**** Het label Alpha brengt drie heruitgaven in één mapje uit met muziek gecomponeerd voor Versailles ten tijde van Lodewijk XIV. Prachtige muziek bij gebed en prachtige muziek om op te dansen.

**** Het label Alpha brengt drie heruitgaven in één mapje uit met muziek gecomponeerd voor Versailles ten tijde van Lodewijk XIV. Prachtige muziek bij gebed en prachtige muziek om op te dansen.

De Chapelle royale van Versailles, gebouwd door Jules Hardouin-Mansart werd in 1710 voltooid. De kapel kreeg een schitterend Clicquot-Tribuot orgel en de musici zaten in de galerij rond het instrument terwijl de koning de dienst volgde op de koninklijke tribune. Robert Clicquot, maître facteur d'orgues, was trouwens gehuwd met Marie Colbert, de nicht van de minister van Lodewijk XIV.

La musique sacrée royale bestond uit het grand motet, een religieuze compositie op Latijnse tekst voor solisten, koor en groot instrumentaal ensemble, het petit motet (religieuze kamermuziek) en orgelcomposities. De combinatie van de drie vormde de mis van de koning die eindigde met het Domine salvum fac. Vincent Demestre, Le Poème Harmonique en de Capella Cracoviensis met onze tenor/ haute-contre Reinoud van Mechelen, verklanken extra de glorie van het Hof en het muzikaal, meditatief eerbetoon aan de koning.

Les Grands Motets van Dumont, sleutelfiguur van de Koninklijke Kapel in Versailles met Delalande als opvolger, worden prachtig gespeeld door Frédéric Desenclos en het Ensemble Pierre Robert. De motetten tonen de verfijnde smaak aan van de koning voor de mis. Bij deze muzikale balans tussen vurigheid en sensualiteit kwam de tekst op de eerste plaats en zorgde het orgel afgewisseld met gregoriaans voor ingetogen meditatie, dit alles optimaal begrepen door organist Desenclos. Overdag gingen de hovelingen immers te paard jagen en ’s avonds verschenen ze in collant als balletdansers. Vóór de bouw van het kasteel van Versailles componeerden Dumont, Lully, Delalande en Charpentier hun muziek voor de koninklijke residenties in het Louvre, Saint-Germain-en-Laye en Fontainebleau. Het repertoire van de Académie royale de musique bestond uit airs de cour en ballets de cour die omgetoverd werden tot prachtige tragédies lyriques en comédie-ballets. Duidelijke syllabische declamatie van de tekst en een belangrijke rol voor het koor werden primordiale vereisten. Het was het gouden tijdperk van het klavecimbel en van de gamba maar ook van de typisch gearticuleerde art vocal à la française.

De drie klavecinisten Skip Sempé, Olivier Fortin en Sébastien d’Hérin brengen op de 3de cd werk van Champion de Chambonnières, zijn leerling Jean-Henri d’Anglebert (“ordinaire de la musique de la Chambre du Roy et de Monsieur”), Gaspard Le Roux en Louis en François Couperin. Van Lully en Le Roux zijn een passacaglia en een gigue voor twee klavecimbels opgenomen. Sempé, Fortin en d’Hérin bespelen klavecimbels met een schitterende klank, gebouwd door Bruce Kennedy, Martin Skowroneck en Reinhard von Nagel.

De acht door Skip Sempé gereconstrueerde divertissements met als titel Les Plaisirs de l’île enchantée (cd 3) naar Ariosto’s Orlando furioso over de ridders van Roger/Roeland op het door liefde betoverd eiland van Alcina (o.a. ook een tragédie en musique van Campra en een opera van Händel), was officieel  opgedragen aan de beide koninginnen, zijn moeder Anne d’Autriche en zijn gemalin Marie-Thérèse d’Autriche. Stiekem ging het hart van de koning weliswaar uit naar zijn maîtresse Louise de la Vallière. In de Pensées van Pascal lezen we immers “de se détourner de l'essentiel, l'homme se débarrasse totalement de l'essentiel qui l'obsède pour se concentrer sur la distraction de plus en plus pure donc sur "l'essentiel divertissant". Sempé’s speelwijze is qua frasering enigszins gemaniëreerd maar zijn originele samenstelling geeft wel een goed idee van de variëteit van de Franse muziek van die tijd.

De opnamen gaan terug tot 2001, 2004 en 2013 toen de composities afzonderlijk op drie cd’s werden opgenomen in de Chapelle royale van het kasteel van Versailles  en in de kerken Saint-Rémy in Dieppe en Notre-Dame du Liban in Parijs. Frédéric Briant, Manuel Mohino en Hugues Deschaux stonden toen in voor de opname en voor de mastering. En aangezien het hier om drie totaal verschillende opnamen gaat, is een waardering als één uitgave niet evident. Als ik een gemiddelde maak kom ik uit op 4 sterren. Aanbevolen, dus.