De Koreaans Duitse pianiste Jimin Oh-Havenith verrast ons met een Schubert en Liszt CD. Op het eerste gezicht misschien geen voor de hand liggende combinatie. Liszt verklaarde immers Bach en Beethoven tot zijn grootste inspiratiebronnen, maar toch is het geen geheim dat de beide grootmeesters van het 19de eeuwse klavier veel meer met elkaar gemeen hadden dan alleen hun voornaam.

Dat blijkt uit het feit dat Liszt na Schuberts vroegtijdige dood in1828 talrijke van diens composities bewerkte en ook uitvoerde. Het opvallendste is misschien wel dat Liszt ook talrijke liederen bewerkte voor piano solo, waaronder complete cycli zoals Die Winterreise, Die Schöne Müllerin en Schwanengesang. Soms ging zo ver dat hij twee liederen samensmolt tot één nieuw werk.

Maar ook op het gebied van vorm en tonaliteit deed Schubert zijn invloed op zijn jongere collega gelden. Juist op het gebied van de sonatevorm had zijn experimenteerdrift vaak een ambiguïteit in vorm en tonaliteit tot gevolg. Om zijn steeds meer door fatalisme gekenmerkte verhalen te vertellen, was het nodig dat hij zich bevrijdde uit het keurslijf van de sonatevorm. Schubert wilde geen happy end meer in de traditie van Beethoven, waarbij de luisteraar meegesleurd door de heftigste emoties aan het slot van een werk de troost van een catharsis mag ondergaan. Schubert zocht naar de mogelijkheid om een werk te eindigen in de sfeer van het werk. Dat kon berusting zijn, melancholie of zoals in het voorliggende werk een sfeer van stress en gejaagdheid.

Dit leidde tot een nieuw muzikaal principe waarin het eerste deel van de sonate als het ware model stond voor de sonate als geheel. Schubert heeft hier zonder meer een revolutionaire bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de sonatevorm. Zijn innovaties werden later door Schumann, Cesar Franck en Liszt verder ontwikkeld.

Zo is Schuberts idee om de luisteraar mee te slepen door een muzikaal drama aan de hand van terugkerende thema’s, motieven en hun uitwerking bij uitstek het kenmerk van Liszt’s sonate in B klein.

Ook de hier gepresenteerde Sonate no 18 in G, Deutsch 894 is een voorbeeld van Schuberts experimenteerdrang. Oorspronkelijk uitgegeven onder de titel Fantasy, Andante, Menuetto en Allegro voor Piano solo, bleek het toch niet om een set afzonderlijke werken te gaan, maar om een klassieke sonate, getuige de vorm en de samenhang van de verschillende toonsoorten.

Jimin Oh-Havenith (Seoul 1960) vierde na haar afstuderen in Frankfurt begin jaren tachtig een voorspoedige carrière als soliste. Ze vormde ook een pianoduo met haar leraar en latere echtgenoot Raymund Havenith. Na diens ontijdige dood in 1993 trok ze zich terug van het podium en beperkte zich tot haar professoraten in Mainz en Frankfurt. Gelukkig besloot ze in 2013 weer als soliste actief te worden. In 2015 verscheen al een CD met werk van Chopin, nu levert ze weer een indrukwekkend visitekaartje af.

Het bijzondere van Oh-Havenith is dat ze totaal wars is van elk uiterlijk vertoon. Ze heeft haar ego aan de kapstok gehangen voordat ze de studio inging. Dat is zeker in deze tijden waarin ijdeltuiten vaak de dienst uitmaken in de muziek een grote verdienste. Het gaat haar om de muziek en de muziek alleen.

Ze is een geboren vertelster, die de luisteraar meesleurt in haar verhaal door haar analytische manier van spelen De verstaanbaarheid van de boodschap staat voorop.

Zoals ze de Schubert’s gevoelswereld weet te treffen, zwalkend tussen reflectie, melancholie en woede, soms dansend, maar altijd beheerst en met een prachtig cantabile, hier en daar versterkt een voorzichtig rubato is wonderbaarlijk en ontroerend.

Oh-Havenith schotelt je alle thema’s, variaties motieven en herhalingen zo lyrisch en muzikaal voor dat je niet anders kunt dan gefascineerd luisteren naar wat ze te vertellen heeft.

Het is alsof Schubert zelf je kamer binnen komt om je nog even het naargeestige verhaal van zijn veel te korte leven te vertellen.

Haar interpretatie van Liszt’s sonate in B klein is zo mogelijk nog indrukwekkender. Dit werk combineert in één grandioos deel alle mogelijkheden van de klassieke sonate, de fuga, het recitatief en de cadens met de onstuimigheid en de waanzin van de romantische periode.

Hier werkt haar analytische, dienende aanpak nog overtuigender, omdat deze Mount Everest van de pianoliteratuur vaak door egotripperij verwordt tot een onverstaanbare berg noten. Wie tijdens de periode van de romantische pianist (in de eerste helft van de vorige eeuw) het stuk niet onder de dertig minuten tot een goed eind wist te brengen telde niet echt mee, zo luidt de geschiedenis. Dat kwam de verstaanbaarheid van het werk uiteraard niet ten goede. Alfred Cortot vestigde rond 1925 een record met vijfentwintig minuten, maar sloeg er nog al eens naast. Dat deerde hem overigens allerminst, Cortot was van een klasse apart en kwam overal mee weg.

Anno 2019 legt Oh-Havenith het parcours af in een goed half uur en mag zich op dat vlak dus zeker bij de toppers rekenen. Maar op het vlak van interpretatie staat ze op eenzame hoogte en laat ze menig bejubeld klavierleeuw ver achter zich. Zo’n duidelijke, integere, muzikale en bij vlagen aangrijpende vertolking heb ik nog zelden gehoord. Dit is de virtuositeit voorbij.

Deze sonate gaat over het algemeen door voor lang, gecompliceerd en voor sommigen onbegrijpelijk, maar Oh-Havenith brengt het werk terug tot een gestructureerd verhaal gebouwd op een paar herkenbare thema’s zonder voorbij te gaan aan de lyrische rijkdom ervan. Ze vertelt het in één lange adem. Zo eenvoudig kan het ook zijn.

Dit is Liszt voor dummies én gevorderden. Als je dit stuk (nog) niet of niet zo goed kent dan mag je je na eenendertig minuten aandachtig luisteren een ingewijde in de materie noemen. Wie het stuk al eens een paar keer heeft gehoord, zal in deze moderne, afgestofte interpretatie een herboren Liszt herkennen.

Het Duitse platenlabel Audite valt te prijzen voor het hoge artistieke niveau van dit uiterst boeiende project waarin de relatie tussen Schubert en Liszt op overtuigende wijze wordt uitgediept.

Een project dat is verzorgd tot in de kleinste details. Van de prachtig klinkende Bösendorfer vleugel met zijn ronkende bassnaren tot het bijgesloten zeer informatieve booklet, alles is perfect.

Maar het meest valt de Audite te prijzen voor de moed om te kiezen voor een relatief onbekende, niet zo heel jeugdige, maar geweldige pianiste die met haar integere, vernieuwende aanpak een aangrijpende Schubert presenteert en alle stemmingen, bizarre ideeën en geluidseffecten van Liszt’s eeuwige pièce de résistance moeiteloos weet neer te zetten.

Kostelijk! Daar kunnen veel van haar bekendere collega’s nog wat van opsteken!

Deze CD is een verruiming van ieders muzikale horizon! Briljant, kopen!


  • WIE: Jimin-Oh-Havenith – piano
  • WAT:Franz Schubert: Sonate no. 18 in G, D 894 – Franz Liszt: Sonate in B klein, S. 178
  • UITGAVE: Audite 20.043
  • FOTO: © Copyright 2018 Jimin Oh-Havenith