Wat is er gebeurd met Andreas Scholl? In februari 2012 noemde ik hem hier op Klassiek Centraal “nog steeds een van de mooiste contratenorstemmen”, maar waar is die rijke stem gebleven? Tijdens het concert in de Henry Le Boeufzaal van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel klonk hij dof en kleurloos en in het lage register zelfs stemloos.

Wat is er gebeurd met Andreas Scholl? In februari 2012 noemde ik hem hier op Klassiek Centraal “nog steeds een van de mooiste contratenorstemmen” naar aanleiding van zijn cd met Bachcantates (Decca 478 2733). Waar is die rijke, heldere stem gebleven? Tijdens het concert in de Henry Le Boeuf-zaal van het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel klonk hij dof en kleurloos en in het lage register zelfs stemloos.

 

Scholl miste volume en toeschouwers die boven op het balkon zaten klaagden dat ze hem nauwelijks hoorden. Nochtans was het programma veelbelovend met twee prachtige Stabat Maters, dat van Vivaldi en het overbekende van Pergolesi.

 

Nonchalance

 

In het Stabat Mater dat Antonio Vivaldi schreef voor alt toen hij koor-en orkestleider was in het Ospedale della Pietà in Venetië slaagde Scholl er niet in zijn stem te smeden tot de gevoeligheid die uitgaat van dit van tragiek doordrongen werk. Ik durf hem zelfs van een zekere vocale en interpretatieve nonchalance beschuldigen. Het leek wel alsof hij er zich bij voorbaat van verzekerd had dat het concert een succes zou zijn, dat hij gewoon geen moeite meer deed om een mooie prestatie neer te zetten.

 

De zaal zat inderdaad stampvol en van bij zijn eerste stap op het podium juichte het publiek hem toe… In het Stabat Mater van Pergolesi dat hij vertolkte samen met de sopraan Klara Ek, legde hij toch iets meer vocale en interpretatieve intensiteit, klonk “dolentem” gepast innig triest, maar dat beperkte zich tot enkele losstaande frasen. Komt er sleet op de steeds in kopstem hoog zingende stem? Was hij in een slechte dag? De puurheid en soepelheid die we van hem verwachtten, hebben we in elk geval niet gekregen.

 

Neus in partituur

 

De sopraan Klara Ek was er niet toe in staat de avond te redden. Ik hou in elk geval niet van haar timbre, wat subjectief kan zijn. Voor mij had ze een harde stem die bij momenten schril ging klinken en zeker niet de fijngevoelige lyriek bezat, noch voor het prachtige Salve Regina van Vivaldi, noch voor het Stabat Mater van Pergolesi. In dit laatste werk pasten de timbres van de twee zangers ook niet homogeen samen, wat net een extra emotionaliteit aan dit werk kan geven. Ontgoochelend was ook – zeker voor een zanger met de reputatie van Scholl – dat ze dit soort standaardrepertoire met hun neus in de partituur zongen.

 

De Academy of Ancient Music gaf ook niet de meest boeiende lezing van de orkestpartituur en vulde het concert op met twee concerti van de Nederlandse barokcomponist Unico Wilhelm van Wassenaer. Het kan lovenswaardig zijn deze minder bekende componist uit ons taalgebied voor het voetlicht te brengen, maar zijn concerti zijn echt niet sprankelend genoeg om er twee op één avond van te moeten doorstaan.

 

Afgezien van de artistieke prestatie van de muzikanten weze nog opgemerkt dat dergelijk programma voor kleine bezetting weinig kans heeft om echt te ontroeren in een reusachtige zaal als de Henry Le Boeuf, ook al was ze nauwelijks groot genoeg voor het talrijk opgekomen publiek. Een publiek ten slotte dat tussen elke strofe van het Stabat Mater begon te hoesten en proesten, zodat de sfeer helemaal verknoeid was.

 

Ik schrijf het niet graag, maar dit concert was een verloren avond.