Ik leef al bijna veertig jaar met de muziek van Le Sacre du Printemps”. Daarom wil ik graag mijn kleine bijdrage leveren tot het verjaardagsfeest. Er wordt dezer dagen veel geschreven over Le Sacre du Printemps.

Ik leef al bijna veertig jaar met de muziek van Le Sacre du Printemps”. Daarom wil ik graag mijn kleine bijdrage leveren tot het verjaardagsfeest. Er wordt dezer dagen veel geschreven over Le Sacre du Printemps.

Nu kan het misschien contradictorisch klinken, maar deze tekst wil aanzetten tot er naar luisteren. Meer nog,  tot er vaak naar luisteren.

“Music begins to atrophy when it departs  too far from the dance”.

(Ezra Pound)

 “To be fond of dancing was a certain step towards falling in love.”

(Jane Austen)

29 mei 2013: het is zo ver. We vieren we 100ste verjaardag van de legendarische première van Stravinsky’s ‘Le Sacre du Printemps’, in het Théâtre des Champs-Élysées in Parijs. De première was wellicht de belangrijkste gebeurtenis in de geschiedenis van de “klassieke” muziek in de 20ste eeuw. De shock of the new van Le Sacre du Printemps.

Decca viert de 100ste verjaardag van dit meesterwerk met de uitgave van twee speciale “Anniversary releases”. Superlatieven schieten te kort. Overweldigend en dus onontbeerlijk.

Als bonus geeft Decca overigens een hoogst interessante cd met tekst en uitleg door o.m. Marie Rambert die de première meedanste,  Monica Mason die in 1962 in Londen de uitverkorene danste en het geheel aan elkaar gepraat en geduid door Jon Tolansky. Niet  te missen.

De vier cd’s bieden het volgende :

CD1

Paris Conservatoire Orchestra / Pierre Monteux (1956)

Detroit Symphony Orchestra / Antal Dorati (1981)

CD2

The Cleveland Orchestra / Riccardo Chailly (1985)

The Cleveland Orchestra / Pierre Boulez (1991)

CD3

Kirov Orchestra, St Petersburg / Valery Gergiev (1999)

Los Angeles Philharmonic / Esa-Pekka Salonen (2006)

CD4

Audio Documentaire van  Jon Tolansky (2012)

Deze indrukwekkende 20 CD set is het hoogtepunt van de viering rond de 100ste verjaardag van de première van Stravinsky's ballet in Parijs op 29 mei 1913. Inbegrepen in deze collectie zijn alle 38 opnamen van Le Sacre du Printemps uit de catalogi van Decca, Deutsche Grammophon en Philips van Eduard van Beinum in 1946 tot Gustavo Dudamel in 2010 (met zijn Venezolaans jeugdorkest). Een buitengewoon initiatief.

Als aanvulling op de zes opnamen in de 4 CD set, zijn hier opnamen toegevoegd o.l.v. Abbado, Ansermet (2), Bernstein, Dutoit, Haitink, Dorati (3), Karajan (2), Ozawa, Rattle, Solti (2), enz. en ook drie opnamen van Stravinsky’s arrangement voor  vierhandig piano door Bracha Eden & Alexander Tamir, de mooie Turkse, eeneiige tweeling Güher & Süher Pekinel en Vladimir Ashkenazy & Andrei Gavrilov.

Als bonus krijg je de unieke opname uit 1935 uit de historische archieven van Deutsche Grammophon, van Stravinsky’s nog steeds te weinig bekend Vioolconcerto, onder leiding van de componist zelf, met de Pools-joodse Samuel Dushkin (1891 – 1976) als solist.  Dushkin speelde in 1932  o.l.v. Stravinsky,  de première  van het werk.

Le Sacre du Printemps, inhoudelijk

Première partie: l’Adoration de la terre (oorspronkelijk Le Baiser de la Terre)

De aanbidding van de aarde. Het nieuwe leven sluimert in de donkere, diepe schoot van de aarde. Het is de nacht voor het jaarlijkse offer. In een woeste streek, in het stenen tijdperk, bij maanlicht, dansen jongeren. Hun lichamen buigen zich naar de aarde. Wilde kreten en doffe klaagzangen mengen zich in de beroering van het natuurgebeuren.  De Oudsten smeken de Zonnegod  om  vruchtbaarheid en rijke oogst. Wichelaars voorzeggen de lente; de jeugd doet het spel der ontvoering, de voorjaarsdans en het toernooi van de na-ijverige stammen Omstuwd door een wilde stoet nadert de Wijze; in een dansorgie vereren allen de Aarde.

Het feest van de lente. Fluitspelers spelen  en jongemannen voorspellen de toekomst. De oude vrouw komt op. Zij kent het mysterie van de natuur en kan aan de hand van geur- en smaakloze wilgestokken,  waarzeggen (cfr. Hosea (eerste boek van de twaalf kleine profeten in de Tenach) 4:13 “Op de bergtoppen offeren en op de heuvelen roken zij, onder eik en wilg (Aravah) en terebint (terpentijnboom), omdat daar de schaduw liefelijk is; daarom plegen uw dochters ontucht, bedrijven uw schoondochters overspel”.).  Een rij jonge meisjes met beschilderde gezichten komt op vanaf de rivier. Ze dansen de lentedans en er worden spelletjes gedaan. Er vormen zich twee groepen die zich tegenover elkaar opstellen. De heilige intocht van de wijze oude mannen. De oudste, de meest wijze maar blind,  onderbreekt het lentespel. Hij vangt de warmte van de zonnestralen op. De oude mannen zegenen de aarde.  En dan wordt het plotseling helemaal stil. Dit is het moment dat beslist of de aarde  zal blijven voortbestaan. De wijze kust de aarde. Men  stampt de warme zonnestralen in de aarde om zo doende de lente er opnieuw uit te halen.

-Introduction

De openingsmelodie,  de melodie voor het “Jeu du rapt”, en de melodie van de “Rondes printanières” haalde Stravinsky uit  de bundel volksliedmelodieën “Litouwsche Volkswijzen” (“Melodje ludowe litewskie”) uit 1900, van de Poolse lexicograaf en folklorist Anton Juszkiewicz (1819-1880). In de loop van de compositie worden negen oorspronkelijke volksliedmelodieën verwerkt.

Het thema toont  gelijkenis met de pastorale cantilene uit de epiloog van “Nacht op de kale berg” (“Notsj na lisoj gore”) uit 1867 van  Modest Moessorgski. De componist zelf sprak over “De avond voor Sint Jan op de kale berg” waarmee hij  verwees naar het oude Kupala-feest van Sint-Jansavond, (23 juni, de dag waarop in veel culturen nog altijd de langste dag van het jaar werd gevierd),  het feest dat ook centraal staat in Le Sacre du Printemps:

– Les Augures printaniers – Danse des adolescentes

In deze tweede episode spelen de strijkers de beroemd geworden akkoorden die asymmetrisch geaccentueerd worden. De melodie wordt gespeeld door de hoorn.

– Jeu du rapt 

Energieke en briljante sonnerieën strijden met heftig paukenspel. De melodie is gebaseerd op twee volksliedmelodieën die Stravinsky vond in de verzameling (anthologie) uit 1877 van Rimski-Korsakov (eerste), en een tweede in de volksliedverzameling, uitgegeven door de Keizerlijke geografische Vereniging. De tweede melodie verwerkte Strawinsky ook als “Russkaya” aan het eind van de eerste tableau in Petroesjka

– Rondes printanières  (ABA)

Tremoli in de fluiten, met de melodie in de klarinet worden gevolgd door langzame en statige bewegingen. De rondedansen geïnspireerd door de khorovods of rituele dansen,  eindigen met de herneming van de tremoli in de fluiten en de melodie in de klarinet.

– Jeux des cités rivales   (cfr. Petrouchka)

In deze episode krijgen we twee thema’s. Het eerste thema in de hoorn, het tweede in hobo en klarinetten.

– Cortège du Sage – Adoration de la terre – (Le sage)

Plechtige maar ruwe gerepeteerde motieven in het laconiek koper.

– Danse de la terre

De finale van het eerste deel is vergelijkbaar met de huwelijksdans “Kamarinskaya” uit de gelijknamige orkestfantasie van Michail Glinka (1804-1857) uit 1847. John Field (1782-1837), die Glinka ooit eens drie uur pianoles gaf, heeft de melodie in 1809 verwerkt in zijn “Kamarinskaya, Air Russe Varié”, voor piano.

Het overweldigend ontluiken van de lente zorgde in prehistorisch Rusland bij de natuurvolken voor een algemene euforie. De lente werd daarom geassocieerd met vruchtbaarheid. Door de effecten van de lente op de natuur werd in heidense tijden de lente gevierd met vruchtbaarheidsrituelen. Op de vraag: “Wat was u in Rusland het dierbaarst?”, antwoordde Stravinsky: “Het heftige Russische voorjaar dat in één uur tijd leek te ontluiken en waarbij het was alsof de hele aarde openbarstte.” De lente was metafoor voor vernieuwing en wedergeboorte. Het tijdschrift van de vernieuwende Weense Sezession  heette overigens “Ver Sacrum” (Gewijde Lente).

Seconde partie: Le Sacrifice (oorspronkelijk  Le Grand sacrifice)

De jeugd schrijdt in magische kringen en verheerlijkt de ten offer verkoren maagd. Na de aanroep der voorvaderen en de rituele handelingen tot hun eer, doen allen de sacrale dans, aangevoerd door de verkoren maagd die zich aan haar delirische extase overgeeft tot zij uitgeput sterft. De muziek voor dit ballet is melodisch van een verbijsterende eenvoud: in elk onderdeel komen slechts enkele korte thema’s voor, simpeler dan het kleinste volksliedje, de flarden ervan vaak klakkeloos herhaald.

Haar barbaarse grootsheid dankt zij aan de obsederende ritmen en de schrijnende dissonanten, uiterste consequenties van de voorafgaande werken. Het religieuze uit zich hier als een tremendum, een beven voor het goddelijke, opgeroepen door een overrompelende klank en schokkende, hortende cadansen, die overweldigen of afstompen, naar de aard van de luisteraar.

Deze verheerlijking van de lente bekommert zich niet om tederheid van bloesems, zij gaat op in wild stortende stromen en lawines, in de kiemkracht, die rotsen laat splijten door zaad. Het grote offer. Rustige, meditatieve inleiding. Met mysterieuze danskringen omcirkelen de jongeren de roerloze gestalte van haar die uitgekozen zal worden en aan de Lentezonnegod Jarilo geofferd zal worden. Dan volgt de verheerlijking van de uitverkorene. De geesten der voorouders worden opgeroepen en de Oudsten scharen zich rond de plaats van de sacrale offerdans. De hele nacht spelen de maagden een geheimzinnig spel, waarbij ze zich kringsgewijs voortbewegen. Een van de maagden wordt tot offer gewijd en wordt tot tweemaal toe door het lot aangewezen. Ze wordt twee keer omsloten door de kring van  dansers. Als eerbewijs dansen de maagden voor de uitverkorene een huwelijksdans. Ze roepen de voorvaderen aan en vertrouwen de uitverkorene toe aan de oude wijze mannen. Zij offert zichzelf in het bijzijn van de oude mannen tijdens de heilige offerdans. Met de dodendans van de uitverkorene voltooit zich de Lentewijding.

– Introduction 

Mysterieuze secundewisselingen in de houtblazers met gedempte, gediviseerde strijkers. In de introductie en in de daaropvolgende episode, krijgen we de invloed van Debussy.

– Cercles mystérieux des adolescentes  

Deze episode is gebouwd rond een Slavische melodie in de strijkers. Een crescendo en een accelerando leiden tot de uitbarsting van de verheerlijking van de uitverkorene.

– Glorification de l’Elue 

Dit is het ritmisch hoogtepunt van de compositie. Trompetten spelen een koraalthema, tegenover het pizzicatospel van de violen.

– Evocation des ancêtres

Plechtig aanroepen door de trompetten (fanfare), fagotten

 – Action rituelle des ancêtres

Na opvallende glissandi en arabesken in de Engelse hoorn en de dwarsfluit, met tamboerijn, bereid de trompet de obsessionele trance voor van de ultieme, finale dans.

Danse sacrale (l’Elue)

Met een niet te stuiten pulsatie, de grootst mogelijke diversiteit aan ritmen, verontrustende signalen in de trombones boven chromatisch dalende noten en een laatste volksliedmotief, voert deze dodendans tot de grenzen van sonore beeldvorming. Een snel vervliegend gesis in de dwarsfluit evoceert de volbrenging van het offer.

Veel luisterplezier.