„Wenn Wagner schreibt, dann stolpert er“ (Friedrich Nietzsche)

Ter gelegenheid van het jubileumjaar 2013 ga ik graag verder met het voorstellen en aanprijzen van boeken over Richard Wagner. Wagner voor Dummies, oftewel Wagner für Unkundige, is een bijzonder onderhoudende en originele kennismaking met de bonte wereld van Richard Wagner. Zeker lezen.

„Wenn Wagner schreibt, dann stolpert er“ (Friedrich Nietzsche)

Ter gelegenheid van het jubileumjaar 2013 ga ik graag verder met het voorstellen en aanprijzen van boeken over Richard Wagner. Wagner voor Dummies, oftewel Wagner für Unkundige, is een bijzonder onderhoudende en originele kennismaking met de bonte wereld van Richard Wagner. Zeker lezen.

Het staat bekend dat Wagner zich graag uitliet over vrijwel alle mogelijke aspecten van zijn tijd, vaak heel direct en bruusk, want zijn enige betrachting was altijd, ​​revolutie te ontketenen. Dit merken we vooral in zijn  brieven en geschriften.

De auteur heeft meer dan tachtig  Wagnercitaten gebundeld waarmee hij de lezer meeneemt naar het innerlijk leven van Richard Wagner. Die citaten zijn telkens in een wolkje gevat bovenaan de bladzijde. Die citaten tonen hem bvb. als een culturele en sociale revolutionair (Kultur- und Sozialrevolutionär), als een groot dichter (Der Poet), als een visionair en uitzonderlijke kunstenaar (Der Dampfmaschine), en als een muziekfilosoof (Der Musikphilosoph). Opvallend daarbij is de vaak verrassend hedendaagse relevantie van de citaten.

Met veel humor wijst Josef Lehmkuhl op de 'struikelblokken' in de uitlatingen van Richard Wagner. En dit levert een verrassende  en originele biografie op.

Josef Lehmkuhl verschaft met zijn compilatie van Wagnercitaten  toegang tot de wereld van de componist. De struikelblokken (Stolpersteine) zijn niet bedoeld om te struikelen, integendeel, ze zorgen ervoor dat de niet-ingewijde lezer,  zorgeloos toegang krijgt tot de ingewikkelde geest van Wagner.

Want, om Richard Wagner kan je niet heen. Op de ene of andere manier, is bijna iedereen, ooit met de grote operacomponist in contact gekomen. Hetzij in het kader van het naziregime, dat zijn muziek en zijn kunst  interpreteerde ten gunste van  haar ideologie, hetzij bij het zien van een of andere film, waarin Wagnermuziek voorkomt. Dit soort van  ontmoeting met Wagner is weliswaar niet meteen gewenst. Wagner leren kennen aan de hand van het boek van Josef Lehmkuhl, is veel beter, veel grondiger, en vooral, veel leuker.

Het boek biedt makkelijk toegang tot de wereld van Richard Wagner en is daardoor voor iedereen toegankelijk. Lehmkuhl, eigenlijk een chemicus, richt zich reeds lang en intensief op de persoon van Wagner. Hij heeft reeds meerdere boeken over Wagner geschreven, die ik overigens binnenkort, alle aan U wil voorstellen: „kennst du genau den Ring?“, „Gott und Gral”, (over 'Parsifal) en ‚Der Kunst-Messias‘, waarin Lehmkuhl de geschriften van Wagner verklaart en uitlegt. Lehmkuhl heeft dus een uitgebreide kennis over Wagner. Maar, wat bedoelt Lehmkuhl eigenlijk met Wagner struikelblokken? Wel, eigenlijk bedoelt hij slagzinnen of een soort aforismen, ontleend aan Wagners geschriften en operateksten, die inspireren, die aanzetten om over na te denken, en vragen om  besproken te worden, ongeacht of U ingewijde bent of Dummie. Josef Lehmkuhl haalde de titel van zijn boek bij Nietzsche, die in  “Richard Wagner in Bayreuth”, het vierde deel van zijn Unzeitgemäße Betrachtungen (1873-1876), de zin schreef 'Als Wagner schrijft, dan  struikelt hij', “Wenn Wagner schreibt, dann stolpert er”.

 

De ordening van al deze woordfragmenten brengen  de onderwerpen naar voor die Lehmkuhl vervolgens uitlegt. Deze gaan o.a. over verrassende kenmerken van de componist. Lehmkuhl heeft daarvoor slechts 180 pagina’s nodig. De  citaten  zijn zo treffend  gekozen dat je als lezer, aan het eind van het boek, de indruk krijgt dat je  vrij uitgebreid inzicht hebt gekregen in de magische wereld van Richard Wagner.

Na een tijdstafel of biografie in tabelvorm stelt Lehmkuhl Wagner voor als  culturele en sociale revolutionair. Wagner was, zo benadrukt Lehmkuhl herhaaldelijk, een heethoofd, “ein Heißsporn der schnell aufbrausen konnte”. Zo schreef  de componist  in een brief: “‚Meine Sache ist: Revolution zu machen wo ich hinkomme.‘ Hij wilde aufrütteln, opschudding veroorzaken, en het maakte niet uit waar, wanneer, waarover, met of tegen wie, of ten koste van  wat dan ook. Of het nu door middel was van zijn geschrift “revolutie” uit 1849, of met zijn tekst “Opera en Drama' uit 1851, Richard Wagner wilde alles opnieuw heruitvinden en al het nieuwe uitvinden, “alles neu erfinden und neu machen”. Zijn kennismaking met zijn revolutionaire vrienden August Röckel, Gottfried Semper, Michail Bakunin en George Herwegh, was dan ook niet toevallig. Zijn temperament, dat Lehmkuhl een stoommachine, “ein äußerst explosive  Dampfmaschine” noemt,  speelde in zijn voordeel  en was nuttig bij de verkondiging en verspreiding van zijn ideeën over revolutie in de kunst.

Maar Lehmkuhl wijst de lezer ook op de twijfels die aan Wagner knaagden. Zo beschrijft hij Wagner als een kunstenaar die zich altijd inbeeldde, gevangen te zitten in het defensief van zijn werken. Naast zijn vaak slecht of chagrijnig humeur, kon Wagner ook best aardig zijn, vooral wanneer hij iets of iemand voor zijn kunst kon gebruiken. Lehmkuhl beschrijft hem daarom treffend, de figuur van Jezus persiflerend,  als een 'visser van mensen' die verstrikt geraakte in het net van volgelingen, gunstelingen, weldoeners  en dienaars. Maar Wagner was niet alleen erg thuis  in de muziek. De auteur bespreekt in zijn boek ook de belangrijke rol van Wagner als dichter. De componist was nl. ook  dichter, want Wagners idee van het Gesamtkunstwerk, was inderdaad dat het kunstwerk een huwelijk was van poëzie en muziek, “eine Vermählung von Dichtung und Musik‘. Lehmkuhl illustreert dit met citaten uit de Ring, chronologisch van 'Rheingold' tot Götterdämmerung”, en met zinnen uit Wagners novellen.

Wagner liet zich ook in met  filosofie. In aanvulling op zijn bewondering voor de opvatting van Arthur Schopenhauer, dat muziek een remedie was tegen menselijke problemen (een “Allheilmittel menschlicher Probleme”), werd zijn muziek ook filosofisch, althans in den beginne,  erkend door Friedrich Nietzsche. Hier voert Lehmkuhl   Nietzsches werk, “Richard Wagner in Bayreuth” ten tonele, waarop de componist reageerde met de woorden, “Freund, Ihr Buch ist ungeheuer! Wo haben Sie nur die Erfahrung von mir her?‘ Wagner boog zich in zijn libretti ook over de belangrijkste levensvragen, de „Hauptfragen”. En niet zonder enige ironie, vermeldt Lehmkuhl dat hij, na Wagners opera's gesorteerd te hebben, in elf opera's, wel 2108 vragen heeft geteld. Terecht, want elke rechtgeaarde filosoof weet dat klaar en duidelijk geformuleerde vragen, belangrijker zijn dan vage antwoorden.

Dergelijke anekdotes bepalen het gehele verloop van het boek en maken het overzicht van Wagners struikelblokken onderhoudend. De grappigste anekdote is dat Wagner in 1862, zijn werk aan zijn  'Meistersinger' moest onderbreken, omdat  zijn hond in zijn duim had gebeten. Dit soort anekdotiek over de persoon van Wagner maken van de 'meester' een mens van vlees en bloed, die de lezer, mede ​​door  historische empathie, kan begrijpen. In dit opzicht is het boek van Lehmkuhl  een zeer welkome en aangename afwisseling binnen de gebruikelijke Wagner literatuur, want Lehmkuhl benadert het moeilijk karakter van Wagner met humor en daarmee schetst hij een verrassend gedetailleerd beeld  van de componist, schrijver en dichter.

In welk opzicht, kan U zich afvragen, kan iemand onwetend zijn met betrekking tot Richard Wagner? En wie is deskundig? "Meld (Zeg) nu wat je weet, want je moet toch  iets  weten", spoort ​​Gurnemanz   Parsifal in de eerste akte aan, nadat  deze zich over vele zaken, onwetend toonde. “Wie konntest du sie begehn? Ich wuesste sie nicht. Wo bist du her? Das weiss ich nicht. Wer ist sein Vater? Das weiss ich nicht. Wer sandte dich dieses Weges? Das weiss ich nicht. Dein Name denn? Ich hatte viele, doch weiss ich ihrer keinen mehr. Nun sag'! Nichts weißt du, was ich dich frage; Jetzt meld, was du weißt, denn etwas musst du doch wissen“.

En de lezers van Wagner Stolpersteine, dat als ondertitel "Richard Wagner voor niet-ingewijden" heeft, zullen ook wel iets geweten hebben over Wagner, anders hadden ze dat boek toch niet gekocht? Maar wie zou  zeggen, alles over hem te weten? Zelfs zij die zijn opera's en muziekdrama's goed kennen, kennen daarom zijn theoretische geschriften en  brieven nog niet.

En dat is precies waar het de auteur Josef Lehmkuhl om gaat. Hij is zelf een scheikundige die al zo lang met Wagner van binnen uit leeft en die, zoals eerder gezegd,  al verscheidene boeken over hem heeft gepubliceerd. In zijn Einleitung lezen we dat hij de term "struikelblokken" ziet  als  "deuropeners", als "verenigingskiemen", als „Türöffner und Assoziationskeime“, waarmee hij  Wagners leven, ideeën en filosofieën, wil openstellen en  dichter bij de lezer wil brengen.

En hij slaagt daar opvallend goed in. Als ophanger, meer dan tachtig citaten uit Wagners werken, brieven en geschriften in een wolkje, die hij vervolgens op één tot twee pagina’s uitlegt en  van  commentaar voorziet met af en toe ook eens een knipoog naar het heden. 

Voor de heel 'onwetenden', zijn er de korte samenvattingen van Wagners dertien opera's, incluis “Die Feen” en “Das Liebesverbot”. Voor iedereen die dus niet vertrouwd is met het werk van Richard Wagner  is er niet alleen deze beschrijving van zijn dertien opera’s of muziekdrama’s, maar is er ook een korte biografie met de belangrijkste stadia in het leven van deze uitzonderlijke componist. De Wagner citaten uit zijn werken, geschriften en brieven, zijn thematisch verdeeld over  zeven hoofdstukken.

Na de heel onderhoudende lectuur van dit boek, is de  muziekliefhebber veel wetender geworden, zonder dat hij zich doorheen Wagners theoretische geschriften  en  grote hoeveelheden brieven heeft moeten worstelen. Dit is een prachtboek voor ieder die houdt van Richard Wagner en een godsgeschenk voor wie het nog niet weet.