Sedert Riccardo Chailly muziekdirecteur van de Scala van Milaan is, wil hij telkens het seizoen openen met een werk dat representatief is voor die eerbiedwaardige instelling met een glorierijk verleden en representatief voor het Italiaanse operarepertoire. Dit keer koos hij Andrea Chénier de opera van Umberto Giordano (over de Franse dichter die onder de guillotine stierf )die er op 28 maart 1896 gecreëerd werd en tot 1960 geregeld op de affiche stond.

Toen alterneerden Mario Del Monaco en Franco Corelli in de titelrol, zong Renata Tebaldi de partij van Maddalena en was Ettore Bastianini Carlo Gérard. Dan verdween “Andrea Chénier” uit het repertoire van de Scala tot 1982 toen de jonge Riccardo Chailly een nieuwe productie dirigeerde in regie van Lamberto Puggelli en José Careras de partij van de Franse dichter vertolkte. Diezelfde productie werd nog eens hernomen in 1985, opnieuw onder leiding van Riccardo Chailly en met onder meer José Carreras als Chénier, Eva Marton als Maddalena en Piero Cappuccilli als Gérard. Dan verdween Andrea Chénier opnieuw van de Scala-affiche gedurende meer dan dertig jaar.

Nu keerde Andrea Chénier dus terug, opnieuw onder de muzikale leiding van Riccardo Chailly, die met deze opera de vijftigste verjaardag van het overlijden van de dirigent Victor de Sabata wilde herdenken (samen met een fototentoonstelling in het Toscanini foyer). Chailly vindt dat Andrea Chénier representatief is voor het verismo van de jonge Italiaanse school van het einde van de 19de eeuw. Het is een werk waarin Giordano zijn stilistische onafhankelijkheid bewees van zijn grote tijdgenoot Puccini die ook, op zijn manier,  de 18de eeuw evoceerde in zijn Manon Lescaut, een opera waarvan Giordano trouwens veel hield.  Omdat Chailly de symfonische structuur van Giordano’s partituur bewondert en de voor zijn tijd opmerkelijk “moderne” orkestratie , wilde hij dat die volledig tot hun recht zouden komen evenals de dramaturgische eenheid van het werk. Dus besliste hij de eerste twee bedrijven zonder pauze na elkaar te laten spelen en hetzelfde te doen met drie en vier . De continuïteit van het muzikale discours beklemtoonde hij  door de verschillende aria’s zonder onderbreking in de daaropvolgende muziek te laten overgaan. Dus geen stil leggen van het orkest om applaus uit te lokken of mogelijk te maken. En het moet gezegd dat het spannend was en de muzikale uitvoering je in zijn greep hield. Riccardo Chailly’s directie gaf de opvoering een sterk dramatisch elan, was gebald en nerveus maar liet de melodieën toch ruim openbloeien, ondersteunde de zangers en wist indrukwekkende ensembles op te bouwen. Hij kreeg een prima respons van het uitstekende Scala-orkest dat evenals het uitgebreide koor, zich ten volle engageerde.

Mario Martone ensceneerde in decors van Margherita Palli en kostuums van Ursula Patzak, respecteerde de historische context  (Franse revolutie), het libretto en de muzikale dramaturgie van het werk maar slaagde er toch niet in er een echt spannende theateravond van te maken. Het draaiende decor  was vooral handig maar het scènebeeld kwam vrij pover over en had weinig atmosfeer en de interactie tussen de protagonisten kon boeiender. Niet dat zijn zich niet ten volle gaven maar het geheel miste enigszins cohesie en overtuiging. Er was met grote belangstelling en een zeker wantrouwen uitgekeken naar de vertolking van de titelrol door Yusif Evyvazov, de tenor uit Azerbeidzjan, die zijn faam (voorlopig) vooral te danken heeft aan het feit dat hij de echtgenoot van de gevierde Russische sopraan Anna Netrebko is. Maar hij heeft de vuurproef met succes doorstaan en wist blijkbaar het veeleisende  Scala-publiek  te overtuigen. Alhoewel. De stem is krachtig en homogeen maar heeft niet bepaald een mooi  timbre. Nuances en legato zijn niet zijn sterkste troeven maar hij heeft uithoudingsvermogen en haalt zonder moeite de hoge noten.  De acteur heeft een zekere allure. Anna Netrebko vindt in Maddalena niet haar beste rol, of was het niet haar beste avond? Ze brengt de figuur niet echt overtuigend tot leven, of was het de enscenering die haar minder kansen gaf ? Met haar ruime, warme sopraan gaf ze een mooie vertolking van “La mamma morta” de aria die interpretatief nog aan diepte kan winnen. Luca Salsi zette zijn Verdi-bariton met volle kracht in voor de figuur van Carlo Gérard. Annalisa Stroppa was een eerder onbeduidende Bersi, Mariana Pentcheva een vermoeid klinkende Contessa di Coigny en Judit Kutasi een  nog  jonge Madelon met warme mezzo-sopraan. Carlo Bosi zette een overtuigende Incredibile neer met klare tenor, Gabriele Sagona was een fraai klinkende maar scenisch onbeholpen Roucher en Francesco Verna (Mathieu) en Romano Dal Zovo (Schmidt) lieten sonore stemmen horen.


  • WAT: Andrea Chénier
  • WIE: Giordano, Riccardo Chailly, Mario Martone,  Anna Netrebko, Yusif Evyvazov, Luca Salsi
  • WAAR: Milaan
  • WANNEER: december 2017
  • Foto’s: ©Teatro alla Scala