In de reeks middagconcerten in AMUZ werd vorige vrijdag gekozen voor een frisse wind. Drie leden van het Koninklijk Concertgebouworkest brachten een verkwikkend middagconcert.

De Nederlands pianist Jeroen Bal reisde na zijn studies aan het conservatorium van Amsterdam zowat de hele wereld af samen met het Concertgebouworkest. Zijn verschijning is energiek en spontaan, en zo begeleidt hij ook de beide strijkers van dit trio.

Violiste Jae-Won is afkomstig uit Seoul, maar volgde haar studie grotendeels in Europa. Ze speelde bij verschillende grote orkesten in Frankrijk en kon zich na het winnen van het proefspel van 2015 aansluiten bij hde Concertgebouworkest.

De Beierse cellist Benedikt Enzler stamt uit een muzikale familie met eigen huiskwartet. Vandaar zijn voorkeur voor kamermuziek. Hij speelt trouwens op een historisch instrument dat maar liefst 13 jaar ouder is dan Joseph Haydn (1732-1809), de componist waarmee het middagconcert werd ingezet.

Het Trio voor piano, viool en cello in C groot HobXV 27 werd mooi gelijk en met grote zwier ingezet. Het lijkt misschien wat bombastisch uitgedrukt, maar toch was het heel erg verfijnd. De energieke flamboyante leiding van Jeroen Bal ging totaal niet ten koste van de muzikale precisie. De speelvreugde werkte trouwens zeer aanstekelijk op de andere orkestleden. De opgewektheid van cellist Benedikt Enzler kende een mooie dialoog met de misschien iets minder fysiek uitgedrukte  – maar toch sterk aanwezige – virtuositeit van  violiste Jae-Won Lee.

Het trio voor piano, viool en cello nr.1 in Bes gr D 898 van Franz Schubert (1797-1828) zette de sfeer die werd gecreëerd mooi verder. Er werd opgewekt gemusiceerd en dat werd ook zo ervaren. Dit trio vraagt met al zijn speelvreugde en precisie naar nog, en liefst terug op vrijdagmiddag. Het weekend lachte het publiek letterlijk toe.

De middagconcerten zijn perspartner van Klassiek Centraal. Meer weten over de volgende edities, klik hier


  • WIE: Jae-Won Lee, Benedikt Enzler, Jeroen Bal
  • WAT: Middagconcert Amuz
  • Foto: © Klassiek Centraal