef-dirigent aan het Teatro Comunale van Bologna. Hij heeft het orkest zeker gestimuleerd om de melodische rijkdom van Rossini’s opera seria tot klinken te brengen, met veel sfeer en met nu eens zwierige en dansante deuntjes, dan weer dramatische spanning. De hoorns die Rossini als element van de natuurevocatie ingebouwd heeft, waren mooi geaccentueerd – ook als dialoog met Mironov in de aria O fiamma soave – en de harp was pure verleiding in de liefdesverklaring. Na de gesmaakte productie van La Scala di Seta in 2016 heeft de Opéra Royal de Wallonie een volgende geslaagde Rossini-productie van Michieletto aan zijn repertoire toegevoegd.


  • WAT: Gioacchino Rossini (1792-1868) | La Donna del lago
  • REGIE: Damiano Michieletto
  • STEMMEN: Salome Jicia, Maxim Mironov, Marianna Pizzolato, Sergey Romanovsky, Simón Orfila
  • ORKEST: Koor en orkest van de Opéra Royal de Wallonie o.l.v. Michele Mariotti
  • WAAR: Opéra Royal de Wallonie, Luik
  • WANNEER: zondag 13 mei 2018
  • FOTO: © Opéra Royal de Wallonie-Liège