Voor de 15de keer kwamen studenten van de Yale Guild of Carillonneurs afgezakt naar het beiaardcentrum van de wereld, Mechelen. De eerste keer dat dit gebeurde, was in maart 1987. Met drie auto’s haalden we (ja, ik was er bij) hen op en het was de start van een nooit geofficialiseerd, maar daarom niet minder nauw contact tussen de Koninklijke Beiaardschool en deze studentengilde.

Het is op zijn minst ongewoon, kan je wel stellen, dat een studentenvereniging die studenten met eenzelfde interesse en passie samenbrengt en trouw om de twee jaar afreist naar Europa en meer bepaald naar de Lage Landen met als kern Mechelen om er ‘de beiaard’ beter te gaan leren kennen.

De studenten volgen allemaal andere richtingen in Yale, van chemicus over wiskundige tot architect en noem maar op. Samen delen ze een passie voor een instrument dat ze meestal niet kenden voor ze aan die universiteit kwamen studeren. In de toren van het universiteitsgebouw bevindt zich een zeer mooie zwaardere beiaard die dagelijks bespeeld wordt, anderhalf uur lang, door studenten die als hobby elkaar het beiaardspel aanleren. Een aantal kan al muziek, maar dat is niet voor allemaal zo. In 1987 ontstond er contact tussen Marc Van Eyck (toen preases van Campana, studentenvereniging van de Koninklijke Beiaardschool in Mechelen) en Christina Anderson die de Yale Guild of Carillonneurs leidde. Het kwam tot een bezoek aan Mechelen en andere beiaardsteden in eigen land maar ook in Nederland en Frans-Vlaanderen, zeg maar de oude Nederlanden waar de beiaard historisch gemeen goed was en is.

Een jaar later trok een groepje beiaardstudenten van Mechelen naar Yale, weer een jaar later kwamen opnieuw leden van de Guild naar Mechelen en dat laatste herhaalde zich, tot nu en allicht nog in de komende tijden, om de twee jaar. Het tegenbezoek van Mechelen is er niet echt meer gekomen, maar dat heeft allicht te maken met het feit dat de beiaardschool een klein instituut is, waarvan de studenten soms al een dagtaak en gezin hebben en dat er geen fondsen zijn die zo’n reis kunnen bekostigen. Anderzijds wordt er in Yale niet echt beiaardonderricht gegeven, is het een zeer spontaan gebeuren en is de hunker om de bakermat van de beiaard te bezoeken en bij die gelegenheid meestercursussen te volgen, groot.

Het 15de bezoek in die 30 jaar was meteen het bezoek van de grootste groep: 21 studenten, jawel. We konden een dagje mee de meestercursussen volgen in de Mechelse Beiaardschool en we mochten mee aanschuiven aan de dis om die mooie Mechelse dagen af te ronden. Ja, een muziekjournalist van het grootste webmagazine voor de Lage Landen? Dat vonden ze een eer en ik? Ik herleefde een heleboel herinneringen aan zeer mooie belevenissen en een hart dat ooit op hol sloeg daar in het verre Yale over die grote plas. Alleen viste ik naast die muze en zo zie je maar.

Het interessante is vast te stellen hoe intens er les wordt gegeven tijdens zo’n meestercursus. Dat het nu gaat om een les beiaard spelen of harmonie of improvisatie. Je ziet hoe de leraar opgaat in de kleinste details die van groot belang zijn voor de verdere muzikale en technische ontwikkeling van de student. Die student volgt met een ontzettend scherpe aandacht en absorbeert als een spons alle meegegeven informatie want ja, morgen kan hij niet even de vinger opsteken tijdens de les en vragen: “Wilt u even herhalen meester?”.

Zeer deskundig gaf stadsbeiaardier en docent aan de KBS (Koninklijke Beiaardschool) Eddy Mariën les op de grote beiaard van de Sint-Romboutstoren. Hij was er zelf van verbaasd te horen, tijdens het slotconcert waar elk lid van de gilde een stukje speelde, dat er niet één detail dat hij aanleerde verloren was gegaan, wel integendeel, het werd al toegepast. Zo was het ook met de lessen beiaard die Elena Sadina, Dina Verheyden en voor de gelegenheid ook Richart de Waardt gaven, de harmonielessen door Erik Vandevoort en de tips om goed te improviseren die Tom Van Peer zijn studenten meegaf.

Een heerlijke losse sfeer van boeiende jonge mensen die zeer voldaan genoten in groot enthousiasme van al dat nieuwe, dat ‘echte’ dat ze in de schoot geworpen kregen, deed mij op mijn beurt genieten. Het afronden van deze leerrijke en wel luidende dagen bij een onverwachte reeks gevarieerd aangeboden tapas in een Portugees restaurantje onder de toren, maakte het geheel af. En ik? Ja, ik dacht nog eens even aan toen, nostalgie en herinneringen aan iets meer dan de beiaard. Potdorie, 30 jaar geleden al?


  • WAT: Bezoek Yale Guild of Carillonneurs aan de Koninklijke Beiaardschool Mechelen
  • WAAR & WANNEER: Mechelen, 14 & 15 maart 2017
  • Foto’s: © Klassiek Centraal