Het is zomer, en dat betekent tijd voor Festival Midis-Minimes. Op vrijdag weerklinkt er in de concertzaal van het Brusselse conservatorium doorgaans 20ste- en 21ste-eeuwse muziek. Streden België en Frankrijk op het voetbalveld nog mét elkaar, dan stonden ze deze middag broederlijk zij aan zij. Het Trio Khaldei, ook al franco-belge van origine, trad op als vastberaden verzoener van dienst. 

Het combineren van bekende en minder bekende werken is een leidmotief in de programmering van het Trio Khaldei. Dat stipten zowel pianiste Barbara Baltussen als violist Pieter Jansen ook aan in dit interview dat vorig jaar op de website van Klassiek Centraal werd gepubliceerd. Geen loze woorden, zo bleek ook tijdens het concert dat het pianotrio gisterenmiddag in het kader van het Festival Midis-Minimes gaf. Een goedgevulde concertzaal van het Koninklijk Conservatorium Brussel kreeg er eerst het Trio, opus 5 van Antwerpenaar Frits Celis voorgeschoteld, om zich nadien te verlekkeren op “één van de meest vernieuwende en kleurrijke werken van het kamermuziekrepertoire”. Hoe dan ook een boude bewering van de festivalorganisatie, maar dan wel eentje die hout snijdt: het enige pianotrio van Ravel (1914), in allerijl afgewerkt net voor hij zich bij het leger voegde, is inderdaad één van de absolute parels uit de vorige eeuw. Meer nog dan door de ingenieuze structuur zou deze veelzijdige vierakter een verfrissende nieuwe wind door het genre laten waaien. “Il n’y en a pas beaucoup dans la musique qui lui puissent être comparé”, schreef Jean Marnold (1859-1935) een jaar na publicatie. En de musicographe vervolgde: “Nul pathos, nul intellectualisme abstrait dans cette musique pure, dont Mozart n’a pas dépassé la spontanée maîtrise, l’aisance ni le souffle ailé.” Zelfs al was er met deze heuse lofzang ook enig chauvinisme gemoeid, dit naar de normen van de Franse componist omvangrijke werk is een weergaloze prestatie.

Indringend / onwezenlijk

Maar het Trio Khaldei vindt het zeer belangrijk om ook Belgisch repertoire te spelen. En dus liet het ensemble Ravel nog even antichambreren, terwijl er op de pupiters een veel minder gehoord stuk van Frits Celis verscheen. Zijn opus 5 schreef Celis als late twintiger in 1958 en behoort tot een fijne selectie vroege werken. Zijn werkzaamheden als docent, muziekdirecteur en vooral (opera)dirigent zorgden er immers voor dat het componeren lange tijd op het tweede plan stond. “Ik ben als echte romantieker (sic) begonnen”, blikte de toondichter in 1994 terug in het tijdschrift Muziek & Woord. “Mijn eerste composities volgden de vaste vormen en genres van vorige eeuwen en klonken zuiver tonaal.” Volgens de uitvoerders van vandaag bezit het eendelige pianotrio een sterke ritmische stuwing en duidelijk gevoel voor structuur, maar vooral ook een prachtig, uitgebreid kleurenpalet. Net dat laatste zorgt voor een geslaagd huwelijk met het werk van Ravel. Het Trio Khaldei heeft zich de voorbije jaren tot een groot pleitbezorger van deze muziek ontpopt, en gaf er wederom een zeer boeiende interpretatie van. De studieronde waarin het hoofdthema werd gepresenteerd, maakte algauw plaats voor een indringende intensiteit die nooit echt helemaal ging liggen, ook al werd er met veel overleg meermaals van een delicaat piano naar een energiek forte en terug geschakeld. Ook qua timing werd een minutieus spel gespeeld. De puzzelstukjes vielen daardoor mooi in elkaar of zorgden net voor bijzonder rijke samenklanken. Het vurige slot was in dat opzicht exemplarisch. Na afloop van het concert hoor ik van Barbara Baltussen dat het al een tijdje geleden was dat het trio deze muziek nog had gebracht. En ja, de goesting om dit te spelen, was vast en zeker hoorbaar.

U kan Celis en het Trio Khaldei onder deze recensie rustig beluisteren, terwijl u over de beklijvende exploten van het drietal in Ravel leest. Want ook daar maakte het gezelschap een meer dan goede beurt. Subtiliteit aan de vleugel tijdens de dromerige aanhef van de openingsbeweging (Modéré) werd beantwoord door twee mannen die zich eveneens van hun zachtste kant lieten horen. In het ingetogen en doorgaans mijmerende vervolg, klonk tegelijkertijd ook een spontane zelfzekerheid door. En de articulatie was in elke partij helder en trefzeker. Ronduit adembenemend was vooral de manier waarop de muziek wegstierf. In die mate dat de vraag zich opdrong: heb ik ooit al een fijnzinniger smorzando gehoord? Tijd om na te denken, was er weliswaar niet. Want daar diende het dartele scherzo zich al aan. Pantoum, zoals Ravel het tweede deel betitelde, is een Maleisische dichtvorm die hier een bijzonder geslaagde, maar tevens uitermate veeleisende muzikale doorvertaling kreeg. Maar zowel de complexe pianopartij als de verschillende strijktechnieken bleken voor het Trio Khaldei slechts een opstapje naar een dynamische vertolking die enkel op het einde wat minder vlekkeloos verliep. Alweer een heel andere toon slaat Ravel aan in de Passacaille: een largo in barokke stijl, maar niettemin bevreemdend van karakter – zou de componist zich door het trage interludium uit Beethovens Geistertrio hebben laten inspireren? Het zou best kunnen. Zeker is dat de genuanceerde fraseringen bijwijlen onwezenlijke proporties aannamen. Zoals het moment waarop de piano er plots het zwijgen toe deed, en de strijkers het speelveld voor zich alleen hadden. Het publiek werd er muisstil van, inclusief de kinderen die op Midis-Minimes kosteloos iets heel bijzonders kunnen beleven. De energieke finale was voor het Trio Khaldei nog éénmaal zwoegen en alles geven (Animé). Voor haar het sein om te parelen of gedecideerd in de toetsen te grijpen. Voor hen een thriller – zowel letterlijk als figuurlijk – waarin een soepele boogvoering goed van pas kwam. En samen werden de afwisselende tempi strak gehouden. Een overweldigend orgelpunt op een monumentaal pianotrio.

Door de samenwerking tussen Midis-Minimes en de  Zomer van Sint-Pieter kan u bijna elk concert daags nadien ook op het Leuvense zusterfestival meepikken – of welk woord anders te gebruiken voor tickets aan een handvol euro’s! Driewerf helaas, maar door conflicterende agenda’s was dit voor het Trio Khaldei niet mogelijk. Afspraak dus graag volgend jaar voor opnieuw vijfenveertig fraai klinkende minuten …


  • WAT: Frits Celis (°1929), Trio, opus 5 || Maurice Ravel (1875-1937), Pianotrio in a
  • WIE: Trio Khaldei [Barbara Baltussen (piano), Pieter Jansen (viool), Francis Mourey (cello)]
  • WAAR: Koninklijk Conservatorium Brussel (i.k.v. Festival Midis-Minimes)
  • WANNEER: vrijdag 13 juli 2018
  • FOTO: © Nicolas Draps