We doen het zo nu en dan, een dubbele recensie over een concert, cd, opera of in dit geval een boek. Waarom? Omdat iedereen anders luistert, ziet, leest. Zo krijgt het verhaal in het boek waar het hier over gaat ook ‘zijn’ verhaal. Roger Creyf aan het woord.

Wie haalt het in zijn hoofd om een theorie te ontwerpen die wil verklaren waarom de polyfonie geboren is in een welbegrensde streek die we gemakshalve het uitgebreide Frans Vlaanderen kunnen noemen? Dat kan en doet alleen iemand die een fijn oor heeft voor klanken en een scherp oog voor kleur, die niet alleen kijkt maar ook luistert  naar het landschap. Plus een flinke dosis verbeelding en vooral lef.

Lef, dat heeft Paul Van Nevel in elk geval. Je moét dat wel hebben als je een ensemble leidt, het Huelgas, dat wereldwijd aan de top staat inzake uitvoering van die toch heel speciale muziek. Vele van die componisten – de “Franco-Flamands” – kwamen inderdaad uit die streek, in het boek zo prachtig in beeld gebracht door fotograaf Luc Van Eeckhout.

Hoe kom je er bij ?  Het gebeurde tussen pot en pint. Lang geleden, in het  Leuvens café Den Appel. Daar sprak de schrijver met de fotograaf hoe ze zijn theorie   zouden kunnen bewijzen. Maar hoe geraak je aan bewijsmateriaal ? Door het te tonen, natuurlijk. Over de jaren heen verzamelden de twee op gezamenlijke uitstapjes naar die “geboortestreek” een resem landschappen als bewijsmateriaal voor de theorie. Heel eenvoudig samengevat: in die streek waar werkelijk niks te beleven valt, alles vaak grijs en grauw bleef, wazige landschappen met nauwelijks een heuvelrug, afgewisseld met beekvalleitjes, word je als kind met een mooie stem aan dat eentonige landleven onttrokken en geronseld om koorknaap te worden in een van de  steedse kathedraalscholen. Je leert er niet alleen zingen en wordt er een echte zanger, maar je leert ook meteen de knepen van het compositievak. En je composities kunnen niet anders dan verankerd blijven in dat landschap.

Paul Van Nevel haalt die gedachte bij Tom Lemaire en zijn ‘Filosofie van het landschap’: “Wat iemand in zijn kindertijd meemaakt, blijft fundamenteel zijn invloed uitoefenen”. En wat hebben ze als kind meegemaakt? Dat landschap,  dat eindeloze door een venster kijken tot aan de eindige horizon: die zich blijvend herhalende dagkrans van ochtendgloren en avondrood. De ‘Franco-Flamands’,  zoals Van Nevel ze consequent noemt, componeren de tijd uit  hun  kinderleven.   De rust van de afgemeten tijd, de mensurale muziek. Imitatie, een kernwoord van  de polyfonie. Perfectie bereikt met herhaling: één stem zet in, een andere antwoordt, de rest zijn schitterende boventonen. Daar waren die polyfonisten meester in: die  landschapsmelancholie vatten in een muzikale stijl.

Toen in de jaren tachtig Van Nevel geïntrigeerd raakte door het muzikale landschap van de polyfonisten wou hij ook hun voedingsbodem leren kennen en begon hij ook letterlijk hun landschap te doorkruisen. En hij vond een compagnon de route om dat landschap vast te leggen. De eerste foto’s dateren uit 1993. Luk Van Eeckhout, huisfotograaf van het Huelgas Ensemble: “In het begin gingen we drie, vier keer per jaar. Maar dan is dat wat stilgevallen. Te druk, te veel concerten. En hij zei me: het boek komt er, ooit ! En inderdaad, het is er. Duizenden foto’s hadden we.  Ik hield nogal van zwart/wit. Maar Paul zag  meer, hij zag tonen, tonen van kleur,  zachte kleuren en harde tinten, van de luchten, koud overdag, warm ’s avonds.   En hij kon me overtuigen. Onze tochten waren echte ontdekkingsreizen, zandige veldweg in, slijkerige holle weg uit.” Aan geen enkele foto is een retouche aangebracht. Zelfs niet op de sierlijke cover van het boek die ons van ver een mistig beeld laat zien van de stad Doornik met natuurlijk het silhouet van de kathedraal. Ze zochten een uitgever en vonden vorig jaar Lannoo die bereid was om te luisteren naar voor hun vraag om toch zeker te letten op de kwaliteit van het papier. En die is er! Naast de foto’s zijn er immers ook afdrukken van een eigentijdse bron, gouaches uit de Albums de Croÿ, over de thuisstreek van de ‘Franco-Flamands’. Doorheen het boek ook stukjes partituur, heel toegankelijk voor de leek zegt  Paul Van Nevel: “Je moet er geen muziek kunnen voor lezen, het zijn tenslotte golvende lijnen, glooiingen omgezet in muziek, grafische weergave van het landschap in muzieknotaties, het gaat van boven naar beneden en andersom en opnieuw, kortom polyfone landschappen.”

Onder het devies van een anonieme schrijver uit de 15de eeuw “nooit heb ik iets gelijkaardigs gezien” bevat het grootste gedeelte van dit boek een beschrijving van die landschappen uit het Scheldebekken, de valleitjes van de Lys (de Leie) en brede omgeving  én van de leefwereld uit de kindertijd  van die polyfonisten. Tussendoor bulkt het van kennis en wetenswaardigheden over zijn geliefde componisten: eruditie ten top. Heel het boek door blijft het aandoenlijk als je bij de legende van de foto’s leest “Omgeving Montay, goed vier uur gaans en oosten van Kamerijk. 29 maart 2001, 14.35u”. Een pelgrimstocht van jaren was het. In een laatste deel, een gegevenslijst over 238 (!) Franco-Flamands  én – heel interessant om lezen – geografische plaatsnamen met hun historisch Nederlands of Frans equivalent.

Bij het boek hoort dan ook een CD met werk van o.a. Dufay, Ockeghem en Desprez als “bewijsmateriaal” voor zijn stelling. Uitgevoerd door zijn Huelgas Ensemble.   Wat deed nu dat polyfone landschap met zijn persoonlijk landschap? “Ik ben veel  rustiger geworden dan vroeger, ik neem veel meer tijd voor alles. Ik doe liever veel minder, maar veel intenser dan vroeger. Ik denk dat dit het belangrijkste gevolg is van er zolang mee bezig te zijn.”


  • WAT: Boek Het landschap van de Polyfonisten
  • AUTEUR & FOTOGRAAF: Paul Van Nevel en Luk Van Eeckhout, voorwoord Bart Demuyt
  • UITGEVERIJ: Lannoo, ISBN 978 94 014 5399 8
  • WEBSITE: Het landschap van de polyfonisten