** Bach blijft velen inspireren! Ook Sabine Weyer, die bij ARS Produktion “Bach to the Future” uitbracht: 11 pianotranscripties van bekende Bach-werken, bewerkt door de Italiaan Ferruccio Busoni, de rus Alexander Siloti en de Fransman Camille Saint-Saëns.

Als de cd één ding nog maar eens ontegenzeglijk bewijst, dan is het wel de tijdloosheid van het genie Johann Sebastian Bach. En wellicht schuilt net hier de crux van de uitvoering: Weyers interpretatie mist originaliteit. Keurige opnametechniek, dat wel, maar we hoorden het elders ook al eens … en beter.

De cd is opgebouwd rond de Franse Suite nr. 2 (BWV 813), oorspronkelijk geschreven voor klavecimbel, maar hier uitgevoerd op piano (nrs. 5 tot 10). Beginnen doet Weyer met de transcriptie van 4 cantates: Ich rufe zu dir, Herr Jesu Christ (BWV 639), Wachet auf, ruft uns die Stimme (BWV 645), Nun komm, der Heiden Heiland (BWV 659) en Jesu Christus, unser Heiland (BWV 665). Alle cantates werden bewerkt door Busoni (nrs. 1 tot 4) en instrumentaal uitgevoerd. Na de suite is het de beurt aan Siloti (nrs. 11 tot 14) met pianoreducties van de Siciliano uit de Sonate voor fluit en klavecimbel (BWV 1031), Prelude in B klein, uit het “Clavier Büchlein” (originele spelling) voor Wilhelm Friedemann Bach (BWV 855a), het Andante uit de Sonate nr. 5 voor viool solo (BWV 1003) en de Air uit het Orkestsuite (Ouverture) nr. 3 (BWV 1068). Tot slot worden twee bewerkingen gespeeld van de Fransman Saint-Saëns met de Bourrée uit de Partita nr. 1 (BWV 1002) en het Largo uit de Sonate nr. 3 (BWV 1005).

De gekozen werken zijn stuk voor stuk bekende Bach-werken en luisteren als in de oren gebrand. De vele beschikbare opnames maken het de solist daarom extra moeilijk om origineel uit de hoek te komen. Opnametechnisch is er op deze cd weinig aan te merken. Speeltechnisch des te meer. Weyer beheerst het instrument maar, naar mijn oordeel, niet de muziek. Storend tempoverlies, bv. in de sarabande van de Franse suite, is daar slechts één gevolg van. Ritmische onzekerheid een ander. Wat betreft de interpretatie heeft de soliste nog heel wat groeicapaciteit. De hele cd lijdt onder een te traag tempo. Zelfs in de delen waar meer dynamiek en geanimeerdheid mag verwacht worden. Door het te trage tempo flirt ze meer dan eens met ritmische onnauwkeurigheden. Het lijkt er sterk op dat de soliste zeer goed geluisterd heeft naar Glenn Gould, in diens overbekende Golbergvariaties (Bach), maar tekortschiet in zijn imitatie.

De veelvuldige arpeggio’s worden daarenboven – en eveneens door de soms te trage tempi – te zwaar aangezet waardoor de muziek de noodzakelijke lichtvoetigheid (of noem het voor mij part “swing”) mist. De luisteraar krijgt de indruk dat de linkerhand soms moeite heeft met de rechter bij te benen, wat al evenzeer een onbekommerde muzieksensatie verhindert. De reeds dikwijls gebruikte cd-titel “Bach to the Future” (een verwijzing naar de SF-klassieker van Robert Zemeckis) voorspelt gloednieuwe interpretaties van tijdloos werk, maar strandt te veel in “old school” vindingrijkheid die door geniale pianisten in het verleden aardig wat beter werd gebracht. De boutade van Brahms blijft ook hier gelden: muziek begint pas op 1 meter van de partituur … hier blijft je er bovenop zitten. De soliste is nog lang niet klaar met deze eenvoudig klinkende, maar aartsmoeilijke muziek. Een al bij al behoorlijke Saint-Saëns kan hier, spijtig genoeg, niets aan veranderen.


  • Wat: Bach to the Future, bewerkingen van Bach door Busoni, Siloti en Saint-Saëns
  • Wie: Sabine Weyer
  • Uitgave: Ars Produktion, ARS nr. 38 245