Het kan een wat ongewone titel zijn voor een recensie van een concert maar het waren de woorden waarmee dirigent Yannick Nézet-Séguin op donderdag 24 mei afscheid nam van het publiek na een schitterend concert, dat evenwel kort na het begin op spijtige en absoluut ongepaste manier onderbroken werd. Een bewonderenswaardige prestatie van Hélène Grimaud en The Philadelphia Orchestra dat ze toch nog met zoveel passie en inzet het programma hebben afgewerkt.

Een bezoek van pianiste Hélène Grimaud aan Brussel kan een pianoliefhebber moeilijk aan zich laten voorbijgaan, zeker niet als bovendien Yannick Nézet-Séguin ook van de partij is. Hij dirigeerde The Philadelphia Orchestra, het orkest waarvan hij muziekdirecteur is. Grimaud was soliste in het eerste pianoconcerto van Johannes Brahms, een van haar geliefkoosde componisten. Over haar liefde voor Johannes Brahms zegde ze ooit in een interview: Brahms is nobel, hem lukt de fijnste onderscheiding van gevoelens die je je maar kunt voorstellen. Tegelijk is zijn liefde mateloos, hij is wild en krachtig. Zo’n zuiverende balans tussen intellect en hart vind je geen tweede keer. Haar vertolking illustreerde deze omschrijving perfect. In het felle eerste deel liet ze zich gaan en speelde met ongebreidelde kracht de thema’s die Brahms als een introductie in het orkest al voorbereidde. Toch bleef het steeds beheerst en liet ze de passie niet ontsporen. Het adagio gaf ze gepaste intimiteit en ze liet zich van haar fijnzinnige kant horen. Het slotdeel bevestigde de natuurlijke aanpak van Grimaud om de veelal opgewekte thema’s moeiteloos te variëren en de veeleisende pianistieke partij als een vanzelfsprekendheid te spelen.

Incident

Na zowat een kwartier zag het er even bangelijk uit of we een volledig concert zouden kunnen meemaken in Bozar. Plots veerden twee vrouwen vanop de eerste rij recht, ze hielden een spandoek omhoog en begonnen slogans te tieren voor een vrije Palestijnse staat. Dit concert dat deel uitmaakte van een uitgebreide tournee van het orkest doorheen Europa met afsluitend drie concerten in Israël kaderde immers in een viering van 70 jaar Israël. Blijkbaar vonden een aantal activisten dat een aanleiding om herrie te schoppen. Even bleven orkest en soliste onverstoorbaar verder spelen, maar als het geroep aanhield, sloeg de dirigent kordaat af en vertrok met alle muzikanten van het podium. Uiteraard gejoel en gejouw van het publiek dat voor de muziek gekomen was. Als de verstoorders afgevoerd waren, duurde het een twintigtal minuten om de beslissing te kennen van de organisatoren hoe het verder zou gaan…. En jawel, het concert werd hernomen en verdergezet, tot grote vreugde en uitbundig gejuich van het publiek. De concerto van Brahms werd opgenomen na de lange orkestintro, vanaf de inzet van de soliste. Het was alsof ze met extra inzet speelden, want ze hadden zich niet gewonnen gegeven.

Hedendaags verenigd met romantiek

Na de pauze stond er eerst hedendaags werk op het programma van Wayne Oquin, Resilience voor orgel en orkest. Het was een Belgische première met de Amerikaanse organist Paul Jacobs. In het werk gaat het orgel een voortdurende dialoog aan met het orkest en het komt er meestal als het meest triomfantelijke instrument uit. Persoonlijk vond ik het converseren met de marimba het mooist. Het was natuurlijk ook een gelegenheid om het prachtig gerestaureerde orgel van Bozar nog eens tot zijn recht te laten komen. De “veerkracht” van de organist werd zeker op de proef gesteld, maar hij bracht het er virtuoos van af. Het werk is trouwens aan Paul Jacobs opgedragen. De uitbarsting van het orkest doet – vooral in de finale – erg aan filmmuziek denken.

Het laatste werk van het programma was de prachtige vierde symfonie van Robert Schumann. Al is de derde zeker populairder, de vierde is misschien wel fijnzinniger en zeker complexer. Johannes Brahms was er trouwens een groot bewonderaar van en uiteraard past het werk dan in dit programma – het is trouwens in dezelfde toonaard als Brahms’ pianoconcerto. Yannick Nézet-Séguin is een uitgelezen dirigent om deze symfonie aan te pakken door zijn scherpe analytische visie waardoor hij de motivische thema’s zeer afgelijnd in de instrumenten laat klinken, zonder de architectuur van het werk te verbrokkelen. De delen volgen elkaar trouwens zonder echte onderbreking op. Reeds bij de inzet laat het Philadelphia Orchestra de strijkers heerlijk lyrisch zingen en het delicaat-dansende thema in de hobo’s in het tweede deel, “Romanze”, kan als pure liefdesverklaring aan Clara geïnterpreteerd worden. Ook in de felheid van het scherzo en de heroïsche finale toont Yannick Nézet-Séguin zich als een dirigent met vooral gevoel voor finesse. Hij heeft zijn orkest perfect in de hand en nergens ontspoort romantiek tot pathetiek. Een prachtige uitvoering.

Tot besluit richtte de dirigent zich nog kort en gevat tot het publiek. Hij is geen man van de politiek, maar van de muziek en hij betreurde dat het concert voor slogans misbruikt werd. Ook het publiek komt voor de muziek stelde hij en daarom heeft hij met het orkest beslist het programma verder te zetten. Want muziek is vrede. Het publiek dankte met een staande ovatie.


  • WIE:The Philadelphia Orchestra o.l.v. Yannick Nézet-Séguin – Hélène Grimaud, piano – Paul Jacobs, orgel
  • WAT: Johannes Brahms, Wayne Oquin, Robert Schumann
  • WAAR: Bozar
  • WANNEER: 24 mei 2018
  • Foto: m.t.