Dat Opera Vlaanderen deze opera – die niet tot de populairste van Verdi kan gerekend worden – op het programma neemt, kunnen we alleen maar toejuichen. Muzikaal werd een sterke voorstelling getoond, die evenwel in de enscenering bedenkingen oproept.

Simon Boccanegra van Giuseppe Verdi is een opera waarin – zoals wel vaker bij Verdi – de politieke en persoonlijke verwikkelingen met elkaar verstrengeld zijn en een complex geheel vormen. David Hermann slaagt erin de personenrelaties en het verloop van het verhaal vrij helder weer te geven, maar het schoentje wringt vooral bij de visuele setting. In zijn enscenering worden decors en kostuums uit verschillende epoques door elkaar gemengd, wat ten eerste geen steek houdt, maar vooral elke betekenis mist en allesbehalve fraai oogt. Antieke zuilen naast een biedermeier kamertje? En nergens valt een verwijzing naar de zee te bespeuren, nochtans een essentieel aspect van de opera. Gelukkig is Simon Boccanegra op zijn minst standvastig in “hedendaagse” kledij voorgesteld, van bij zijn optreden in de proloog tot zijn fatale dood. Het koor in de oproerscène is als in lompen gekleed – hoewel er ook patriciërs bijzitten. Fiesco mag verschillende pakjes aantrekken. Dat Gabriele Adorno – de geliefde van Amelia en tegenstander van Boccanegra – op een bepaald moment als een Romeins soldaat verschijnt, is ronduit belachelijk.

Summum van misplaatste uitbeelding is zeker de raadzaalscène, geïnspireerd op het laatste avondmaal. Verdi mag Paolo dan wel als het prototype van een slechterik en voorbode van de latere Jago in Otello beschouwen, maar hij was zeker niet zo evangelisch geïnspireerd om er een Judas onder de twaalf apostelen van te maken. Een al even misplaatste religieuze insinuatie is de (herhaaldelijke) “verschijning” van een engelachtige Maria als symbool van Maria/Amelia. Dat Verdi Gabriele zijn geliefde laat omschrijven als “pura siccome l’angelo” heeft de regisseur blijkbaar wel heel letterlijk genomen. Het (Middeleeuwse?) Madonnabeeld in het kantoor van Simone Boccanegra is duidelijk ook een verwijzing naar de betreurde Maria – moeder van Amelia. Na de overdracht van de macht op het einde van de opera is dat beeld dan ook vervangen door een abstract geometrisch beeldhouwwerk, misschien als symbool dat de vete tussen de families tot het verleden behoort? Behalve de aangehaalde bizarre elementen in de regie, was het te pas en vooral te onpas gebruiken van het draaitoneel – met lelijk geschilderde plaasteren wanden – vreselijk storend. Het meest in die prachtige scène waarin Boccanegra ontdekt dat Amelia zijn teruggevonden dochter is.

Magistraal orkest

Daarmee zitten we meteen bij het muzikale luik van de voorstelling. Want precies dit heerlijke duet tussen vader en dochter – waar Verdi zo sterk in is – was een hoogtepunt. Het werd ontroerend gezongen door Alaimo en Papatanasiu. Maar plots beginnen die wanden weer (onnodig) te draaien: een regelrechte inbreuk op de intimiteit van het duet. Nicola Alaimo zet een zeer geloofwaardige Simon Boccanegra neer. Zijn heldere bariton klinkt autoritair, maar hij zet ze soepel in en kleurt ze tot aangrijpende twijfel en oprechte ontroering. Zowel het duet met zijn dochter als zijn grote monoloog in de raadzaalscène zijn beklijvende momenten. Een prachtige prestatie die dan ook met verdiend applaus beloond werd. Myrtò Papatanasiu was een mooie Amelia en acteerde haar partij zeer overtuigend, maar vocaal klonk ze bij de hogere trillers die ze te zingen heeft scherp en onaangenaam. Najmiddin Mavlyanov zong met lyrische stem haar geliefde Gabriele Adorno en Gezim Myshketa was een overtuigende Paolo, die radeloos zijn eigen vervloeking herhaalt. Een moment ook waarop het koor zijn prachtige inbreng heeft in het stuk, met de pianissimo herhaling van de woorden “sia maledetto”.

Het orkest heeft onder leiding van Alexander Joel een magistrale vertolking gespeeld. Van bij de ouverture slaagt Joel erin de zinderende somberheid van het hele stuk in de diepe strijkers te laten klinken. We genoten van de prachtige begeleiding van de hobo wanneer Amelia in een duet met Boccanegra onthult wie ze is, en van de arpeggi van de harp die de verwondering van Boccanegra weergeven. De opbouw van de raadzaalscène, met forte’s en spannende piano’s en de opvallende klank van de basklarinet bij de frase van de vervloeking, waren evenzeer exemplarisch. Het zijn maar enkele voorbeelden van de prachtige uitvoering door het orkest, die de intense dramatiek van Verdi’s opera ondersteunen en beklemtonen. Jammer dat dezelfde rechtlijnige intensiteit in de regie niet terug te vinden was.


  • WAT: Guiseppe Verdi (1813-1901) – Simon Boccanegra
  • REGIE: David Hermann
  • STEMMEN: Nicola Alaimo, Myrtò Papatanasiu, Liang Li, Najmiddin Mavlyanov, Gezim Myshketa, Evgeny Solodovnikov
  • MUZIEK: Symfonisch Orkest Opera Vlaanderen o.l.v. Alexander Joel en Koor Opera Vlaanderen o.l.v. Luigi Petrozziello
  • WAAR: Opera Vlaanderen, Antwerpen
  • WANNEER: zondag 5 februari 2017 (première)
  • CREDITS FOTO’S: ® Annemie Augustijns