Als Porgy helemaal op het einde van de opera met het lied I’m on my way vertrekt van Catfish Row in de illusie in New York zijn Bess te vinden, liepen de rillingen me over het lijf. Een hoogtepunt van een opera die vol zit van ontroerende en spannende momenten en gepresenteerd wordt door acteurs die zich volop inleven in het verhaal, ondersteund door een bruisend orkest. Toch halen niet alle scènes de authenticiteit die je van deze unieke mix van sociaal drama en emotionele opera verwacht.

Het is in elk geval een uitstekend idee van de Nationale Opera om Gershwins werk in het seizoen 2018-2019 te rehabiliteren met een knappe productie. De voorstelling was dan ook al van maanden tevoren uitverkocht. In 2018 werd de 120ste verjaardag gevierd van George Gershwins geboorte, in 1898 in Brooklyn. Zijn ouders waren als Russische Joden enkele jaren daarvoor naar de Verenigde Staten geëmigreerd. Zowel hij als zijn broer Ira bleken al jong muzikaal talent te hebben, maar het is vooral George die zijn talent ontplooit.

Fascinatie voor Afro-Amerikaanse muziek

George Gershwin is al vroeg aangetrokken door ragtime en blues en wordt dan ook een vertrouwde muzikant in de befaamde Tin Pan Alley in New York, waar de songs niet alleen uitgegeven worden maar ook furore maken. Zijn eerste zogenaamd “klassiek” concertstuk, Rhapsody in blue uit 1924, bestempelt hem als een jazzcomponist. Maar zijn middelbare school in Manhattan, de Fiorello H. La Guardia High School had een zeer gemengde leerlingenpopulatie zodat hij ook kennis maakte met de muziek van de Afro-Amerikaanse gemeenschap. Als zijn belangstelling voor de zwarte Amerikaanse muziek samenvalt met de ontdekking van Porgy, het boek van DuBose Hayward, lijkt het alsof het een bestemming van het lot is om de opera Porgy and Bess te componeren. Hayward had zijn verhaal gebaseerd op een krantenartikel over een kreupele bedelaar. Gershwin trekt zelfs naar Charleston in South Carolina om zich in de muziek van de plaatselijke Afro-Amerikaanse gemeenschap onder te dompelen. Hij vraagt de auteur Hayward om samen te werken aan het libretto en ook zijn twee jaar oudere broer Ira levert een aantal van de liedteksten, bijvoorbeeld I got plenty o’nuttin en Bess, you is my woman now. Maar ook zijn technische studie van componisten als Poulenc, Ravel en Stravinsky verwerkt Gershwin in zijn partituur. Het duurt daarom zowat negen jaar voor zijn doel bereikt is. Porgy and Bess kan dan ook letterlijk als een magnum opus van Gershwin beschouwd worden en tegelijk als zijn statement over de discriminatie van het zwarte Zuiden.

Gershwin wilde met de opera zijn respect uitdrukken voor de andere mentaliteit van de zwarten en bijdragen tot een afbreuk van raciale stereotypen in een tijd waarin de Afrikaanse Amerikanen uit de Zuidelijke staten daar nog voortdurend mee geconfronteerd werden. Zelf emigrant zijnde – als blanke Joodse songwriter van Russische afkomst – had Gershwin het gevoel dat hij de muziek van de zwarte etnische gemeenschap verstond en wilde hij er met zijn werk een ruimer begrip voor creëren. Hij liet testamentair vastleggen dat de opera enkel mocht gespeeld worden door zwarte acteurs. Het stuk ging in oktober 1935 in première in het Alvin Theatre in New York. Het was geen onverdeeld succes: de recensenten wisten niet of ze met musical of opera te maken hadden en vonden het maar een allegaartje van negerjazz vermengd met klassieke invloeden. Ook de zwarte gemeenschap was niet onverdeeld gelukkig met een presentatie van gokbeluste, dronken, drugsverslaafde en brutale personages. Maar geleidelijk aan keerde het tij en begreep men dat het ook ging over gelijke rechten voor de zwarte gemeenschap. Vanaf zowat de integrale voorstelling van de Houston Grand Opera in 1976 met professionele zangers werd Porgy and Bess als een hoogstaand artistiek werk beschouwd. Gershwin heeft het nooit mogen beleven, want hij overleed aan een hersentumor in 1937.

Beklijvende voorstelling met onsterfelijke melodieën

Regisseur James Robinson heeft een sterke personenregie uitgewerkt, zodat elk personage bij het zingen van zijn of haar song (aria) goed uit de verf komt. Ook de interactie met de anderen van deze hechte gemeenschap in Catfish Row komt hierdoor sprekend tot zijn recht. Het decor van Michael Yeargan leent zich daar bovendien perfect toe. Het is een handig eenheidsdecor dat draait naargelang de situatie, en enkel even plaats moet ruimen voor het eiland van de picknick. Er zijn twee niveaus met elkaar verbonden door een trap en een gaanderij. Langs weerszijden zien we enkele huisjes van de bewoners van Catfish Row gelegen rond de centrale binnenplaats. Porgy’s huisje is prominent rechtsonder. De binnenplaats is niet alleen de plaats waar gedobbeld wordt, maar ook waar de confrontaties bij elk evenement in de plot plaatshebben. De gaanderij biedt de kans bepaalde gebeurtenissen te accentueren, bijvoorbeeld het rouwen bij de dood van Robbins. Ook als het hele dorp in koor zingt, is die balustrade een ideale plaats om op hen te focussen. De passages waarin Sporting Life Bess verleidt tot drugs zijn telkens op de zijtonelen geplaatst, alsof het hen letterlijk buiten de gemeenschap plaatst.

De sleutelpassages van het stuk zorgen voor spannende en aangrijpende momenten. De inval van de (blanke) politie nadat Crown Robbins gedood heeft, geeft zeker de impact weer van de haat tegen de zwarten die Gershwin aan de kaak wilde stellen. Het gevecht tussen Porgy en Crown op het einde is een felle passage. De relatie van Bess met Porgy zorgt voor een lichtpunt in het verhaal, waarvan je evenwel voelt dat het continu bedreigd wordt: een pluspunt dat zeker op de acteerkunst van Bess te schrijven is, die in al haar overgave en genegenheid voor Porgy duidelijk een labiel karakter is. De overweldiging van Bess door Crown op het eiland is een spannend moment, terwijl je als toeschouwer tegelijk zou wensen dat Bess toch wat sterker voor zichzelf zou opkomen. Adina Aaron speelt haar partij met alle nuances van de verleidelijke, maar ook naïeve en zelfingenomen vrouw. Ze zingt met heldere hoge sopraanstem die enkel in het laatste bedrijf wat schril begint te klinken – bijvoorbeeld als ze het mooie lied Summertime herneemt. Haar engagement in de rol komt soms wat onecht over, alsof ze eerder wil pronken als actrice dan doen geloven in haar personage. De twee bas-baritons in de voorstelling, Eric Owens als Porgy en Mark S. Doss als Crown, worden met heel veel inleving neergezet. Porgy is de charismatische kreupele man, die er alles op zet de knappe Bess tot échte liefde te overtuigen. Crown is de brutale geweldenaar. Ook de andere rollen zijn mooi ingevuld. Toch miste ik een zekere authenticiteit in de opvoering, waardoor de echte betrokkenheid uitbleef. Ik kan moeilijk de vinger op de wonde leggen, maar misschien kwam het acteren bij momenten wat te gekunsteld-theatraal over?

Het lag zeker niet aan de muzikale uitvoering door het Nederlands Philharmonisch Orkest onder leiding van James Gaffigan. De dirigent voelde zich als een vis in het water met de ingrediënten die Gershwin in zijn partituur gelegd heeft: de rijke orkestkleur kwam goed uit de verf, het ritme spatte eraf, zalige melodielijnen in zowel zang als instrumentale passages, toffe solo’s van saxofoon, piano, banjo. De koorpassages waren schitterend en vaak van hoog gospelgehalte. Het was genieten van de onsterfelijke melodieën als Summertime, het wiegeliedje van Clara of Porgy’s I got plenty o’ nuttin of zijn hartverscheurende liefdesverklaring Bess, you is my woman now. En zoals aan het begin aangehaald: van het ijzingwekkende O Lawd I’m on my way van de radeloze Porgy, bijgevallen door het hele koor. Alvast een voorstelling die hoe dan ook beklijft.


  • WAT: George Gershwin (1898-1937) | Porgy and Bess
  • REGIE: James Robinson
  • STEMMEN: Eric Owens, Adina Aaron, Mark S. Doss, Frederick Ballentine e.a.
  • ORKEST: Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. James Gaffigan
  • KOOR: Porgy and Bess Ensemble ingestudeerd door Aldert Vermeulen
  • WAAR: Nationale Opera Amsterdam
  • WANNEER: zondag 20 januari 2019 (voorstellingen tot 31 januari uitverkocht)
  • FOTO: © BAUS