***** Wie na het beluisteren van deze cd niet overtuigd is van het briljante, spetterende, verfijnde en sensuele van de muziek van Rameau, die is – vrees ik – verloren voor elke poging tot bekering. Tweehonderdvijftig jaar na zijn dood tintelt diens muziek nog steeds van leven. Laat ons daarom hopen dat deze verjaardag de Fransman iets oplevert aan waardering en bekendheid.

***** Wie na het beluisteren van deze cd niet overtuigd is van het briljante, spetterende, verfijnde en sensuele van de muziek van Rameau, die is – vrees ik – verloren voor elke poging tot bekering. Tweehonderdvijftig jaar na zijn dood tintelt diens muziek nog steeds van leven. Laat ons daarom hopen dat deze verjaardag de Fransman iets oplevert aan waardering en bekendheid.

 

Professor Ignace Bossuyt houdt in zijn in het najaar van 2013 verschenen boek Jean-Philippe Rameau. Een kennismaking, uitgegeven bij Lipsius Leuven, een vurig pleidooi voor de componist als “briljante orkestrator”. Het boek schetst niet alleen een portret van een boeiend kunstenaar die eigenzinnig zijn artistieke en ideologische koers volgt in de eeuw van de “Verlichting”, maar het geeft tegelijk een zeer volledig overzicht van zijn oeuvre en beklemtoont zijn rol als vernieuwer van de Tragédie en Comédie lyrique. Bossuyt schrijft met zoveel enthousiasme dat je als lezer meteen geneigd bent om naar Rameau's muziek te luisteren – wat natuurlijk ook het opzet is van het boek. Wie dan niet de beschikking heeft over de talrijke muziekopnamen die in het boek aangehaald worden, heeft met deze cd een prachtig instrument om met één opname als het ware een caleidoscoop te krijgen van de kenmerken die Rameau’s muziek zo uniek maken.

 

Taal van het hart

 

In een korte tekst in het cd-boekje vertelt sopraan Sabine Devieilhe dat ze al een jaar of vijf in de ban is van de muziek van Rameau. Op een concert waarop ze een aria uit Hyppolyte et Aricie vertolkte, viel ze op bij Alexis Kossenko. De fluitist en jonge dirigent, die zich in Rameau specialiseerde, nodigde haar uit om mee te werken aan een project rond de componist. Deze cd is het resultaat. Kossenko geeft toelichting bij de samenstelling en kiest een citaat van Rameau als titel: “La vraie musique est le langage du coeur”. De gekozen stukken zijn een niet-chronologische bloemlezing uit diens lyrische oeuvre. Een hele waaier komt aan bod: Opéra-ballet (Les Indes Galantes), Tragédie en musique (Hyppolyte et Aricie, Les Boréades), Comédie lyrique (Les Paladins, Platée), … (Ignace Bossuyt gaat in zijn boek dieper in op de verschillende vormen van Rameau’s muziektheater.)

 

De volgorde van de stukken wordt bepaald door een soort dramaturgie die Kossenko aan de cd gegeven heeft: Le Grand Théâtre de l’Amour, waarbij de fragmenten een imaginaire evolutie van de liefde moeten suggereren, van argeloze pastorale verliefdheid naar absolute wanhoop (“Tristes apprêts”) wegens de dood van de geliefde die enkel overwonnen kan worden in gekheid (“Air de la Folie” uit Platée). Maar na indrukwekkend trompetgeschal triomfeert uiteindelijk de liefde in de tederheid van de natuur. (Les Indes Galantes). Het is een beetje een geforceerd verhaal, maar dat doet geen afbreuk aan het genot dat alle zorgvuldig gekozen fragmenten bieden én levert een kleurrijke afwisseling van sfeer en genre op. De cd zet in met een “ear-catcher”, een van de best bekende fragmenten van Rameau’s theaterstukken: een dans met felle cadans uit Les Indes Galantes.

 

Borduurwerk

 

Sabine Devieilhe heeft een fragiele sopraanstem die al die “marionetten van de liefde” (Kossenko) met veel gevoel en vooral fijnzinnigheid gestalte geeft. Haar zingen zou je met borduurwerk kunnen vergelijken, waarbij met de fijnste naald de gaafste figuren gemaakt worden, zonder een steek te missen. De stem is virtuoos, zowel in de lange frasen, als in de korte lettergrepen die ze fijn aanheft, soepel, vlot, speels en levendig. Zelfs binnen een lettergreep slaagt ze erin de door Rameau gevraagde nuances te zingen. Haar stem herinnert me meer aan die van Barbara Bonney in haar frisheid en zachtheid dan aan die van Natalie Dessay, twee sopranen die ook dit repertoire gezongen hebben (in Parijs met William Christie).

 

Dat Kossenko bezeten is van Rameau, maakt deze cd overduidelijk. Zijn orkest lijkt echt wel “Les Ambassadeurs” van Rameau! Levendig en spits in alle instrumenten en vereiste regionen. De dansen zijn sprankelend, de storm en het onweer donderend. De strijkers zinderen, de windmachine raast. Het spektakel wordt zeker verzorgd (slagwerk, trompetten), maar waar intimiteit past, zorgt ook daar het solowerk van fluit of hobo voor een gepunte klank. Een cd die “de taal van het hart” spreekt en zin doet krijgen in Rameau, de briljante orkestrator.