„Weisst du, was du sahst?“ (Weet je wat je zag?) deze vraag van Gurnemanz aan Parsifal zou kunnen van toepassing zijn op de producties van Parsifal en Die Meistersinger von Nürnberg dit jaar opgevoerd tijdens het festival van Bayreuth. Want de ensceneringen van respectievelijk Uwe Eric Laufenberg en Barrie Kosky roepen  inderdaad heel wat vragen op die  het lezen van de libretti van de opera’s niet kan beantwoorden.

De Australiër Barrie Kosky, sinds 2012 intendant en chefregisseur van de Komische Oper in Berlijn is de eerste regisseur die, zonder lid te zijn van de Wagnerfamilie en als jood, de Meistersinger in Bayreuth ensceneert en hij presenteert er een complexe en kritische versie van. Zowel het privéleven van de componist als zijn houding tegenover de joden en zijn verheerlijking van de Duitse identiteit en kunst worden erin vermengd. Er zijn twee decors (Rebecca Ringst) : een salon in Wahnfried ,het woonhuis van Wagner in Bayreuth, voor de eerste tonelen van de opera en een zaal in het justitiepaleis waar het proces van Nürnberg plaats vond voor de overige. Eerst krijg je alleen de wanden van die zaal te zien die een groen grastapijt omgeven, dan de volledig uitgeruste zaal met vlaggen (van de Sovjetunie, Amerika, Frankrijk en Groot-Brittannië), een soldaat  en de beklaagdenbank die later als podium voor Beckmesser zal dienen en tenslotte als spreekgestoelte voor Sachs die (Wagners) zaak bepleit : “Ehrt Eure deutsche Meister” en  de verdediging van de heilige Deutsche Kunst.  De kostuums (Klaus Brun) mengen middeleeuwen/renaissance en negentiende eeuw. In het eerste bedrijf versmelten de figuren van  Sachs en Wagner die ( op 13 augustus 1875 om 12.45’ uur en bij een buitentemperatuur van 25 graden, zoals de geprojecteerde commentaar ons leert) vrienden ontvangt, onder hen zijn schoonvader Franz Liszt (Pogner), en de dirigent Hermann Levi (Beckmesser) in het gezelschap van Cosima (Eva) en een aantal andere Wagner-alter-ego’s (David, Stolzing) – herkenbaar aan de vertrouwde, typische baret – en kinderen. Kosky laat de narcistische kant van Wagner zien die opgetogen is over de ontvangst van een aantal geschenken en duidelijk maakt dat Levi/Beckmesser in zekere zin anders is wanneer hij de joodse dirigent enigszins dwingt neer te knielen met de christenen tijdens hun gebed (het koor van de gelovigen in de Heilige Katharinakerk ). Het is niet altijd gemakkelijk om de verschillende personages te identificeren en te accepteren (Cosima als Eva!) en zelfs om het verloop van de handeling te onderscheden en te volgen in deze burleske mengeling, Breugel waardig, die Kosky opvoert in het twee bedrijf  dat afgerond wordt met een groteske dans van Beckmesser met de kop van een joodse karikatuur (uit de Nazi-krant Der Stürmer) terwijl een grotere kop (langzaam opgeblazen en dan weer  samengeschrompeld)  het toneel vult. Voor de Festwiese zitten de burgers van Nürnberg op de banken van het justitiepaleis. De gewonde Beckmesser laat zich begeleiden door een harpiste en het is voor een leeg toneel dat  Sachs (nog altijd gekleed als Wagner) zijn pleidooi  “Verachtet mir die Meister nicht” begint om tenslotte het, terug op het toneel verschenen,koor en een figuranten-orkest te dirigeren in de laatste maten van de partituur. Het lot van Stolzing en Eva is niet meer belangrijk. Het is de kunst en de muziek van Wagner die triomferen!

Het echte orkest zat natuurlijk in de orkestbak gedirigeerd door Philippe Jordan die de partituur liet schitteren in al haar schoonheid en facetten.  Er was weelde en overvloed maar ook een gespierde en slanke klank, transparantie en zorg voor het detail, dramatisch elan en poëtische momenten, bijna kamermuzikaal, een klare structuur  en een vrij chaotische Prügelszene in overeenkomst met de enscenering van Barrie Kosky.

De bezetting integreerde voorbeeldig in deze voorstelling van de Meistersinger zoals ze blijkbaar ontsproot aan het brein van Wagner die zich in Sachs veranderde, een heel mooie vertolking van Michael Volle (nog Beckmesser in de vorige Meistersinger-productie van Bayreuth!). Zijn stem is misschien ongewoon licht van kleur voor de partij maar Volle heeft blijkbaar geen enkele last met de tessituur noch met de omvang  en vertolkte de emoties van het personage met overtuiging en een voorbeeldige tekstprojectie. Is er voor het ogenblik een betere Beckmesser dan Johannes Martin Kränzle? Goed beheerste, expressieve stem en genuanceerde vertolking zonder enige overdrijving. Klaus Florian Vogt herhaalde zijn jonge en onstuimige Stolzing met heldere en blijkbaar onvermoeibare stem. Anne Schwanewilms was scenisch geloofwaardiger als Cosima dan als Eva en vocaal weinig briljant of overtuigend. Daniel Behle leverde een heel mooie prestatie als sympathieke David met klare, gespierde tenor. Günther Groissböck leende zijn nobele bas aan Pogner, Wiebke Lehmkuhl was een mooie Magdalene. De rollen van de meesterzangers waren goed ingevuld en de koren zongen schitterend, zoals gewoonlijk!

Het is het tweed seizoen dat Parsifal in de enscenering van Uwe Eric Laufenberg (decors Gisbert Jäkel, kostuums Jessica Karge, licht Reinhard Traub en video Richard Lorber) op de affiche stond, gedirigeerd door Hartmut Haenchen. De Duitse chef, lang actief in Amsterdam en ook dikwijls in Brussel uitgenodigd, heeft in Bayreuth zijn revisie van de partituur geïntroduceerd waarmee hij de intenties van de componist dichterbij wil brengen. Het betreft aanpassingen van tempi en instrumentatie die waarschijnlijk vooral ervaren oren kunnen onderscheiden en waarderen maar die een muzikale uitvoering met een mooie spanning, atmosfeer en spiritualiteit opleveren. Dit uiteraard ook dank zij de sonore en interpretatieve kwaliteiten van het orkest van de Bayreuther Festspiele. Niets dan lof ook eens te meer voor de koren die altijd voortreffelijk presteren.

De enscenering van Uwe Eric Lauffenberg is veel minder boeiend en de betekenis ervan eerder verward en verwarrend. Blijkbaar vindt de handeling vandaag plaats ergens in het Midden-Oosten  verscheurd door religieuze problemen. De tempel van de Graal is een  verwoeste kerk waarin vluchtelingen onderdak vinden, geholpen door monniken (een expliciete verwijzing naar de film Des hommes et des dieux en waar GI’s patrouilleren. Met enkele minieme veranderingen zal dit decor voor de drie bedrijven dienen. Een gordijn en projecties  moeten de Verwandlung oproepen, een tropisch woud  met plastiek gebladerte et naakte meisjes die onder een waterval dansen dienen voor de Karfreitagszauber. De burcht van Klingsor (die er een grote collectie kruisbeelden op nahoudt) heeft  oriëntaalse versieringen en een bad waar de Zaubermädchen , eens ze hun burka’s afgeworpen hebben met Parsifal in onderbroek spelen. Die zal zijn gevechtsuitrusting terug aantrekken om de lans op Klingsor te veroveren, wat op een vrij belachelijke manier gebeurt. In het derde bedrijf levert een oude koelkast het water voor de heilige bron en op het einde, nadat christenen, joden en moslims de symbolen van hun verschillende godsdiensten in de lege kist van Titurel hebben gegooid, breekt het decor open en verdwijnt terwijl de lichten in de zaal aangaan als om het publiek deelgenoot te laten worden van de boodschap van hoop en verzoening. Jammer genoeg gaat daardoor het mooie slotkoor nagenoeg de mist in. Vanaf de ceremonie in het eerste bedrijf waarin Amfortas in zekere zin Christus op het kruis wordt en de monniken zijn wonde heropenen om de gemeenschap te laven, kan het publiek zich dezelfde vraag stellen als Parsifal “Wer ist der Gral?” (Wie is de Graal?).

Ryan Mckinney gaf zich lichaam en ziel over aan het lijden van Amfortas maar zijn klachten konden meer vocale en emotionele kracht  gebruiken. Georg Zeppenfeld gaf grote vocale autoriteit aan de nederige, vaderlijke Gurnemanz met zijn sonore basstem en zijn perfecte articulatie. Andreas Schager zette een vrij jeugdige Parsifal neer met zijn krachtige maar niet altijd even beheerste tenor. Kundry had de mooie, warme en ruime stem van Elena Pankratova, niet bepaald verwend door de enscenering  in haar rol als verleidelijke, sensuele vrouw. Klingsor vond een korrekte vertolker in Derek Welton (die in één opvoering de plaats liet aan “onze”  Werner van Mechelen) en Karl-Heinz Lehner was een degelijke Titurel. De partijen van Klingsors  Zaubermâdchen, de ridders en knapen  werden goed verdedigd.


  • WAT: Bayreuther Festspiele – Parsifal, Die Meistersinger von Nürnberg
  • WIE: Ryan Mckinney, Georg Zeppenfield, Elena Pankratova, Werner van Mechelen, Karl-Heinz Lehner, Klaus Florian Vogt, Michael Volle,…
  • WAAR: Bayreuth
  • WANNEER:  25 en 27 augustus
  • Foto’s: ©Bayreuther Festspiele-Enrico Nowrath