De Provence: zon, blauwe lucht, olijfbomen en midden de zomer, in het stadje Salon en Provence waar Nostradamus de toekomst las, daar is buiten het goede weer en het genieten van het fijnste eten in de restaurants ook nog eens de verwenning door de beste musici die de geniaalste kamermuziek uitvoeren in historische locaties.

BE Culture is het persbureel van Sévérine Provost, vooral bekend en actief in het Franstalig deel van ons land. Jammer want in Vlaanderen missen we een dergelijk kwaliteitsbewust persbureau dat zich richt tot de betere kunst en cultuurbeleving. Op uitnodiging van het festival Salon in het stadje Salon en Provence organiseerde BE Culture een persreis en twee van de Klassiek Centraal medewerkers mochten er bij zijn. Guido Defever en ondergetekende. Hieronder leest u mijn bijdrage, deze van Guido Defever leest u via deze link.

Frank Braley en de Beethovendimensie…

Voor de concerten die we mochten bijwonen, beperk ik me tot de concerten van donderdag 4 augustus. Een recital door Elisabethwedstrijdwinnaar 1991 Frank Braley en een concert ‘Beethoven Serenade’.

Het pianorecital door Braley bracht ons naar de abdij Sainte Croix, nu een complex met hotel, restaurant, sauna en dergelijke. Ik vermoed dat de kloosterlingen destijds mindere luxe genoten. De kapel waar het concert plaatsvond is klein, romaanse stijl en je zit als het ware mee aan, of mag ik zeggen, in de piano. Je krijgt door de kleine ruimte op zich al meteen een andere beleving omdat je werkelijk bijna kleeft aan het instrument wat een heel ander klankbeeld geeft dan een gemiddelde concertzaal. Let op, het is niet de sfeer van de huiskamer, de kapelstructuur met de grote grijze natuursteen laat het niet toe en door de hoogte wordt de klank zo verspreid dat de piano je niet opslokt. Hoe zou hier ooit het gregoriaanse kloostergezang geklonken hebben?

Frank Braley opende het recital met de al te bekende Mondscheinsonate. Om meteen duidelijk te maken dat hij niet iedereen is, liet hij het stroperige achterwege en gebruikte bijna overdreven veel pedaal is het eerste deel, meteen het enige deel uit deze sonate dat de wereld veroverde en dat iedereen zo kan meezingen. Beethoven en Braley werden één (of waren ze het al en is het adagio misschien helemaal niet zo zoetjes bedoeld?) in het bewonderenswaardig allegretto en dan het derde deel, het presto, dat zo werd indringend gespeeld dat ik het me jaren later nog voor de geest zal kunnen halen. Dit kan alleen door het grootste talent zo uitgevoerd worden. Wat een kracht en zelfbeheersing, het drama wordt gekleurd en benadrukt en het raakt je heel diep vanbinnen. Ja! Dit is Beethoven pur sang.

Braley vervolgde met het eerste impromptu D899 van Franz Schubert. De eenvoudige, jonge componist werd verheven tot een majesteit die koestert, die bindt, die niet wil loslaten. Alle menselijke gevoelens werden door de eerste prijswinnaar en publiekslieveling van de Koningin Elisabethwedstrijd 1991 vertolkt op zelden gehoorde wijze. Frank Braley besloot dit recital, na de nodige info door hem gegeven, met de sonate 31 van Ludwig Van Beethoven. Hij ziet in dit werk de heropstanding uit de dood, het ‘spiegelen van’ in het verleden en heden. Wat een deemoed en weemoed, bijna zat ik te wenen. Braley is zo dankbaar aan de Schoonheid en de Harmonie, geeft tegelijk rijkdom en eenvoud. Wat een expressie toch! Leve Beethoven !

Nog meer Beethoven en terecht

Na het middagconcert werden de journalisten opnieuw heerlijk verwend – wat kan men in de Provence toch zalig lekker koken ! – en het was tafelen in de buitenlucht, met zicht op de valleien met olijfboomgaarden. Tijdens een gelegenheidsbabbel met de plaatselijke politieke verantwoordelijke voor cultuur Michel Roux, een zeer gedreven man met kennis van zaken (dat zijn we in Vlaanderen niet al te gewend…), leren we dat het festival op sterven na dood was, een jaar geleden. Dat er nog een editie kwam, die wij mochten bijwonen, is onder meer te danken aan een extra inspanning van de verschillende overheden die konden overtuigd worden dit unieke festival een tweede adem te gunnen. Het wonder gebeurde en de subsidies werden vrijgemaakt. Beethoven zou dit zeker toejuichen en misschien was het daarom wel dat er zo enthousiast gemusiceerd werd om en rond Beethoven?

Avondconcert in akoestisch verbazingwekkende binnenkoer

Was de eerste avond geslaagd (zie de tekst van Guido Defever) net als het recital van Frank Braley, dan werden de mensen nog maar eens vergast op het beste van het beste. Zou het concert helemaal uitgevoerd worden? Want de warme zomeravond koelde wat af, wolken begonnen te dreigen… Niemand minder dan de beroemde fluittist Emmanuel Pahud, de pianist Eric Le Sage en fagottist Gilbert Audin openden de Beethovenavond met een jeugdwerk van de 16 jarige Ludwig die nog in Bonn woonde. Het is een licht, eenvoudig en eerlijk werk, onbezorgd en belovend. 27 minuten zonder één seconde verveling. Alles schijnt nog zo jeugdig vanzelfsprekend en de musici vertellen ons met hun instrumenten dat het hier om zuiver genieten gaat, wat naïef en enthousiast is deze jonge Beethoven en het drietal musici doet ons gewoon wegsmelten.

Het wolkendek wordt dichter… Zou het nu echt gaan regenen? Neen, oef, en zo kunnen het duo Zvi Plessner (cello) en Eric Le Sage (piano) de sonate opus 102 nr1 inzetten. Zo mooi en energiek en lyrisch en dan? Dan worden we langzaam maar zeker nat. Niet van tranen maar van regen. De musici ronden af, er wordt een tent gezet, het publiek neemt plaats, lekker op elkaar gepakt, onder de galerij van de kasteelkoer en hopsa, de twee rasmuzikanten spelen gewoon verder.

Ha, de regen houdt op? Goed, dus terug plaatsgenomen op de tribune. Toch is men onzeker en het programma wordt omgegooid.

Acht musici komen onder de tenten zitten op het podium en spelen het Octet opus 62 van Ferdinand Thierlot (1838-1919), een onbekend Duits romantisch componist, afstammeling van Hugenoten die ooit Frankrijk in sneltempo moesten verlaten tijdens de godsdienstoorlogen. Zijn werk mag er zijn, het is geen geniale compositie die je nooit meer loslaat, maar goed, het is best aangenaam en als je een verzameling artiesten bij elkaar hebt van het niveau dat hier verenigd zit, dan kan er niets meer stuk. Het druppelt intussen zeer zachtjes, dat is best te verdragen in die warmte. Iedereen blijft zitten. Het programma wordt niet ingekort. Iedereen blij.

Intenser dan ooit…

Enthousiast zetten Amihai Grosz (altviool), Daishin Kashimoto (viool) en Zvi Plessner (cello) zich onder de alles drooghoudende tent op hun podium en ze gaan op in Beethovens Trio opus 9 nr2. Een van de vele prachtwerken van Van Beethoven. Spelen ze zo ontroerend dat de engelen Gods ineens zo hevig moeten gaan wenen en niet ophouden? Speelden ze vals dat Thor met zijn hamer slaat en het even dondert en bliksemt? Ha, die goden zijn niet muzikaal maar het publiek des te meer. De hardliners blijven al dan niet onder een paraplu op de tribune zitten, de meeste toehoorders snellen echter onder de droge galerij, de musici draaien de stoelen en zitten meteen op onze neus.

Nu moest Beethoven dit toch écht meegemaakt hebben ! Wat een intensiteit van het zo dicht tegen elkaar staande publiek en het strijkerstrio. Ook ik laat me helemaal opgaan, leunend tegen de vleugelpiano. Wat een uiterst zeldzaam concert; dit is meer, dit is een belevenis die je moet onthouden. Prachtig. Zo een muziekreis afsluiten, zo een cultuurgeschenk, daar teken ik opnieuw voor.

Dank aan BE Culture en het kamermuziekfestival van Salon en Provence. Alleen maar de beste kwaliteit werd geboden. Hotel, restaurants en ja, ja natuurlijk voor datgene waar we voor gekomen zijn: de muziek.

Een fotoverslag vindt u op onze Facebook Fanpagina.