Om het oneerbiedig te zeggen, het was “vollen bak” in de troonzaal van het eerbiedwaardige aartsbisschoppelijk paleis in Mechelen; een beetje te vol om de exquise sfeer te evenaren van een Weens salon anno 1790, zoals dat van doktersvrouwtje Marianne von Genzinger. 

Om het oneerbiedig te zeggen, het was “vollen bak” in de troonzaal van het eerbiedwaardige aartsbisschoppelijk paleis in Mechelen; een beetje te vol om de exquise sfeer te evenaren van een Weens salon anno 1790, zoals dat van doktersvrouwtje Marianne von Genzinger. 

Dat evoceerden pianist Lucas Blondeel en sopraan Liebeth Devos aan de hand van de meest tot de verbeelding sprekende passages uit de briefwisseling tussen Haydn en Marianne en van de muziek die Haydn schreef tussen 1789 en 1793, overlijdensjaar van zijn zielsgenote.

Het werd een wel overdachte, wervelende afwisseling van pianoforte, zang en tekst, waarbij ook Mozart, dik bevriend met Haydn en in mei 1766 op deze locatie op bezoek bij -om vader Leopold te citeren- “onze oude bekende, de heer aartsbisschop Johann Heinrich von Franckenberg”, ook van de partij was.

Speelvreugde

Lucas Blondeel staat synoniem voor speelvreugde. Dat hoorde je meteen in de Sonate in ES, die volgens brieven van de componist “für Marianne von Genzinger” geschreven werd, maar waarvan de titelpagina een opdracht aan ene “Anna de Jerlischek” zou bevatten.

Het muzikale hoogtepunt was de cantate “Arianna a Naxos”, het tragische verhaal van Ariadne, die bij het ontwaken haar Theseus van het eiland ziet wegvaren. Van bij de eerste woorden “Teseo mio ben, ove sei tu?” viel op hoe expressief en sereen Liesbeth Devos zich inleefde in de rol van zij die achterblijft.

Romantisch, boos, ironisch: in de liederen van Mozart kon ze als een kameleon perfect van personage wisselen.

Haar heldere, vaste stem, haar dictie en temperament verrukten iedereen. Komt daarbij dat ze met haar stijlvolle, tijdloze outfit de ster van elk salon zou geweest zijn. Misschien neigde het belerende “Die Alte” voor sommigen wat naar over-acting, maar de meesten lieten zich maar al te graag overtuigen van het wel en wee in die goede oude tijd. Een vlot “Andante met Variaties in f” bood nog eens extra de kans om de performantie van Blondeels Anton Walter-kopie te smaken.

Had de organisatie van “Amazing Haydn” het glaasje Sekt na het concert aangeboden in plaats van tijdens de pauze, zou er meer ruimte geweest zijn voor nog meer lovende reacties van het enthousiaste publiek.