**** Wat we zelf doen…

… doen we helemaal niet beter. Het project “Cantates van J.S. Bach voor het hele liturgisch jaar” – met hoofdzakelijk centen van het platenlabel ACCENT – is op het nippertje voltooid kunnen worden. In de toekomst moet La Petite Bande het stellen zonder subsidies. Dat is, bij mijn weten, Vlaamse materie. Wat we zelf doen… loopt in het honderd of gaat naar de vaantjes. Met dank aan de verantwoordelijke minkukels. 

 

**** Wat we zelf doen…

… doen we helemaal niet beter. Het project “Cantates van J.S. Bach voor het hele liturgisch jaar” – met hoofdzakelijk centen van het platenlabel ACCENT – is op het nippertje voltooid kunnen worden. In de toekomst moet La Petite Bande het stellen zonder subsidies. Dat is, bij mijn weten, Vlaamse materie. Wat we zelf doen… loopt in het honderd of gaat naar de vaantjes. Met dank aan de verantwoordelijke minkukels. 

Wereldklasse

La Petite Bande en Sigiswald Kuijken hebben in de loop der jaren een faam verworven die getuigt van wereldklasse. Het is steeds moeilijk vergelijken omdat visies evolueren en instrumentatie bijvoorbeeld zeer verschillend kan zijn. Maar Sigiswald Kuijken mag gerust naast Nikolaus Harnoncourt, Masaaki Suzuki, Konrad Junghänel, Roger Norrington, Reinhard Göbel of Thomas Hengelbrock – to name just a few – geplaatst worden.

Het project, dat startte in 2001, bestond erin de cantates van J.S. Bach (1685-1750) voor elke zondag van het liturgisch jaar op te nemen. Het laatste album in de reeks – volume 17  – verscheen eind oktober.  En voor wie de vorige volumes zou gemist hebben: zeer makkelijk te vinden op het internet of, zoals dat heet, in de betere cd-winkel.

Zoals we van Kuijken en zijn musici gewoon zijn, is de uitvoering zeg maar briljant. Opvallend is de subtiele zin voor ritmiek en “kleuring” van deze a priori niet eenvoudig “correct” uit te voeren muziek. Er hangt zo veel af van zo veel parameters: de “energie” van de solostemmen en van koor en orkest, de locatie, de visie van de dirigent, inclusief de uitvoering van ornamenten en het inzicht in het karakter van elke cantate. Om nog maar te zwijgen over de  opnametechniek (gebruik en plaatsing van microfoons, enz). Een gedetailleerde vergelijking van o.a. bovengenoemde dirigenten zou ons te ver leiden en is overigens niet echt zinvol.

La Petite Bande en Sigiswald Kuijken overtuigen met deze historische uitvoeringspraktijk. Een domein waarin ze overigens baanbrekend zijn geweest, al veertig jaar lang.

De opname met SACD-techniek (op zichzelf een doodgeboren kind) is puntgaaf en met een ietwat deftige klankinstallatie geniet u van een ruim klankbeeld in elke register van stem en orkest.

U moet ons niet eens op ons woord geloven en daarom hier de (vrije) vertaling van wat het gerenommeerde Classic FM Magazine afgelopen maand publiceerde:

“Het perfecte beeld – in woord en klank – draagt bij tot een wonderlijk genieten van deze muziek. La Petite Bande staat borg voor bijzonder hoge muzikaliteit waarbij het karakter – de stijl –  van deze culturele erfenis door loepzuivere expressie helemaal tot zijn recht komt.”