Nominatie Gouden Label – Henry Purcell componeerde de redelijk korte opera Dido and Aeneas en genoot er van. Hij werkte zijn opera enkele keren bij met extra koren en balletten. Guy Van Waas, die de uitvoering van dit werk dirigeerde in de Opéra Royal de Wallonie in Luik, koos ervoor om zo veel als mogelijk naar de oerversie te gaan.

Terwijl zowat het hele operahuis met koor, orkest, technische staf en leiding in Oman De Parelvissers (Les Pècheurs de Perles) opvoerde, werd het publiek in Luik getrakteerd op deze redelijk bekende barokopera. Het werd een traktatie die je onmogelijk kan noch mag vergeten. Guy Van Waas leidde zijn barokorkest Les Agrémens, samen met het Chœur de Chambre de Namur en solisten op levendige wijze, met humor maar ook met tranen, door Purcells meesterwerk. Het duo Cécille Roussat en Julien Lubek die we ons herinneren van de fantastische enscenering van Die Zauberflöte, tekenden opnieuw voor de regie, kostumering, decors en choreografie. Marc Gingold stond hen perfect bij voor een niet verbeterbare belichting.

Pure barok, toch niet en toch wel

Ik kan me voorstellen dat de barokfanaten niet akkoord zijn met bepaalde elementen in de regie net zoals ik me kan voorstellen dat de liefhebbers van de opera vanaf en vooral na Mozart hier misschien wat twijfels hadden, maar dan eerder over de solisten en het orkest. Maar wie de geest van de barok kent en van deze opera, wie vertrouwd is met de zangwijze en de periode-instrumenten, die kan eigenlijk niet anders dan blijvend de lof te zwaaien over de muzikale afwerking en de rijkdom op het podium van zowel een inventief barokdecor, de kostumering die de personages extra karakter gaf, de allegorische figuren, het feeëriek spektakel, de sterke, nooit overdreven of teveel aandacht opeisende acrobaten en zo meer. Ja, toen het doek viel, bleef het even zeer opvallend stil. Niemand wilde de sfeer breken met meteen een heftig applaus. Dat barste wel los na die adempauze en bleef duren met veel bravo’s die van uit alle hoeken uit de zaal klonken. Niets dan tevreden gezichten verlieten de Luikse opera, velen mensen pinkten nog een traantje weg. Het kon moeilijk anders.

De zangers die men voor deze nieuwe productie verkoos, zijn mensen die allemaal zeer goed weten dat barokzang geen belcanto is, maar toch volume vereist. Ook is de intonatie anders omdat men op de instrumenten uit de tijd van Purcell nog niet (voldoende) kon nuanceren. Het echo-effect moest dit gebrek aan zwellen tot fortissimo en afnemen tot pianissimo opvangen en dat is iets wat velen niet echt weten vandaag de dag. Wie het wél weet, is Guy Van Waas en zo kreeg het publiek een zeer groot evenwicht tussen de zangers onderling, met het orkest en het koor.

Roberta Invernizzi is de perfecte Dido. Ja, zij was het die, samen met het uitstervend orkest en een adembenemende regie, in haar sterfscène het publiek tot absolute stilte dwong en vele luisteraars diep ontroerde. Aangrijpend.

Bariton Benoit Arnould, Aeneas, moest zich in deze première wat inwerken. In het eerste deel klonk zijn stem wat hezig, iets wat verdween en zijn stem naar het einde toe een mooie romige warmte gaf. De trouwe hofdame van Dido, Belinda, werd bijzonder fraai gezongen door Katherine Crompton.

Sterk en humorrijk zong de bas Carlo Allemano zijn dubbelrol van heks en kapitein. Vooral zijn heksenrol werkte op de lachspieren. De idee hem als octopus – let op de symboliek – op te voeren, met bewegende armen die mee schokten van het lachen als hij zijn snode plannen bedacht om de arme Dido en Aeneas niet alleen uit elkaar te halen, maar ook de dood in te jagen. Intussen waren er de trollen die op en neer in alle mogelijke en onmogelijke posities over de scène rolden. Zij waren de dienaars van de heksen, hier zeemeerminnen met grote visstaarten die in dialoogvorm heel knap zongen: Caroline Meng en Benedetta Mazzicato. De jonge sopraan Jenny Davied was een rolbewuste tweede dame.

Dit alles werd niet alleen met de acrobatieën van de trollen versterkt, we kregen ook cupido’s die in de lucht zweefden en de maan omhelsden, ballerina’s dansten om het gelukkige paar heen en de hofdames leidden Dido mee naar haar zelfmoord nadat ze de in de war gebrachte Aeneas de deur gewezen had.

Het kan moeilijk anders dan dat deze productie herhaald zal worden op andere plaatsen in de wereld. Ze is té goed om niet meer opgevoerd te worden. Een DVD hiervan zou zeker thuishoren bij elke liefhebber van het genre, maar ook bij diegenen die graag eens wat anders zien en horen en zich goed willen voelen.


  • WAT: Dido and Aeneas, Henry Purcell
  • WIE: Dirigent: Guy Van Waas; orkest: Les Agrémens; koor: Chœur de Chambre de Namur; regie, decor, kostuums, choreografie: Cécille Roussat en Julien Lubek; belichting: Marc Gingold; solisten: Roberta Invernizzi, Benoit Arnould, Katherine Crompton, Carlo Allemano, Caroline Meng, Benedetta Mazzicato, Jenny Davied
  • WAAR & WANNEER: Opéra Royal de Wallonie, Luik, première 9 mei 2017
  • FOTO’S: © Lorraine Wauters – Opéra Royal de Wallonie