**** Deze heerlijke opname met funeraire muziek van twee 18de-eeuwse, Zuid-Nederlandse componisten, bewijst dat er ook anno 2020 nog steeds onbekende werken en zelfs componisten opduiken. Van de twee op deze cd aanwezige namen klinkt deze van Joseph-Hector Fiocco (1703-1741) wellicht nog het meest “bekend” (of minst onbekend) in de oren.

Al wordt in het excellente cd-boekje ook duidelijk uitgelegd dat het niet zeker is om welke “Fiocco” het hier juist gaat, toch lijkt het aannemelijk dat het Joseph-Hector is, die onder andere actief was aan de Antwerpse O.L.V-Kathedraal. Daar bleef het manuscript van Fiocco’s “Missa pro defunctis” (“Requiem-mis”) bewaard en volgens de muziekhistoricus Fétis werd dit requiem nog tot na 1800 in de Antwerpse kathedraal gespeeld bij begrafenissen.

Bij het beluisteren van deze eerder ingetogen, diepzinnige zetting van de requiem-tekst begrijp ik onmiddellijk waarom het werk zo lang zo’n aantrekkingskracht had. Hier vind je niet de het intense geloof van Bach, het diep-menselijke verdriet van Mozart of de dramatiek van Verdi, maar een uitgepuurde,  tot de essentie herleide troost. Uiteraard helpt het dat Frank Agsteribbe en zijn excellente musici deze muziek feilloos aanvoelen, maar uiteindelijk is het de muziek van Fiocco zelf die met de grootste eer gaat lopen. Een bijzondere vermelding verdienen de twee hoornisten, Jeroen Billiet en Bart Cypers. Fiocco’s Requiem bevat twee hoornpartijen, in de vroege 18de eeuw vrijwel uniek voor dit soort muziek. Zij verlenen met hun natuurhoorns extra gewicht en sonore diepgang.

Als tegenhanger voor Fiocco’s Requiem koos Agsteribbe voor de “Missa pro defunctis” van Pierre-Hercule Brehy. Deze componist, dertig jaar lang verantwoordelijk voor de muziek in de Brusselse  Sint-Michiels en Sint-Goedelekathedraal, is na zijn dood in 1737 volledig in de nevelen van de geschiedenis verdwenen. Het siert de musici van de in Luxemburg gehuisveste ensembles cantoXL en het Ensemble de la Chapelle Saint-Marc dat ze zich volledig inzetten om Brehy’s naam terug op de kaart te zetten. Dat dit net iets minder lukt dan bij Fiocco heeft wellicht meer met mijn persoonlijke voorkeur dan met de intrinsieke kwaliteit van de muziek te maken. Het valt op dat Brehy meer dan Fiocco aanleunde bij de Franse muziek uit de 17de eeuw: helder qua tekstzetting, sober qua expressie maar toch met een diepgang die eigen is aan zoveel muziek uit onze contreien. De Luxemburgers tonen hier dat ze ook deze stijl met veel affiniteit kunnen vertolken.

Deze cd kan omschreven worden als een must voor iedereen met interesse voor de muziek uit onze streken: het belang als muziekhistorisch document kan niet overschat worden. Tegelijkertijd kan hij op directe, oprechte wijze troost bieden.


  • WAT: Flemish Requiem
  • WIE: CantoLX & Ensemble de la Chapelle Saint-Marc o.l.v. Frank Agsteribbe
  • UITGAVE: Et’Cetera KTC 1642