22 en 23 september 2017 was de Philharmonie de Luxembourg, een zeer ruim en groots concertcomplex met onder meer een grote zaal en kamermuziekzaal, de ‘place to be’ voor heel wat concertorganisatoren uit tal van landen voor de Luxemburg Classical Meeting. Een evenement waar bv. Vlaanderen en Nederland een voorbeeld kunnen aan nemen.

De bedoeling van de Luxemburg Classical Meeting is dubbel. Enerzijds geeft men tal van internationale vertegenwoordigers van concertorganisaties, ensembles, wedstrijden en pers de kans elkaar te leren kennen en anderzijds is het een visitekaartje van wat Luxemburg zoal te bieden heeft op muzikaal vlak. De hoop is dat er uitnodigingen volgen om hen op de internationale podia te brengen. Een win-win situatie die best interessant is, leerrijk en positieve gevolgen kent. Zeg maar een nuttige investering in cultuur. We zijn blij dat we deel mochten uitmaken van dit gezelschap.

Er vonden voor onze organisatie Klassiek Centraal alleen maar positieve gesprekken plaats, met tal van nieuwe mensen voor ons. Het was een aangename verrassing te mogen horen van een Hongaarse dame dat ze zopas Klassiek Centraal had leren kennen door er andere aanwezigen over te horen praten en dat het zo’n goed forum was voor de klassieke muziek in onze Lage Landen. Mijn ego werd nog meer gestreeld meteen daarna. Twee Nederlandse dames zagen mijn naamkaartje: “Aha, Klassiek Centraal, nou jij bent daar dus van?” … “U kent Klassiek Centraal?” … “Ja natuurlijk! Wie niet!?” … Zeg nu zelf, dan voel je je groeien toch en het geeft meteen weer een lading moed om door te gaan met dat waar Klassiek Centraal voor staat.

Openingsconcert Philharmonie de Luxembourg

Vrijdagavond 22 september werd het concertseizoen van het complex met dezelfde naam als het orkest, Philharmonie de Luxembourg, geopend met een concert door het orkest en met als solist niemand minder dan Bryn Terfel, de beroemde bariton uit Wales. Het orkest opende met Johannes Brahms zijn derde symfonie. Het werd een krachtige uitvoering met opvallend overmeesterende koperblazers die soms de strijkers en houtblazers in de verdrukking brachten. Persoonlijk begreep ik de visie van dirigent Gustavo Gimeno niet echt. Hij ging mijns inziens voor teveel energie met minder oog voor de finesses.

Bryn Terfel was in zijn beste doen. De man had er duidelijk ‘goesting’ in. Met veel theatraal acteertalent en brede lach veroverde hij meteen het podium. Hij nam als het ware de leiding over en met pretoogjes zong hij als een echte Mefisto een aria uit Charles Gounods Faust en uit Arrigo Boïto de overkende aria ‘Son lo spitiro’ waar de duivel niet alleen zingt, maar op zijn vingers fluit. Terfel zette het publiek mee aan en dit zorgde voor een fluitconcert, maar dan niet om de artiesten uit te fluiten. Origineel, zo’n fluitconcert mag wel eens, gemend met het applaus en bravogejuich. Terfel gaf niet op met het publiek naar zijn hand te zetten. Een aria uit Verdi’s Falstaff vol humor bracht het publiek aan het lachen en met ‘Die Frist ist um’, uit Der Fliegende Holländer van Richard Wagner rondde het officiële programma af. Drie bisnummers kreeg het joelende publiek, waaronder twee liederen uit Terfel zijn vaderland: Wales.

Presentatieconcerten

In de geboden staalkaart van Luxemburgse musici of in Luxemburg werkende musici zaten enkele opvallend sterke krachten die we zeker nog meer aan het werk willen horen en zien.

De absolute nummer één in deze reeks van telkens een half uur durende presentaties was ontegensprekelijk het miniconcert door Artemandoline. Een ensemble van zes musici dat in Luxemburg resideert. Ze brengen renaissance en barok op meerdere types mandolines, barokgitaar, klavecimbel, gamba en /of contrabas. De broers Juan-Carlos – luit – en Manuel Muños – barokgitaar spelen samen met Mari Fe Pavón – luit, Alla Tolkacheva – luit, Jean-Daniel Haro – klavecimbel en Thomas Pellerin – gamba en contrabas. Het publiek ging meer dan terecht uit de bol voor een opzwependen, maar soms ook tot haast tranen toe bewegende uitvoering van werken van Gaspar Sanz (1640-1710), Lucas Ruiz de Ribayaz (1626-na 1677), Andra Falconieri (1585-1656) met zijn bekende Ciaccona uit 1650 en het overbekende Folias van Anonimus, dit keer een nooit te vergeten bewerking uit de 18de eeuw. Slechts één raad: staat het ensemble op de affiche en kan je gaan? Ga!

Sterk was ook het Trio Koch, de nummer twee, als ik het zo mag verwoorden, van deze presentatieconcerten. Ze zijn door en door professioneel, spelen als weinig anderen op elkaar in, alles zit stevig in elkaar, snedig, overtuigend op een wijze dat je niet zelden een trio maar een vol orkest hoort. Enig minpuntje is dat er minder gefraseerd wordt. Debussy, Borodin en Dvorák vragen toch om niet alleen kracht, maar ook haast fluwelen zachtheid is op zijn plaats.

Als derde zou ik het duo Philippe Schartz en Christopher Williams aanraden. Schartz is trompettist, Williams pianist. Eén zijn ze, één instrument, een niet uit elkaar te halen geheel. Ze speelden minder tot onbekend werk en dat is te begrijpen. Een duo van trompet en piano wordt niet zo dikwijls op het podium gehoord, laat staan op de klassieke radiozenders. Ze kozen naast bekender werk van George Gershwin voor een stuk van Rodion Shchedrin, Vlachteslav Shtelokov en Jean Hubeau. Een zeer goede keuze waar alle facetten van de mogelijkheden van dit duo instrumenten zeer goed aan bod kwam.

Tijdens de presentaties genoten we ook de sopraan Claudia Moulin met als begeleider Marcelo Amaral in liederen uit de tweede helft van de 19de eeuw en eerste helft 20ste eeuw (Wolf, Strauss, Zemlinsky, Berg, Korngold).

Buitenbeentje was het duo ‘Joint Venture Percussion Duo’ met Rachel Xi Zhang en Laurent Warnier op marimba en vibrafoon. Le tombeau de Couperin van Ravel was herkenbaar, maar het is niet het ideale werk voor deze combinatie. Verrassend was de compositie van Jacob ter Veldhuis. Je mag het een ontdekking noemen die op haar andere wijze toch past in een klassiek opzet.

De pianist Jean Muller sloot de presentaties af met een overdonderende Frédéric Chopin. Zijn polonaise ‘Héroique’, opgedragen door de componist aan zijn collega (of was het zijn rivaal?) Franz Liszt stormde als een wervelwind door de zaal. Ieder zijn meug, ik hield er wel wat van, maar ‘trop is teveel’ en wat minder decibels mochten in deze polonaise waar de kleine nootjes gelukkig heel zacht klonken.

Eén ding weet ik zeker: nodigen de Luxemburgers ons opnieuw uit, gaan we met enthousiasme in op hun vraag. Voor de muziek, voor de ontmoetingen, voor al wat er te beleven valt. Graag richt ik mijn dank aan heel de organisatie van deze Luxemburg Classical Meeting. Alles zat perfect in elkaar.


  • WAT: Luxemburg Classical Meeting
  • WAAR & WANNEER: Stad Luxemburg (Groothertogdom Luxemburg), vrijdag en zaterdag 22 en 23 september 2017
  • FOTO’S: © Alfonso Salgueiro