Amsterdam University Press (AUP) bracht een wel heel bijzonder boek uit. Daarin benadert auteur Natascha Veldhorst het leven en de schilderijen van Vincent Van Gogh vanuit een hoogst originele invalshoek, nl. vanuit zijn relatie in brede betekenis van het woord, tot…muziek. Buitengewoon interessant. Een revelatie!

Gebruik van muzikale termen
Nog nooit werd een boek geschreven over hoe en in welke mate muziek Van Goghs werk heeft beïnvloed. Muziek was in het leven en werk van Van Gogh veel belangrijker dan gedacht, zo stelt Natasha Veldhorst. Muziek was sterk aanwezig in de manier waarop hij over zijn kunst schreef, en zijn idee over wat het wezen van muziek was van grote invloed op zijn manier van schilderen. Natascha Veldhorst beschrijft en analyseert in haar rijk geïllustreerd boek de muziek die Van Gogh hoorde en waarover hij in zijn brieven schreef. Voor haar boek verzamelde Natascha Veldhorst tientallen treffende passages over muziek uit zijn brieven. Toen ze de brieven ging lezen, viel het haar op dat hij heel vaak over muziek sprak. Hij gebruikte overigens ook vaak muzikale termen als hij over zijn eigen of andermans kunst praatte. Zijn serie Zonnebloemen noemde hij een “symfonie in blauw en geel”. Irissen in een vaas waren voor hem harmonisch en zacht. Keer op keer drukte Vincent van Gogh zich in muzikale termen uit over zijn werk, dat hij omschreef als “l’orchestration des couleurs”.
Brieven
In een brief liet Vincent Theo vanuit Arles weten dat hij een serie zonnebloemen wilde schilderen. Niets dan grote zonnebloemen, in totaal twaalf doeken, waarin de felle of gebroken chromaatgelen scherp zullen afsteken tegen verschillende blauwe achtergronden, van het bleekste Veronees tot koningsblauw, zo schreef hij. Het geheel, vervolgde hij, wordt dus een symfonie in blauw en geel. Dit citaat geeft aan dat Van Gogh verwees naar muzikale vormen. Niet altijd, maar toch heel vaak. In tientallen passages bracht Van Gogh muziek ter sprake. Zijn muziekfilosofie valt slechts te destilleren uit de vele verspreide muzikale opmerkingen in zijn brieven. Bovendien is er nog veel meer muziek in Van Goghs brieven te vinden, namen van componisten en talrijke titels en beginregels van composities, van liedjes, psalmen en gezangen, chansons en opera’s, en daarenboven een opvallend tot verrassend gebruik van muzikale metaforen.
Betekenis van muziek
Die aanzienlijke hoeveelheid aan muzikale verwijzingen in zijn brieven deed bij Natasha Veldhorst de vraag rijzen naar wat muziek eigenlijk voor Van Gogh betekende. En in het verlengde daarvan, hoe muziek invloed uitoefende op zijn eigen kunst. Naast Van Goghs brieven heeft Natasha Veldhorst de nalatenschap van de familie onderzocht op muzikale feiten en anekdotes. Met Gauguin, maar ook met Theo en diens vriend Andries Bonger, en met al die andere kunstenaars die in muziek geïnteresseerd waren schrijft ze, moet hij over actuele muzikale kwesties uitvoerig van gedachten hebben gewisseld.
Richard Wagner
Als zoon van een predikant groeide Van Gogh op met muziek. Later maakten psalmen en gezangen uit zijn jeugd plaats voor volksmuziek, chansons en revueliedjes. Een muzikale stap zette hij echter in 1884–1885 door in Eindhoven, bij de organist en dirigent Hein van der Zande, pianoles te nemen. Van Gogh woonde op dat moment bij zijn ouders in Nuenen. Hij wilde onderzoeken hoe tonen en kleuren zich tot elkaar verhouden. Hij kende opera’s van Richard Wagner, die hij hoorde tijdens een concert in Parijs begin 1889. Ergens schreef hij “zozeer voelde ik de verbanden die bestaan tussen onze kleuren en de muziek van Wagner”.
Gevoelig voor geluid
Van Gogh vergeleek zowel collega-kunstenaars als zijn schilders benodigdheden met muziekinstrumenten. Hij noemde een vrouw zonder kind een klok zonder klepel en omschreef bv. zijn Nuenense vriendin Margot Begemann als een verwaarloosde Cremonaviool. Natasha Veldhorst onderzocht zijn fijngevoeligheid voor geluiden in het algemeen en beschrijft de muzikale invloeden die hij onderging, van Wagners drama’s en symfonieën van Beethoven, tot psalmen, gezangen en volksmuziek.
Ut pictura musica
“Schilderkunst moet zijn als muziek”, dat was de titel van het openingsessay van Louis Viardot in het door Charles Blanc in 1859 opgericht tijdschrift La Gazette des Beaux-Arts. Viardots opvattingen over het belang van muziek voor de schilderkunst stemden overeen met die van Blanc zelf die erover schreef in “Grammaire des arts du dessin”, zijn traktaat over schilderkunst dat vanaf april 1860 als serie in het tijdschrift verscheen. In de zomer van 1884, werd het in boekvorm door Van Gogh zorgvuldig bestudeerd.
Muziek vertalen in schilderkunst
Het meest vermetele waagstuk van kunstenaars uit Van Goghs tijd, schrijft Natasha Veldhorst, was hun streven om het ultieme kenmerk van muziek, haar hoogst gewaardeerde eigenschap, de betekenisloosheid, te vertalen naar schilderkunst. John Keats schreef, ‘Heard melodies are sweet, but those unheard are sweeter’. Dit boek gaat over Van Gogh zelf en zijn verhouding tot muziek als Kunstvorm. Zijn schilderijen inspireerden wel 24 componisten, zo lezen we. We kennen wel 61 composities, geïnspireerd door 38 van zijn schilderijen, tot en met Don McLeans “Starry, starry night”.
Symfonieën van kleur
Het boek bestaat uit vier delen, opgebouwd als een Mahleriaanse symfonie. De hoofdstukken 2, 3 en 4 vormen deel I, hoofdstuk 5 en 6 deel II en de hoofdstukken 7, 8 en 9 deel III. De hoofdstuk 1 en 10 vormen een ouverture en een finale. De finale is deel IV. In het eerste deel bespreek de auteur de plaats en functie van muziek in Van Goghs leven en hoe hij sinds zijn jeugd met muziek in aanraking kwam. In hoofdstuk 2, Muziek van huis uit Allegro cantabile, volgt de toenmalige muzikale context, gevolgd door hoe hij in Arles het plaatselijk muziektheater zag (hoofdstuk. 3, Concerten en livemuziek Moderato parlando). Zijn intense leeservaringen en de vorming van zijn idee van muziek worden in hoofdstuk 4 besproken, (Lezen over muziek Andante affettuoso), waarna de auteur in het middendeel van haar boek aandacht besteedt aan geluid in het algemeen en vogelgeluid dat hem terug naar het land van zijn jeugd voerde (hoofdstuk 5, Vogelgeluiden Presto con brio). Stemgeluid en zijn zintuiglijke gevoeligheid groeide na verloop van tijd uit tot een artistiek ideaal, beschrijft ze in hoofdstuk 6, Alle zintuigen Scherzo stringendo. Het derde deel gaat over de betekenis van muziek voor Van Goghs kunst.
Verf en geluid
Hij probeerde met verf geluid op te roepen door eerder aandacht te besteden aan beeldmiddelen (kleuren, lijnen, vormen) in plaats van aan de voorstelling, lezen we in hoofdstuk 7, Muzikaal schilderen Vivace con colore. Muziek stond voor het gedeeltelijk losraken van de werkelijkheid, voor de geïnspireerde, bevlogen staat van de kunstenaar tijdens het scheppen (Droom en werkelijkheid Adagio con espressione, hoofdstuk 8). Troost bieden aan de mensheid was een niet te missen factor in zijn kunstopvatting, schrijft Natasha Veldhorst in De troost van muziek Largo morendo (hoofdstuk 9). Het woord symfonie krijgt alle aandacht in hoofdstuk 10, Symfonieën van kleur, Finale gialla (Italiaans voor geel).
Troost
“In een schilderij zou ik iets troostends willen zeggen zoals muziek”, schreef Van Gogh in 1888 in een brief aan zijn broer Theo. “Hij was van jongs af aan opgevoed met het idee dat muziek een kunstvorm is die mensen troost kan bieden. Dat werd precies zijn eigen doel in de kunst. Hij wilde de mensheid troost bieden met zijn schilderijen en tekeningen, zo stelt Veldhorst
Synesthesie en het laatste geluid
Van Gogh wilde dat zijn schilderijen verder gingen dan het visuele. De beschouwer moest het schilderij niet alleen zien, maar als het ware ook synesthetisch horen of ruiken. Colour for Van Gogh was a kind of noise, schreef Gombrich. Van Gogh meende dat het hem een aantal keer gelukt was dat muzikaal ideaal te benaderen. Zoals bij het schilderij La Berceuse, een vrouw die een wiegeliedje zingt. Over dat schilderij zei hij, “wellicht schuilt er een poging tot een melodietje in de kleuren”. Van Gogh was gefascineerd door geluiden. Het pistoolschot was één van de laatste geluiden die hij hoorde. Een prachtboek!