Over een 19de-eeuwse saxofoonklas in Brussel en een hedendaags Belgisch koor van saxofoons

Het was een toevalstreffer. De dag dat ik ter bespreking een boek ontving over de geschiedenis van de 19de-eeuwse muziekklas van het Brusselse conservatorium kreeg ik ook een uitnodiging om in Tour & Taxis de video-opname bij te wonen van de eerste CD die het Belgian Saxophone Choir-BSC in mei wil lanceren.

Ook vandaag dus nog volop interesse voor een instrument dat “onze” Adolphe Sax meer dan anderhalve eeuw geleden “uitvond” en aan de lopende band begon te produceren in zijn Parijse instrumentenfabriek. In eigen land had de muzikale wereld er blijkbaar weinig in gezien.

Toch ging er in 1867 in het Brusselse Conservatorium een “saxofoonklas” van start. Het is de geschiedenis van deze klas die Kurt Bertels behandelt. Er klonk daar “Een ongehoord geluid”. Dat is dan ook de titel van het boek. Het is de scriptie waarmee de auteur zijn doctoraat in de kunsten behaalde aan de VUB. Het is een boek van een wetenschapper maar ook van een praktijkman, van een gerenommeerd saxofonist. En dat staat borg voor een grondig én inlevend verhaal over die fascinerend periode: de ontdekking van een nieuw instrument, hoe en door wie het gerodeerd en geïnstitutionaliseerd geraakte en welke componisten er brood inzagen. In de context van de oude muziek is het evident geworden maar hier klinkt het misschien wat raar: de auteur gaat ook op zoek naar wat voor de saxofoon een “historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk” kan betekenen. Hij beschrijft uitgebreid hoe dit concept vorm kreeg in de vorige eeuw en hoe ook hij er lering uit trok om dit begrippenkader te kunnen toepassen op dat 19e-eeuwse saxofoonrepertoire.

De 19de-eeuwse saxofoonklas van het Brussels Conservatorium

Van 1867 tot het stop zetten van die klas in 1904, speelde het Brussels Conservatorium een pioniersrol daar in ook bijgestaan door de stichting van de Muziekkapel der Gidsen. Een uitdrukkelijke wens van Leopold I die danig onder de indruk gekomen was van de muziekkapellen aan de verschillende koninklijke hoven. Hij stelde zijn eigen kapelmeester Valentin Bender aan als verantwoordelijke. En die Bender was leraar geweest van Adolphe Sax. Geen wonder dus dat hij de instrumenten die zijn prima leerling later uitvond in zijn militaire muziekkapel introduceerde. Het is in die context dat de vraag rees om een saxofoonklas toe te voegen aan het curriculum van het Brussels Conservatorium.  Volgt een gedetailleerde beschrijving over het werk van Nazaire Beeckman en Charles Gustave Poncelet, de twee eerste saxofoonleraars van het Brussels Conservatorium (overigens allebei klarinettisten aan de militaire muziekkapel), over hun leerlingen, hun didactische methoden én hun composities. Het saxofoonoeuvre van Beeckman gaat in het boek onder de bevragende titel: ‘Brusselse salonmuziek?’ Dat over het werk van Paul Gilson krijgt als titel “Vader van het saxofoonconcerto”. Hij schreef als niet-saxofonist, het allereerste “concerto” ter wereld waarbij inderdaad de sax wedijvert met de rest van een symfonisch orkest.  Het betekende de professionalisering van de saxofoon als solo-instrument.  Bertels vertelt heel boeiend over de herontdekking van de autograaf van dit concerto, waardoor dat stuk pas vorig jaar in zijn originele versie kon opgenomen worden.  Een wereldpremière. Gilson componeerde overigens nog een tweede saxofoonconcerto. Ook dat was technisch virtuoos.

Zoekend naar een historische geïnformeerde saxofoonpraktijk

Aan dit historische verhaal voegt Kurt Bertels een artistieke reflectie toe. Het vormt een apart hoofdstuk “toegepaste musicologie” en gaat over de muziekpraktijk. En ook daarin is de auteur gedreven en bedreven. Hoe kan het anders als je zelf van jongs af aan saxofoon speelt. En om die historische uitvoeringspraktijk te bestuderen leerde hij zelf op zo’n oude altsaxofoon ‘Buffet-Crampon’ spelen, een prachtig exemplaar uit 1898, zocht bijpassende mondstukken en ging op zoek naar historische opnames, bestudeerde de toenmalige gebruiken qua speelhoudingen, vingerzettingen, stemtoonstandaard, vibrato… het maakt allemaal deel uit van zijn “saxologisch onderzoek naar een historisch geïnformeerde uitvoeringsprakrijk.” Zonder meer een goudmijn aan informatie vind je hier. Toch zocht hij niet naar dé waarheid maar naar de mogelijkheid om dat klankidioom en die praktijk te reconstrueren, mét aandacht ook voor dat vroeger repertoire. Het was een leerproces dat resulteerde in twee CD’s : The Saxophone in 19th Century Brussels en Works for Saxophone and Orchestra by Paul Gilson vorig jaar uitgegeven bij Etcetera Records.

Je kan alleen bewondering hebben voor niet alleen de wetenschapper in Kurt Bertels maar ook voor de uitvoerend kunstenaar die dit werk aanvatte en voltooide “uit artistieke innerlijke noodzaak.”

Het Belgian Saxophone Choir-BSC

Nog iemand die bewondering koestert voor Kurt Bertels is Wouter Versavel, saxofonist, verantwoordelijke artistieke leiding en dirigent van het Belgian Saxophone Choir-BSC. Hij kwam Kurt Bertels voor het eerst tegen op de trein en de hele rit lang is over niets anders gepraat dan over de saxofoon. “Ik was enorm onder de indruk. En dat was nog voor hij zijn doctoraat schreef. Het is een persoon met een visie. Heel helder in zijn ideeën. Hij heeft heel dat Belgische saxofoonverhaal boven water gehaald en die gedachte van de historische uitvoeringspraktijk ook op de saxofoon losgelaten. Niemand heeft dat ooit eerder gedaan, tot en met die nieuwe opnames met het Symfonie Orkest Vlaanderen. Wij spelen echter met alleen met moderne instrumenten en brengen het klassieke en hedendaagse repertoire.

Het 19e -eeuwse saxofoon oeuvre van Paul Gilson is prachtig, maar ik als beginnend dirigent wil zo graag de grote klassieke componisten leren ontdekken en ik doe dat door arrangementen en transcripties voor het BSC te schrijven van die bekende werken van Dvorak, Strauss, Wagner. En dat is een enorme uitdaging voor ons, om ons dat repertoire eigen te maken. Iedereen kent de Siegfried Idylle maar dat horen spelen met heel dat gamma aan instrumenten van Adolphe Sax, met al die diverse timbres van al onze saxofoons, dat brengt toch wel een wonderlijke kleur.”

Het Belgian Saxophone Choir-BSC is een jong ensemble van voornamelijk studenten én afgestudeerden (tussen 20 en 30) dat wil groeien en bloeien. Het organiseert regelmatig audities voor hun “doorstroomensemble”. Zo willen ze ook internationaal het saxofoonlandschap verruimen en stimuleren. Na een eerste concert in 2019 in Antwerpen en enkele andere projecten, staat er nu voor het eerst een CD-project op stapel, “Serenade”. Omwille van de huidige corona-maatregelen, gaan ze dat programma al op 15 mei streamen. Ik ontmoette hen toen ze met hun veertien in de prachtig vernieuwde hallen van de Brusselse Gare Maritime van Tour & Taxis video-opnames maakten voor die eerste CD. De nieuwfrisse en groene omgeving van de hallen moet die video én de saxofonisten een jonge en open uitstraling geven en dat past hen perfect. Hier geen historische instrumenten maar glimmend moderne saxofoons.

Hun artistiek leider en dirigent Wouter Versavel, nu 25, begon ooit met klassieke gitaar, maar toen hij op een keer een noot uit een saxofoon blies, dat instrument mocht vastpakken, was hij zo gefascineerd door die klank en verliefd op dat prachtig “gouden” instrument dat de switch gauw gemaakt was. Hij volgt nu nog in het Lemmensinstituut orkestdirectie. Hoe ze het doen? Het BSC kan blijven bestaan mede dankzij de steun van de Vlaamse overheid, de Nationale Loterij en sponsors van de grote merken uit hun branche zoals o.a. de Parijse saxofoonfabrikant Selmer en D’Addario, een fabrikant van rieten en ander toebehoren.

Het is Dries Meerts, verantwoordelijk voor de zakelijke leiding die het gezelschap financieel en organisatorisch drijvend moet houden. Want hij is tenslotte ook medeoprichter van het gezelschap. Enkele jaren geleden, aan het begin van zijn studie aan het Conservatorium Antwerpen beklaagde hij er zich samen met collega Andrea Van Acker over dat er tussen de studenten klassieke saxofoon aan de verschillende conservatoria zo weinig contact was. En daaraan wilden ze verhelpen. We worden tenslotte ooit toekomstige collega’s en het is beter mekaar te stimuleren dan te beconcurreren, dachten ze. En zo gebeurde, een centraal punt creëren waar ze mekaar kunnen vinden en musiceren. Niet onmiddellijk een “nationaal saxofoon orkest” maar dan toch een Belgisch saxofoonensemble.

Op 15 mei om 20u kan je hen online met hun nieuwe CD “Serenade“ bezig horen. Hou hun website en de sociale media in ’t oog en klik ten gepaste tijde op de link. Je zal verbaasd zijn.


  • WAT: Kurt Bertels, “Een ongehoord geluid. De saxofoonklas van het Koninklijk Conservatorium Brussel tussen 1868 en 1904”, VUB Press, Academic Scientific Publishers, Brussel, 2020
  • WAT: Belgian Saxophone Choir, artistieke leiding Wouter Versavel, zakelijke leiding Dries Meerts
  • WAAR: video opname en foto shoot in de Gare Maritime, Thurn &  Taxis, Brussel, 16 april 2021 voor CD-opname van “Serenade”. Release in mei, streaming op 15 mei 2021
  • WEBSITE: Belgian Saxophone Choir 
  • FOTO’S: Glare Agency, Aulos, VUB Press

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: