**** Zowel Jean Sibelius als Sergei Rachmaninov zijn vooral bekend van hun orkestwerken. Dat ze allebei ook zeer mooie liederen gecomponeerd hebben, daar geeft deze cd een staaltje van. De ingeleefde vertolking door Jacques Imbrailo en Alisdair Hogarth maakt de ontdekking des te waardevoller.

Als perfecte tijdgenoten leefden en werkten Sibelius (1865-1957) en Rachmaninov (1873-1943) helemaal niet zo verwijderd van elkaar: Finland was in die tijd nog een Groothertogdom van het Russische keizerrijk. Rachmaninov behoorde tot de Russische aristocratie die wel eens resideerde in de buurt van Sibelius’ villa Ainola, en Sibelius bracht wel eens een bezoek aan Sint-Petersburg. Beiden zochten nieuwe wegen voor de conventionele tonaliteit. Wat ons hier vooral interesseert, is dat beiden liederen componeerden als vocale miniaturen: een uiting van emotie en verfijning, en verbondenheid met de natuur. Dat is dan ook de charme van deze cd.

De liederen van Sibelius – gecomponeerd in het Zweeds – beginnen met vijf Kerstliederen, zijn opus 1, waarbij ik schuldig pleit dat ik deze cd niet eerder aan bod liet komen … Maar de vijf liederen blijven evengoed indruk maken in hun eenvoud en schilderachtige magie. Sibelius maakt gebruik van de poëzie van de belangrijkste Finse dichters als Zachris Toppelius en Johann Ludvig Runeberg (de auteur van het Finse nationale lied). Een aparte toon slaat Sibelius aan in het symbolistische lied På verandan vid havet, waarin Jacques Imbrailo zijn heldere mooie bariton een verhalende kracht geeft in een expressieve dialoog met de piano. Van de vijf liederen uit het opus 37 zijn Var det en dröm en Flickan kom ifrån sin ålsklings möte (Het meisje komt terug van haar geliefde) de bekendste. Het zijn stuk voor stuk tragische evocaties in onheilspellende toonzettingen. In Norden klinkt een duistere, zelfs dreigende melancholie, waarbij de zanger in zijn treurige klank een licht vibrato legt. Maar het is vooral in Flickan dat Imbrailo ontroert, zeker in harmonie met zijn fijngevoelige pianopartner, Alisdair Hogarth.

Russische ironie en weemoed

Het eerste lied van Sergei Rachmaninov is Brief aan Konstantin Stanislavski: een hommage aan de theaterproducer Konstantin Stanislavski, vol ironische zinspelingen, die ook als zodanig door Imbrailo gezongen worden. In de daaropvolgende liederen kunnen we genieten van typisch Russische weemoedigheid en kleurrijke evocaties. Behalve enkele mooie teksten van Pushkin biedt de cd ook een ontdekking van heerlijke Russische poëzie vol intimiteit en sfeer. De uitbundige pianocomponist maakt waar gepast plaats voor de lyrische stem op een eenvoudige begeleiding, zoals in de drie gepresenteerde liederen uit het opus 21, met Siren (Seringen) als hoogtepunt: teder gezongen na een zachte piano-intro.

Jacques Imbrailo zong in februari 2018 Pelléas in de productie van Opera Vlaanderen van Debussy’s Pelléas et Mélisande. Dit recital bevestigt dat de zanger zijn zachte bariton kan combineren met het fluwelen karakter van een lage tenor. Zijn register reikt van indrukwekkende diepte naar zangerige hoge toon. Dat gepaard met veel zeggingskracht voor alle nuances van de inhoud en een ideaal partnership met Alisdair Hogarth zorgt ervoor dat we deze cd nog graag én vaak willen beluisteren.


  • WAT: Sibelius & Rachmaninov. Songs
  • WIE: Jacques Imbrailo (bariton) & Alisdair Hogarth (piano)
  • UITGAVE: Linn Records – CKD 482