Ballet Vlaanderen krijgt primeur: voor het eerst mag deze moderne en vernieuwende klassieker uitgevoerd worden door een ander gezelschap dan het Monegaskische huis.

Faust is ontsproten aan het brein van de Duitse auteur Johann Wolfgang Goethe. Het verhaal is geïnspireerd op de 16de-eeuwse alchemist en bedrijver van zwarte magie, Johann Faust, een ambitieuze geleerde die in ruil voor onbeperkte kennis en wereldse geneugten, zijn ziel aan de duivel (Mefistofeles) verkocht en de van deze persoon afgeleide Faustlegende.

Goethe kon zich moeilijk vinden in de klassieke en christelijke leer en hield er voor die tijd een onconventionele denkwijze op na. Het faustmotief heeft zich in de loop der eeuwen ontwikkeld tot een belangrijk motief in de Westerse literatuur en leverde veel literaire, artistieke, filmische en muzikale werken op. Het adjectief ‘Faustian’ impliceert een situatie waarin een ambitieus persoon, wars van alle integriteit zijn doel wil bereiken in zijn zoektocht naar kennis en inzichten en daarbij de grens overschrijdt.

Maurice Béjart, zoon van de filosoof Gaston Berger, verdiepte zich graag in spiritualiteit, religies en filosofie. Met die bagage creëerde hij in 1964 het ballet Faust op muziek van Hector Berlioz, waarin de ambivalente geest van de mens centraal staat. Choreograaf Jean-Christophe Maillot waagde zich enkele decennia later ook aan deze moeilijke en intrigerende thematiek, maar koos voor Eine Faust Symfonie van Franz Liszt en zijn broer, Bertrand Maillot, componeerde nog een extra inleiding. Het werk wordt live uitgevoerd door het Antwerp Sympony Orchestra onder leiding van Dominic Grier.

Choreograaf Jean-Christophe Maillot

Jean-Christophe Maillot is de huidige artistiek directeur van Les Ballets de Monte-Carlo, een naam met weerklank in de danswereld. Hij heeft ruim tachtig werken op zijn naam staan: van grote verhalende balletten tot kortere choreografieën. Een rijk oeuvre dat de diversiteit maar ook de traditie van de dans omarmt. Zijn balletten worden wereldwijd door de belangrijkste huizen uitgevoerd. Met het avondvullende ballet Faust uit 2008 bracht Jean-Christophe Maillot niet enkel een eerbetoon aan Maurice Béjart, hij won er dat jaar ook de prestigieuze Prix Benois de la danse voor beste choreografie mee. Het ballet werd meteen een van de visitekaartjes van Les Ballets de Monte-Carlo. Choreograaf Jean-Christophe Maillot ontving recent de Life Time Achievement Award een van de meest prestigieuze prijzen binnen de klassieke balletwereld voor zijn omvangrijke carrière. Zijn werk laat telkens een unieke mix van showmanschap zien, oprechtheid en artistieke virtuositeit.

Ballet Faust

In de ​Faust-Symphonie van Liszt vinden we, net als bij Goethe, drie hoofdpersonages: Mephistofeles, Faust en Marguerite. Maillot voegde daar een vierde figuur aan toe: de Dood, voor wie hij een visuele identiteit creëert. Een zwarte androgyne figuur met sierlijke lange vingers als tentakels. Een intrigerend personage. Hij creëerde die rol op maat van de Belgische sterdanseres ​Bernice Coppieters​, die haar wereldcarrière in Antwerpen begon. In 1991 trok ze naar Les Ballets de Monte-Carlo onder de artistieke leiding van Jean-Christophe Maillot. De ontmoeting mondde uit in een artistiek partnership dat meer dan twintig jaar zou duren. Nu stond ze in voor de instudering bij Ballet Vlaanderen. Hier vertolkt ​Drew Jacoby alternerend met Nini de Vet deze fascinerende rol, principal Nancy Osbaldeston danst afwisselend met Juliet Bernett de rol van Marguerite, Faust is een kolfje naar de hand van principal Wim Vanlessen en Claudio Cangialosie en Méphistofeles: Sébastien Tassin.

Enscenering

Bij de openingscène is een gigantische zandloper te zien. De tijd die als zand tussen onze vingers wegglipt. Ook het frêle silhouet van een lieftallig meisje. Hebben we nog een zee van tijd, of wordt de tijd die ons rest martelend subjectief? Bertrand Maillot componeerde een huiveringwekkende sound voor de openingsscène, imponerend en dreigend. De Dood schrijdt in diagonaal traag over de scène. Niet de man met de zeis, maar een mysterieuze figuur. Gehijg weerklinkt, als de hete adem van de Dood in de nek van elke sterveling. Het geluid transformeert geleidelijk aan in een combinatie van elektronische klanken en flarden van de symfonische partituur van Liszt. Een achttal mannen dansen twee aan twee, als de koppeling van geest en lichaam, bewegen in gecoördineerde structuren. Ze worden belaagd door duivels, aangevoerd door Mephistofeles. Deze deinzen even terug voor de naderende Dood, maar hun inborst om mensen in hun macht te krijgen haalt de bovenhand. De dansers puren als het ware de vibratie uit de muziek. De belichting is fenomenaal: verandert constant in kringen, vierkanten, trapeziums die de handeling centreren. De duivels benaderen de mannen, trekken de koppels, een twee-eenheid uit elkaar. De verlokkingen van Mephistofeles zijn eerst schrikbarend voor Faust, maar het vooruitzicht van macht en genot zijn te groot. De eeuwige tweespalt tussen goed en kwaad. De Duivel, inhalig en manipulerend, haalt er zelfs een reuzengrote troon bij, als symbool van macht en al snel komt er een barst in de weerstand. Faust zwicht. Later zal hem de rekening gepresenteerd worden. De hemel op aarde wordt Faust gepresenteerd. Hij mag kiezen uit een keure mooie lieftallige meisjes, gekleed in ragfijne jurkjes met vooraan een kruis op als teken van hun maagdelijkheid. Faust begeert Marguerite.

In het tweede deel gebeurt het onvermijdelijke. Links hangt een boom ondersteboven met een appel aan de uiterste tak. Het Aards Paradijs revisited. Een surrealistisch beeld dat werken van Magritte of Dali oproept. Margeurite is er zeer door gebiologeerd. Op het moment dat ze de appel wil plukken gaat de boom wat de hoogte in. Onbereikbaar. Het noodlot, de vloek van Adam en Eva wordt even uitgesteld. Rechts staat een reuzenhoog kruis, de spirituele grondslag van goed en kwaad, met een bed er onder. Wat in deze voorstelling zo mooi is, is de afwisseling tussen groepsscènes en het spel tussen twee centrale figuren op die immense scène: Faust en Mephistofeles, Faust en Marguerite of Marguerite en de Dood. Toch staan ze nooit verloren in de ruimte omdat hun spel zo intens en boeiend is. Mephistofeles brengt met zevenmijlssprongen Faust bij de actie of voert er hem van weg, net of hij meester is van tijd en ruimte. De detaillering is verbazingwekkend. De Dood is een permanente metgezel, regisseert van ver af ons doen en laten. Marguerite zit op het bed en de Dood staat centraal op de scène. De Dood geeft bewegingen aan die als elektroden in golven door de ruimte van de ene persoon op de andere overgaan. Als een marionet wordt Marguerite bespeeld. Of anders observeert de Dood, ze staat er zelfbewust en sensueel bij, het ene been licht gebogen, haar bovenlichaam lichtjes gedraaid, een arm in de zij. Verleidelijk als een diva, om wanneer de tijd rijp is toe te slaan, dodelijk als de zwarte weduwe. Dan gebeurt het onvermijdelijke. Opgetild door Faust wil Marguerite de appel plukken. Ze komen net tien centimeter te kort en dan schiet Mephistofeles ter hulp en tilt beide op. De appel is geplukt. Het onvermijdelijk is geschied. Hier kantelt de voorstelling. Faust en Marguerite dollen als verliefde tieners over de scène, de Dood en Mefisthofeles dansen in euforische paralelle bewegingen. De Dood en Mefistofeles meten hun macht: zijn soms rivalen, dan weer kompanen. Marguerite raakt zwanger. Het kruis ligt gevallen tegen de fond. Een radeloze Marguerite verliest haar ongeboren kind. Het hele kruis kleurt als in een vloedgolf rood, ook het kruis op haar kleed.

Als het doek opgaat voor het derde deel staat centraal een witte rechthoekige tafel en aan de twee zijkanten staan rijen wiite stoelen in gelid opgesteld. Waar hebben we dat nog gezien? Er zijn meerdere aanknopingspunten: de Bolero van Ravel, tijdens de actie ook beelden uit Cabaret. We zijn in een huis van plezier aanbeland. Een orgastisch feest ontrolt zich voor de ogen van de toeschouwer: er wordt gecopuleerd dat het een lieve lust is in alle mogelijke variaties: koppeltjes bedrijven de liefde, groepsseks, anale seks. Een demonische scène waarin duivels en mensen hun lust botvieren in een hedonistisch tafereel. De Dood zuigt mond aan mond het leven uit Faust. De schuld is ingelost. De voorstelling eindigt met een iconisch beeld. Er daalt een metershoge lichtende ladder naar beneden en de Dood klimt langzaam omhoog: Stairway to Heaven. Taak volbracht. De Dood heeft altijd het laatste woord.

Maillot beperkt zich niet tot één stijl. Deze choreografie is een dialoog waarin traditioneel pointe werk en avant-garde met elkaar interageren met daarbovenop sterke acteerprestaties. Briljant en rijk gestoffeerd over de hele lijn.

Faust’ een straffe, duivelsknappe, intellectuele en dansante voorstelling. De second cast hield het publiek twee uur lang in de ban met dit indrukwekkende chef-d‘oeuvre, en werd beloond met een minutenlange staande ovatie. De hoofdcast met Wim Vanlessen als Faust en Nancy Osbaldeston als Marguerite zal misschien nog een intensere en genuanceerde interpretatie geven van hun personage, maar het verschil zal miniem zijn. Met dit ballet, waarin niet alleen unieke en veeleisende rollen weggelegd zijn voor solisten, maar ook de hele compagnie kan tonen wat ze waard is, bewijst Ballet Vlaanderen eens te meer het niveau van uitmuntendheid.


  • WAT: Ballet Faust van Jean-Christophe Maillot op muziek van Franz Liszt
  • WIE: Ballet Vlaanderen, Antwerp Sympony Orchestra o.l.v. Dominic Grier
  • WAAR & WANNEER: Stadsschouwburg Antwerpen, 20 tot 28 januari 2018